Al Aziziah ten zuiden van Tripolis in Libië is na 90 jaar niet langer de warmste plek van de wereld. De foto toont de hoofdstraat van de stad die zijn warmterecord kwijt is (foto: Theo Jurriëns)
De laatste jaren zijn de Verenigde Staten vaak door een hittegolf getroffen. In 1994 zijn in het gebied tussen Arizona en Texas verscheidene records geboekt: Lake Havasu City (Arizona) noteerde in juni 1994 liefst 53,3 graden. In juli 1995 was het oostelijk deel van het midden westen van de VS een rampgebied. De hitte kostte toen zeker 750 mensen het leven en alleen al Chicago vielen 450 doden.

Berichten als zou al die hitte te maken hebben met El Niño zijn uit de lucht gegrepen: in de zomers van 1994 en 1995 was er geen sterke El Niño en ook in 1999 is er geen El Niño. Een verband met met het broeikaseffect is ook niet bewezen. Zeker is wel dat in jaren negentig van de 20e eeuw menig record aan diggelen ging. Juli 1998 was op veel plaatsen recordwarm met afwijkingen van 4 tot 5 graden boven het langjarig gemiddelde. In 1995 was het in Chicago in juli dagen achtereen meer dan 35 graden, terwijl 27 graden normaal is. De warmste dag was 13 juli 1995 toen Chicago 41,1 graden noteerde, een nieuw eeuwrecord. In Danburry in de staat Connecticut werd op 15 juli 1995 met eveneens 41,1 graden een nieuw "state-record" geboekt. Het vorige record was 40,6 graden op 21 juli 1991. Philadelphia beleefde op 15 juli met een temperatuur van 39,4 graden de warmste dag sinds 1966 en Omaha in de staat Abrasca noteerde toen 42,8 graden. Eind juli 1995 was het vooral in het zuidwesten van de VS warm met net als in 1998 temperaturen van meer dan 50 graden in Death Valley. Woestijnstad Yuma noteerde eind juli 1995 een record van 51,1 graden, Phoenix 49,4 graden en in Coolidge (Arizona) was het drie dagen achtereen ongeveer 50 graden. Pittsburgh (Pennsylvania) beleefde in 1995 de op één na warmste augustus sinds het begin van de waarnemingen in de 19e eeuw.

Warmste plaats van de wereld
Death Valley in Californië is de warmste plaats van de VS. Het langjarig gemiddelde van de temperatuur bedraagt daar in juli 38,8 graden en in augustus 37,6 graden. In juli 1913 werd hier een maximum van 56,7 graden genoteerd. Dat is niet de hoogste temperatuur ooit ergens in de wereld gemeten: op vier plaatsen is een temperatuur van 57 graden gemeten met als absolute topper 57,8 graden in september 1922 in El Aziziah in Libië. Bij zulke hoge temperaturen kunnen echter ook in de thermometerhut afwijkingen optreden door de felle zonnestraling. We moeten daarom de nodige reserve in acht nemen, zeker voor de vermelding in tienden van graden.

Bron: Kroll Erwin en Harry Geurts ed al. (redactie: Jos Jansen van den Doormalen, eindredactie Robert Mureau). De Wereld van het weer. Over klimaat en klimaatverandering. Teleac. Utrecht, 1995. ISBN 90-6533-390-8.