Kyrill op 18 januari 2007 was een van de zwaarste stormen van de laatste jaren (foto: Jacob Kuiper, WPI/KNMI)
Zware windstoten zijn rukwinden van meer dan 75 km/u en bij zeer zware windstoten zijn windsnelheden mogelijk van meer dan 100 km/u. Windstoten kunnen het hele jaar voorkomen, 's winters zeker bij storm en het hele jaar door vooral tijdens onweersbuien.

De snelheid van de zwaarste windstoten is meestal circa anderhalf keer zo groot als de maximale uurgemiddelde windsnelheid. In de afgelopen ruim honderd jaar kwamen in ons land zeker tien stormen voor met zeer zware windstoten rond 150 km/u. Meestal in de winter, maar soms ook midden in de zomer.

Op 27 augustus 1912 woedde langs onze kust de zwaarste zomerstorm: windkracht 10 en windstoten tot 148 km/u.

In de zeer zware storm van 25 januari 1990 is in IJmuiden en op Schiphol een vlaag van 158 km/u gemeten. Landinwaarts zijn toen windstoten van 145 km/u voorgekomen, een zeldzaamheid boven land. De officieel hoogste windstoot die ooit tijdens een storm is gemeten is 162 km/u op 6 november 1921 in Hoek van Holland.

Op 5 november 1948 trok een windhoos toevallig precies over de windmeter op Vlieland: resultaat was een windstoot van 202 km/u, de hoogste windstoot ooit in ons land gemeten. Opmerkelijk is ook een windstoot van 158 km/u in een storm op 28 december 2001 op de pier in IJmuiden, die mogelijk verband hield met een valwind uit een buienwolk (downdraught) of een windhoos.