De historische seismiciteit bij Java. Op dit kaartje is duidelijk te zien dat dit gebied vaak wordt getroffen door aardbevingen. De verschillende kleuren geven de diepte van de aardbevingen aan. De oranje cirkeltjes stellen ondiepe bevingen voor (tot 35 km) en via de kleuren geel, groen, blauw en paars naar rood worden de bevingen steeds dieper (> 500 km).
De sterkte van de aardbeving was in eerste instantie vastgesteld op 7,2 en de diepte op 45 kilometer, maar deze zijn inmiddels bijgesteld naar 7,7 en 10 kilometer. Dit verklaard ook beter de grootte van de tsunami die is ontstaan door deze aardbeving.

De aardbeving vond plaats in de subductiezone ongeveer 200 km ten zuidwesten van Java. De Austalische plaat duikt hier naar het noord-noordoosten onder de Sundaplaat, waar Indonesië op ligt, met een snelhied van ongeveer 6 centimeter per jaar. De regio is seismisch zeer actief. De laatste jaren zijn er verscheidene zware aardbevingen gebeurd, waarvan een deel ook een tsunami heeft veroorzaakt (zie Aardbevingen in Indonesië). De laatste was afgelopen mei, 26 mei 2006, toen een aardbeving met een kracht van 6,3 in de buurt van de stad Yogyakarta plaatsvond.

Kort na de aardbeving is een waarschuwing uitgegeven voor een mogelijke tsunami. Deze waarschuwing heeft helaas de kustgebieden niet bereikt. Het systeem is nog in opbouw.

Op het strand van Pangandaran ontstond een 2 meter hoge vloedgolf. Het dodental is inmiddels opgelopen tot ruim 500, heeft de nationale rampenbestrijdingsdienst van Indonesië woensdag bekend gemaakt.
Sinds de hoofdschok zijn inmiddels meer dan 50 naschokken gemeten, waarvan een aantal gevoeld is door de bevolking.