Toen het jaar 2000 begon waren er sinds het begin van de jaartelling, in het jaar 1, in totaal 1999 jaren verstreken. Het jaartal slaat dus op het lopende jaar en niet op het aantal jaren die voorbij zijn. Het spreekt voor zichzelf dat het eerste jaar van onze tijdrekening (het jaar 1) ook in de eerste eeuw begon, wat ook het begin was van het eerste milennium. Tel daar 2000 jaar bij op en er is geen twijfel dat de 21e eeuw tijdrekenkundig in het jaar 2001 is begonnen! Het computerprobleem bij de overgang naar 2000 was dus eigenlijk geen millenniumprobleem maar een jaar 2000-probleem (Y2K).

Daar komt bij dat een eeuw niet door natuurlijke regelmaat is vastgelegd. De oorspronkelijke betekenis van het woord eeuw is afgeleid van eeuwigheid, een heel lange periode. De Romeinen gebruikten het gelijknamige begrip saeculum voor een verscheidenheid aan perioden uiteenlopend van 25 tot 112 jaar en slechts één van die periodes duurde honderd jaar. Ook in onze Gregoriaanse kalender, die we nu hanteren, heeft de eeuw geen constante lengte: jaartallen deelbaar door honderd zijn geen schrikkeljaren, maar als ze deelbaar zijn door 400, zoals het jaar 2000, is het wel een schrikkeljaar.

Ook voor de klimatologen is het nieuwe decennium pas in 2001 begonnen, wanneer de nieuwe klimatologische gemiddelden van kracht worden. Het KNMI baseert de "normalen" (gemiddelden over dertig jaar) voorlopig nog op het tijdvak 1961-1990, zoals dat door de Wereld Meteorologische Organisatie (WMO) wordt voorgeschreven. In de loop van 2001 gaat De Bilt officieel over op de nieuwe normalen over 1971-2000.

Bronnen:
Overwater, A.M. De Tijdgids, zakkalender voor 16 eeuwen. Uitgeverij Van Wijnen-Franeker, 1994.
Overwater, A.M. Er bestaat geen millenniumprobleem. Uitgave A.M. Overwater, Barendrecht 1998.
Trachet, Tim. Begint de 21e eeuw in het jaar 2000? Zenit (18), 1, januari 1991, blz. 14-17