Sneeuwmetingen zijn in vorige eeuwen vrijwel niet gedaan. Meetreeksen van sneeuwdiktes zijn er pas sinds de 20e eeuw en statistieken zijn er dankzij weeramateurs (foto: Jannes Wiersema)
De meeste waarnemers beperkten zich tot metingen van de barometer en de thermometer en sommigen noteerden ook de luchtvochtigheid en de neerslag. Cruquius begon zijn metingen toen er toevallig sneeuw lag, maar niet de sneeuw maar zijn zorg voor de waterhuishouding was aanleiding om het weer te volgen.

Sneeuwmetingen zijn in vorige eeuwen vrijwel niet gedaan. Meetreeksen van sneeuwdiktes zijn er pas sinds de 20e eeuw en statistieken zijn er dankzij weeramateurs, waaronder keizer Wilhelm uit Doorn, pas vanaf de tweede helft van de vorige eeuw. Tegenwoordig levert sneeuw veel meer overlast op dan eeuwen geleden toen men zich met paard en arrenslee verplaatste. Kennelijk kwam niemand op het idee een liniaal in de sneeuw te plaatsen. Wel zijn er veel beschrijvingen van sneeuwsituaties te vinden in dagboeken en verhalen. Zo weten we dat ons land in de afgelopen eeuw menig sneeuwstorm heeft beleefd en incidenteel staat er ook een sneeuwhoogte in het verslag.

Met de belleslee door de sneeuw (foto: Martha Appelman, Ameland)
Met de belleslee door de sneeuw (foto: Martha Appelman, Ameland)
KNMI-oprichter Buys Ballot sprak in de winter van 1867 van massa’s sneeuw “als gelijk de couranten zouden zeggen, de oudste menschen zich niet herinneren”. In Zaltbommel lag drie voet, wat overeenkomt met zo’n 60 cm. Door een storm was de sneeuw echter was opgewaaid tot duinen en dan kunnen zich meters hoge sneeuwbergen vormen. Onder rustiger omstandigheden lag in De Bilt op 15 februari 1956 ongeveer 25 cm sneeuw, in Friesland 35 cm en op de Waddeneilanden lag er toen een halve meter.

In de winter van 1963 lag ons land 71 dagen onder een laag sneeuw. De winters van 1830 en 1963 waren met gemiddeld min 3,1 graden de koudste in drie eeuwen, maar van februari is 1956 recordhouder met gemiddeld min 6,4 graden in De Bilt. Op de tweede plaats staat februari 1857 met min 5,7 graden en op de derde plaats februari 1947 met min 5,5 graden. De zachtste februari sinds 1705 beleefde ons land in 1990 met gemiddeld 7,6 graden en een maximumtemperatuur van 20,4 graden in Maastricht. Het langjarig gemiddelde is opgelopen van ongeveer 2,3 graden in de 18e en 19e eeuw tot 3,2 graden tegenwoordig (gemiddeld over 1981-2010).

De rampzalige stormvloed van 1953 in de nacht van 31 januari op 1 februari was de ergste natuurramp van de vorige eeuw. In februari was er ook in 1825 een ernstige stormvloed, die honderden Hollanders het leven kostte en enorme schade veroorzaakte aan de kustlijn.