5 augustus 2012 -
De dagen van omstreeks 20 juli tot rond 20 augustus worden de Hondsdagen genoemd. In deze periode, die soms ook wel eens iets eerder of later begint, komt de heldere ster van het sterrenbeeld De Grote Hond gelijk met de Zon op. In deze tijd van het jaar is Sirius dus niet zichtbaar.
Buien tijdens de hondsdagen leveren soms veel water op (Jannes Wiersema)
De Grieken en Romeinen zagen de Hondsdagen als de periode van de grote hitte. Ook voor ons land gaat dat op: de tijd van de Hondsdagen is de warmste van het jaar. Het etmaalgemiddelde van de temperatuur is dan 17 graden en 's middags is 19 tot 24 graden heel normaal.
Voor de oude Egyptenaren vielen de Hondsdagen samen met de de jaarlijks terugkerende overstroming van de Nijl. Deze overstromingen, toen het Nassermeer nog niet bestond, waren het gevolg van seizoensregens in Ethiopiƫ, de zuidelijke Soedan en vooral de omgeving van het Victoriameer. In Egypte zelf valt het hele jaar door nauwelijks regen.
Een overstromingsperiode is het bij ons niet, maar de warmte kan wel gemakkelijk voeding geven aan onweersbuien met veel regen in korte tijd en lokale wateroverlast. Een vochtig warm, broeierig weertype met zo nu en dan een paar stevige buien is karakteristiek voor de Hondsdagen. Voor onze voorouders, die nog niet over koelkasten beschikten, was dat ook de tijd waarin eten en melk sneller waren bedorven.
In verscheidene landen had men vroeger de gewoonte om honden tijdens de Hondsdagen muilkorven om te doen uit vrees voor hondsdolheid. Maar de Hondsdagen hebben verder niets te maken met honden, al kan het tijdens een onweer hondenweer zijn.
Het woord honde(n)weer, dat er volgens de nieuwe spelling een "n" heeft bijgekregen, is afgeleid van het oud-Nederlandse woord "ondeweer", dat slecht weer betekent. In het fries bestaat het woord 'ungetiid',dat was de zomerperiode tijdens de hooioogst.
Eerste uitgave:
18-07-02
Laatste wijziging:
05-08-12