Windhoos bij Bovensmilde, ten zuiden van Assen, zondag 7 september 2003. Foto: A. Bijl
De buien gingen niet alleen vergezeld van enkele windhozen, maar op enkele plaatsen ook van overvloedige regen, soms zelfs een wolkbreuk. Zo kreeg Tilburg zaterdag 6 september j.l. 37 mm en Gouda spande de kroon met zondag 7 september 48 mm.

Volgens meteoroloog Rob Groenland, die deel uitmaakt van de groep tornado-chasers en regelmatig in de Verenigde Staten verblijft voor onderzoek "ontstond de windhoos waarschijnlijk door de combinatie van een sterk onstabiele luchtlaag onderin de atmosfeer, een verder erg rustig en kalm weertype met weinig wind en een stevig instralende zon. Daardoor was een sterke thermiek op gang gekomen: warme luchtbellen stegen met grote kracht van het aardoppervlak op en vormden stapelwolken. Als dat hard genoeg gaat, kan bij die luchtstijgingen rotatie optreden die zich in een smalle buis concentreert. En dan hebben we de werveling in de lucht die later vaak als de karakteristieke slurf van de windhoos zichtbaar wordt. Bijvoorbeeld doordat waterdamp als gevolg van de onderdruk in de baan van de werveling condenseert. Of doordat stof aan de onderzijde van de slurf gaat opdwarrelen. In dit geval zorgden beiden voor het zichtbaar worden van de hoos onder de stapelwolk, die zich boven de thermiekbel bevond." Dit type windhozen (in de VS landspouts genoemd) hoeft volgens Rob Groenland niet gekoppeld te zijn aan een onweerswolk (cumulonimbus), zoals meestal het geval is. "Belangrijk is de combinatie van lokaal geconcentreerde sterke thermiek en lokaal geconcentreerde achtergrondrotatie (vorticiteit). Het lijkt op het schaatsterseffect: door het stretchen van de stijgschacht (met startrotatie) spint de rotatie zeer snel op."

Ook maandag 8 september is rond 11:30 uur boven de Waddenzee een waterhoos en rond 14:55 uur in Noord Holland een windhoos waargenomen.