 |
 |
 |
 |
Nader Verklaard
Hoge wolken
17 februari 2004 -
Wolken kunnen op verschillende hoogtes voorkomen en op grote hoogte, bestaan ze voornamelijk uit ijskristallen. Cirruswolken of windveren, die op een hoogte van 6 tot 12 kilometer voorkomen, bestaan zelfs volledig uit ijskristallen. Ze lijken heel langzaam te bewegen of zelfs stil te staan, maar door de grote hoogte geeft dat een vertekend beeld: in werkelijkheid gaan ze snel, soms ruim 100 km/uur. Weerkundigen noemen ze sluierwolken, die het zonlicht nog doorlaten. Deze wolken, die vaak te zien zijn als het (nog) mooi weer is, hebben een draderige structuur en kunnen zich ook rangschikken in kleinere of grotere plukken of smalle banden.
Cirruswolken in Ierland (foto: Ria Geurts)
Vandaar dat men wolken, die in de meteorologie Latijnse namen hebben gekregen, niet alleen indeelt naar geslacht, zoals cirrus, maar ook in soorten en variƫteiten. De cirrus kent soorten als fibratus (vezelachtig, draderig), unicinus (vergelijkbaar met een langgerekte komma), spissatus (een dichtere wolk), castellanus (torentjes) of floccus (watten flokjes). De soorten zijn weer opgedeeld in variaties die soms aan de benaming wordt toegevoegd. De toevoeging intortus staat bijvoorbeeld voor onregelmatig, gekromd of grillig verward, terwijl cirruswolken die de vorm hebben van een visgroot of wervel de toevoeging vertebratus krijgen. Tot de hoge wolken op 6 tot 10 km hoort ook de cirrocumulus of schaapjeswolk, die bestaat uit grotere velden. Dit wolkentype, hoe fraai ook, wijst op een toenemende vochtigheid en kan een voorbode zijn van een weersverslechtering. Vooral als de wolken een golfvormige structuur (undulatus) hebben, gaat het meestal mis. Dat geldt zeker voor het wolkengeslacht cirrostratus van het soort nebulosus (sluier), een melkachtig witte lucht die geleidelijk een scherm voor de zon trekt, waardoor deze uiteindelijk verdwijnt.
In cirruswolken is vaak een gekleurde ring rond de zon te zien, een zogenaamde halo, die soms lijkt op een regenboog. In tegenstelling tot de regenboog ontstaat dit kleurrijke verschijnsel niet door breking en weerkaatsing van het zonlicht in regendruppels maar in ijskristalletjes. Het langzaam verdwijnen van zon of maan of de gekleurde kring is vaak een voorbode van slechter weer, vooral als ze uit het westen komen en snel dichter worden. Eeuwen geleden is dat al verwoord in weerspreuken. Zoals een waterige zon of bleke maan kondigt meestal regen aan, kruipt de zon in haar nest dan regent 't de volgende dag op zijn best of kring om de zon waterton. Die spreuken vertellen meestal de waarheid: in ongeveer 80% van de gevallen regent het binnen 24 uur na het zien van een ring om de zon. In het voorjaar en als de cirrus uit het oosten komt opzetten gaat de regel vaak niet op en wordt het beter weer.
Eerste uitgave:
17-02-04
Laatste wijziging:
17-02-04
|
 |
|
|