Nader Verklaard
Het weer door de jaren heen
28 december 2011 -
De landelijke jaartemperatuur gemiddeld over vijftien KNMI-weerstations bedraagt in ons land 10,0 graden. Dat langjarig gemiddelde is bepaald over het meest recente tijdvak van dertig jaar, 1981-2010.
Recordjaar 2007 (Bron: ANP/KNMI)
In De Bilt is de normale gemiddelde temperatuur over een heel jaar tegenwoordig 10,1 graden. In de negentiende eeuw en over de eerste dertig jaar van de 20e eeuw was de jaartemperatuur in De Bilt 9,0 graden, over 1931-1960 en 1961-1990 was dat 9,4 graden. In de 20e eeuw is de temperatuur dus gestegen, vooral in de laatste decennia.
Vijf van de tien warmste jaren sinds 1901 dateren uit de 21e eeuw. Veruit het warmst waren 2006 en 2007 met 11,2 graden gevolgd door 1990, 1999 en 2000 met een gemiddelde van 10,9 graden.
Het koudste jaar was 1963 met 7,8 graden, gevolgd door 1940, 1962 en 1919 met 8,1. In 1962 waren vooral voorjaar en zomer koud, terwijl 1963 de strengste winter van de eeuw opleverde. De koudste tien jaren dateren alle van vóór 1964.
Ook het droogste jaar is lang geleden: in 1921 viel er in De Bilt 387 mm tegen 803 normaal. Op de tweede plaats staat 1933 (511 mm) gevolgd door 1959 (536 mm). In die jaren waren de waterstanden in de rivieren bijzonder laag. Problemen door droogte waren er ook in 1976, toen vooral het voorjaar en de zomer extreem droog waren. Met totaal 536 mm bezet 1976 de vierde plaats bij de droogste van de eeuw. Heel anders dan in 1998 toen het KNMI 1240 mm in de regenmeter kreeg. Daarmee werden de eerdere recordjaren (1966 met 1148 mm en 1965 met 1152 mm) ruimschoots overtroffen.
Het jaar 1966 staat met 1319 uur zon tegen 1477 normaal ook bij de somberste tien. Nog veel somberder was het in 1988 met 1218 uur zon het minst zonnige jaar. Drie jaren uit de jaren tachtig horen bij de somberste: naast 1988 staan ook 1981 (1309 uur) en 1987 (1308 uur) op die lijst. Het zonnigst was 2003, met 2022 uur zon veruit de topper sinds het begin van de waarnemingen in 1901. Daarna volgen 1959 (1986 uur), 1947 (1882 uur) en 1949 (1829 uur). De zonnige zomers van 1976 en 1995 brachten deze jaren met 1814 uur zon op de vijfde plaats.
Eerste uitgave:
08-01-04
Laatste wijziging:
28-12-11