 |
 |
 |
 |
Nader Verklaard
Winter door de jaren heen
28 februari 2013 -
De winter van 2013 was aan de koude kant. In tegenstelling tot vorig jaar toen het vele zachte weer de balans naar de pluskant deed uitslaan. De winter van 2012 kende echter een koudegolf met een aantal nachten strenge tot zeer strenge vorst en minima tot 23 graden onder nul.
De Centraal Nederland wintertemperatuur van 1907 tot 2010. De groene lijn geeft de trendlijn aan (twee keer de wereldgemiddelde temperatuurafwijking), de lengte van de blauwe en rode staafjes geeft dus aan hoe ver de wintertemperatuur afwijkt van de trendlijn (Bron: KNMI)
Een landelijke koudegolf is volgens het KNMI een serie van minstens vijf ijsdagen (maximumtemperatuur onder nul graden) in De Bilt, waarvan tenminste drie dagen met strenge vorst (minimum onder de min 10 graden). De afgelopen winter werd het criterium voor een koudegolf echter bij lange na niet gehaald en ook de relatief koude winters van 2009, 2010 en 2011 brachten het niet tot een koudegolf. Sinds de jaren negentig was er alleen een koudegolf in 1991, 1997 en 2012.
Kijken we naar een langere periode in de recente historie dan was het merendeel van de winters zacht of zeer zacht. De afgelopen drie decennia leverden zelfs de zeven zachtste winters op sinds het begin van de metingen. De top tien van zachte winters wordt aangevoerd door 2007 met over december, januari en februari een gemiddelde in De Bilt van 6,5 graden tegen 3,4 graden normaal (gemiddeld over 1981-2010).
Op de tweede plaats staat de winter van 1990 (6,0 graden), gevolgd door 1989 (5,6 graden), 1975 (5,5 graden), 1998 (5,4 graden), 1995 (5,3 graden), 1988 en 2000 (5,0 graden). In januari en februari 1988 kwam het amper tot vorst: in De Bilt was min 0,9 graden de laagste temperatuur van januari. Die maand telde maar twee vorstdagen, evenals februari 1990, met 7,6 graden de warmste en stormachtigste wintermaand. In Limburg werd die maand al meer dan 20 graden gemeten.
Ook in de eerste vijfentwintig jaar van de 20e eeuw waren de winters zacht, zoals 1916 (4,6 graden), 1920 (4,4) en 1925 (4,1), maar de uitschieters waren minder dan in het laatste decennium van de 20e eeuw. Gemiddeld over de 20e eeuw bedraagt de wintertemperatuur 2,6 graden, een stuk warmer dan in de vorige eeuwen. Zowel in de achttiende als in de negentiende eeuw lag het wintergemiddelde op 1,9 graden.
De winter van 2009 had in De Bilt een gemiddelde van 2,2 graden, in 2010 bedroeg de gemiddelde temperatuur 1,1 graden, in 2011 was dat 2,3 graden. De winter van 1963 was met gemiddeld min 3,1 graden de koudste van de 20e eeuw en de koudste van de laatste ruim vijftig jaar. De winter van 1979 (min 0,8 graden) was op een na de koudste en ook de winter van 1996 (min 0,1 graden) mogen we tot de strenge rekenen gevolgd door 1947 (min 2,4).
De jaren veertig leverden nog drie strenge winters op: 1940 (min 1,9), 1941 (min 0,1) en 1942 (min 1,5). Ook 1929 (min 1,5) hoort tot de strenge en in totaal telde de 20e eeuw acht strenge winters. De negentiende eeuw had er dertien, de achttiende eeuw veertien met een gemiddelde onder het vriespunt.
De strengste winters leverden ook veel sneeuw op. In de winter van 1963 lag er in het noorden van het land op tachtig dagen sneeuw! De zon scheen er volop bij want die winter was met 256 uur zon ook de een van de zonnigste. De zonnigste winters waren die van 2003 en 2002 met resp 267 en 266 uur zon.
Ook de winter van 1979 mocht er zijn met ongeveer 60 dagen met een sneeuwdek. In die winter viel in De Bilt op 37 dagen sneeuw, het grootste aantal van de eeuw.
De koude sneeuwrijke winters waren niet de natste; dat is voorbehouden aan de zachtere winters met veel westenwind. De natste winter in De Bilt was die van 1966 met 338,0 mm, De winter van 1995, berucht van de overstromingen, staat met 331,0 mm op de tweede plaats. Extreem droog was de winter van 1964 met 63,7 mm in drie maanden. In deze eeuw bleef de winterneerslag acht keer onder de 100 mm.
Eerste uitgave:
02-12-02
Laatste wijziging:
28-02-13
|
 |
|
|