Opmerkelijk deze zomer was de 14 dagen durende hittegolf met in Limburg op 3 dagen meer dan 37 graden. De hoogste temperatuur noteerde Arcen op 7 augustus met 37,8 graden. Slechts op twee dagen in de afgelopen ruim honderd jaar was het in ons land nog warmer. In totaal telde de drie zomermaanden in De Bilt 40 zomerse dagen (25 graden of warmer) en 11 tropische dagen (30 graden of meer). Normaal zijn 18 zomerse en 3 tropische dagen.

Nog uitzonderlijker was de droogte. Gemiddeld over het land viel 119 mm tegen 202 normaal. De Bilt was een van de droogste weerstations met in drie maanden slechts 74 mm, wat nog minder is dan de 85 mm in de kurkdroge zomer van 1921. Het zonnige bevorderde bovendien de verdamping waardoor ons land te maken had met ernstige droogte. De zon scheen landelijk gemiddeld 736 uren tegen 591 normaal, een bijzonder grote afwijking.

In Nederland mag het een uitzonderlijke zomer zijn geweest, in andere Europese landen werd geschiedenis geschreven. In onder meer Zwitserland, Frankrijk, België en IJsland was de zomer warmer dan ooit. Vooral Zwitserland springt eruit: hier was de zomer ruim 2 graden warmer dan de vorige records van 1947 en 1994. Op verschillende weerstations was het zomergemiddelde ruim 5 graden hoger dan normaal. Waarschijnlijk is dat in bijna 500 jaar niet voorgekomen: alleen de zomer van 1540 is vergelijkbaar. Toen begon de hitte al in maart en viel er een half jaar nauwelijks regen.

Op verschillende plaatsen zijn met temperaturen tussen 40 en 45 graden warmterecords geboekt. Portugal noteerde op 11 augustus 47,3 graden. In Frankrijk werd in de drie zomermaanden plaatselijk bijna elke dag meer dan 30 graden gemeten en op 11 dagen meer dan 40 graden. Dat is aanzienlijk meer dan in de vorige recordzomers toen slechts een enkele plaats op hooguit twee dagen meer dan 40 graden opgaf. In Spanje werd op enkele dagen meer dan 45 graden gemeten wat in Europa zeldzaam is.