Historische seismiciteit op IJsland.
Ter plekke van IJsland is er zoveel materiaal uit de oceanische rug omhooggekomen, dat er zich een eiland gevormd heeft. Doordat het uit elkaar drijven van Noord-Amerika en Europa nog steeds doorgaat 'groeit' IJsland ongeveer 2 cm per jaar.Onder de bodem van IJsland komt nog steeds magma omhoog. Een deel hiervan veroorzaakt vulkanisme, er zijn meerdere actieve vulkanen op IJsland, een ander deel blijft in de bodem en warmt daar het gesteente op. Water dat in dat gesteent zit of daarlangs stroomt wordt daardoor ook opgewarmt en spuit op sommige plekken op IJsland uit de bodem onhoog: de hot springs en geisers.
IJsland ligt op dezelfde noorderbreedte als groenland en zou zonder deze opwarming door magma ook helemaal met ijs en sneeuw bedekt zijn.

Een oceanische rug kan verspringingen vertonen langs zogeheten "transforme breuken" (eng.: "transform faults"). Bij een verspringing beweegt de korst aan weerszijden van de breuk in tegenovergestelde richting. Bij dit proces kunnen grote aardbevingen optreden, waarbij de beweging voornamelijk een horizontale richting vertoond: een zijschuiving. De bevingen op IJsland zijn meestal zijschuivingen langs een transforme breuk.
 
Historische seismiciteit

  • 21 juni 2000, 00:51 UT, Magnitude = 6,6
  • 17 juni 2000, 15:40 UT, Magnitude = 6,6. Het zijn de zwaarste aardbevingen in bijna 100 jaar. De twee aardbevingen hadden epicentra die zeer dicht bij elkaar liggen: 17 juni = 63.92 N, 20.26 W en 21 juni = 63.90 N, 20.67 W. Gebouwen in de hoofdstad Reykjavik werden heen en weer geschud. Electriciteit en stromend water vielen tijdelijk uit. Wegen scheurden open. Talrijke huizen werden beschadigd. De bevingen waren op het hele eiland te voelen.