Cycloonkaart India. Bron:BBC on line network
Toch zijn cyclonen in dit gebied, met een tropisch moessonklimaat, niet zeldzaam. De moessonregens vallen in de zomer en leveren onvoorstelbaar veel water op. Cherrapunji in het noordoosten is een van de natste plaatsen van de wereld met jaarlijks 11000 mm. Ruim 90% van de regen valt hier tussen mei en september waarbij juni gewoonlijk de natste maand is met 2695 mm. De variaties zijn enorm: zo viel hier alleen al in juli 1974 liefst 8246 mm.

Na de moesson, met name in de maanden oktober en november vormt de warme Golf van Bengalen een brongebied voor tropische stormen. Hier ontstaan er gemiddeld vier keer zoveel als in de Arabische Zee ten westen van India. Aan de kust is niet alleen de wind bedreigend maar ook de enorme golven van soms meer dan tien meter hoogte zijn verwoestend. Zodra een cycloon aan land komt neemt de wind snel af, maar dan is de regen het grootste probleem.

Honderden millimeters op een dag zijn geen uitzondering en op een dag in 1941 viel hier lokaal 975 mm in 24 uur. Ter vergelijking: in ons land valt in een jaar 800 mm! Veel mensen komen om door verdrinking en een van de beruchtste cyclonen uit de historie in november 1876 in Bangladesh met golven tot 12 meter kostte zeker honderdduizend mensen het leven. Orissa werd ook in november 1971 getroffen door een cycloon die tienduizend mensen het leven kostte. In november 1977 vond eenzelfde aantal mensen de dood in een uitgestrekt gebied van West-Bengalen en Orissa.

De ergste cycloon in dit gebied, de zwaarste in vijftig jaar, trof Bangladesh in november 1970 toen hier meer dan een miljoen mensen om het leven kwamen. In 1991 werd dit gebied opnieuw getroffen waarbij honderdduizend doden vielen. Bij deze cycloon slaagde de Indiase regering er voor het eerst in zeshonderdduizend mensen binnen 52 uur te evacueren, anders was het aantal slachtoffers nog veel groter geweest.