Nader Verklaard
Overstromingsregens
2 september 2001 -
De overstromingen in 1998 waren het gevolg van aanhoudend intensieve regen. Op 13 en 14 september viel op de Zuid-Hollandse en Zeeuwse eilanden meer dan 100 mm. Op 28 oktober kreeg een strook van de westkust over de Noordoostpolder naar Drenthe 75 tot 90 mm. Bij de regen in september bleef de wateroverlast grotendeels beperkt tot het poldergebied waar alles viel, terwijl het water in Drenthe door afstroming ook elders in een groter gebied voor problemen zorgde.
De hoge waterstanden rond de jaarwisseling van 1993/1994 en in januari 1995 zijn een ander verhaal. In beide situaties werd de hoogwatergolf voorafgegaan door een lange periode van ruim een maand gestage en soms intensieve regen. Daardoor raakte het brongebied verzadigd met water. Onder die omstandigheden reageert de Maas sneller en heftiger op nieuwe grote neerslaghoeveelheden. De zware regen die het stroomgebied van de Maas eind januari 1995 kreeg, was de "druppel die de emmer deed overlopen".
De Maas is een regenrivier waarvan het peil sterk afhankelijk is van regen. Het water, dat deze rivier bij Borgharen aanvoert, is voornamelijk afkomstig van neerslag in de Belgische Ardennen en Noord-Frankrijk. De laag op de ondergrond van het Maasgebied is niet dik genoeg om veel water te kunnen bergen. In de winter houdt de vegetatie bovendien weinig water tegen. Het vocht verdampt vrijwel niet, waardoor alle water wegstroomt. Het reliëf van het Maasbekken is groot, zodat het water met grote snelheid wordt afgevoerd. Een combinatie van deze factoren kan tot een watervloed leiden en overstromingen veroorzaken.
De natte periode, die eind januari 1995 tot overstromingen leidde, begon een maand eerder en in totaal viel 350 mm, ruim twee keer zoveel als normaal. Op enkele dagen kreeg het stroomgebied van de Maas gemiddeld meer dan 30 mm in één etmaal en plaatselijk 70 mm. In 1995 regende het vooral vanaf 21 januari hard: in Wallonië viel 300 mm in tien dagen, drie keer de normale hoeveelheid. In het begin van was de bodem in Hoog België nog bevroren, waardoor het water extra snel werd afgevoerd. Bovendien kwam door de dooi veel smeltwater vrij van de massa's sneeuw die begin januari 1995 waren gevallen. Een wel zeer ongelukkige samenloop van omstandigheden.
Eerste uitgave:
02-09-01
Laatste wijziging:
02-09-01