29 oktober 2003 -
De hevige bosbranden in de Amerikaanse staat Californië woeden nog steeds voort maar Amerikaanse meteorologen verwachten de komende dagen een verbetering van de situatie door lagere temperaturen, neerslag en een afnemende wind. De afgelopen zomer werden verschillende delen van Zuid-Europa getroffen door bosbranden. Weersomstandigheden spelen een belangrijke rol bij het oplaaien van het vuur. KNMI-meteoroloog Kees Floor gaat in een recent artikel (Zenit, september 2003) uitgebreid in op bosbranden en weer.
Terra -satellietopname van bosbranden in Europa. (Bron: Modis-Web)
Het Duitse KNMI (Deutscher Wetterdienst) hanteert een waarschuwingssyteem voor bosbranden en onderscheidt vijf waarschuwingsfasen: bij fase 1 is het risico op bosbranden zeer gering, fase 5 staat voor zeer groot gevaar. Het gevaar voor bos- en heidebranden neemt uiteraard toe naarmate het langere tijd droog is en de verdamping toeneemt. Met name droog en zonnig weer en aanvoer van droge lucht met een sterke oostenwind vergroot het gevaar. Wind zorgt voor verhoogde aanvoer van zuurstof tot de brandhaard en heeft ook invloed op de verplaatssingssnelheid van het vuurfront.
Bosbranden ontstaan niet alleen door droogte maar ook de blikseminslagen. In grote delen van de Verenigde Staten en Australië is dat zelfs een van de belangrijkste oorzaken van bosbranden. Voor het opsporen van bosbranden maken de Amerikanen gebruik van beelden van de Terra-satelliet. Onderstaande afbeelding van 21 april met saharastof boven het gebied van de Noordzee toont tevens de rook van een aantal bosbranden in West-Europa, onder andere een brand op de Veluwe. Meer info op de website Modis Web.