Sinds 1854 maakt het KNMI gebruik van vrijwillige warnemers. De hoeveelheid neerslag en de windrichting werden door mensen uit het hele land gemeten en via de post doorgegeven. Tegenwoordig beschikt het KNMI over automatische weerstations. Daarnaast zijn 325 vrijwilligers actief die de regenmeter handmatig aftappen en de hoogte van de sneeuw met een liniaal meten.

In dit dossier leest u meer over de handmatige als geautomatiseerde waarnemingen en metingen van het KNMI. Onder ´begrippen´ worden de belangrijkste termen uitgelegd. Onder ´nieuwsarchief´ vindt u gepubliceerde informatie over de verschillende manieren van meten en de resultaten ervan. Onder ´achtergronden´ staan de verschillende meetsystemen en meetpunten per item beschreven. Ook vindt u informatie over de metingen die door de tijd zijn verricht en over de resultaten ervan.