Nader Verklaard
Meteo-tsunami’s en seiches
18 maart 2011 -
Een tsunami is een vloedgolf uit zee die door een aardbeving in de aardkorst onder de oceaan wordt opgewekt. Het woord, afgeleid uit het Japans van tsu (haven) en nami (hoge golf), kreeg bekendheid door de rampzalige vloedgolf van Tweede Kerstdag 2004. Na de zware aardbeving in Japan met epicentrum in zee op 11 maart 2011 staat het begrip nu weer volop in de belangstelling.
Haven van Ciutadella (Menorca) na de rissaga (meteotsunami) van 15 juni 2006 (Bron: Kees Floor, Zenit)
Tsunami’s kunnen naast aardbevingen ook veroorzaakt worden door aardverschuivingen onder de zeebodem, enorme vulkaanuitbarstingen en inslagen van meteorieten. In zeer korte tijd wordt veel water vertikaal verplaatst. Vóór de tsunami zich aandient trekt de zee zich terug en zakt het water. Daarna komen de golven van tientallen meters hoogte met een snelheid van soms 800 km/u aan land.
Ook het weer kan aanleiding geven tot een zeer bescheiden tsunami, die in omvang niet te vergelijken is met een tsunami veroorzaakt door een aardbeving. Meteo-tsunami’s hangen samen met plotselinge variaties in de luchtdruk. Bij zware buien met onweer en windstoten toont de barograaf, het instrument dat de luchtdruk registreert, een onweersneus. Om een meteo-tsunami te veroorzaken moeten de luchtdrukvariaties zich voordoen boven relatief ondiep water en recht op een haven of baai aankoersen. Bovendien moeten er toevallige effecten optreden die elkaar versterken waardoor de golven kunnen groeien.
Meteorologische tsunami’s komen wereldwijd voor, ook in de Middellandse Zee. De lokale bevolking geeft er namen aan zoals rissage (Catalaanse kust), Marubbio (Sicilië), Milghuba (Malta), Seebär (Oostzee), Alibi (baai van Nagasaki) en Yota (elders in Japan).
In ons land wordt gesproken van seiches. Die naam is afgeleid van het halingen, oud-Nederlands voor lange staande golven. Seiches, die ruim een meter hoog kunnen worden, komen voor in half gesloten bekkens van de havens van IJmuiden en Rotterdam. In ons land wordt er rekening mee gehouden bij het gebruik van de Maeslantkering, bij mammoettankers met grote diepgang en bij het ontwerp van dijken.
In de Rotterdamse haven komen seiches van meer dan 25 cm hoog gemiddeld zo’n acht keer per jaar voor, vooral tussen augustus en maart. Het KNMI heeft een methodiek ontwikkeld die het mogelijk maakt het optreden van seiches te voorspellen, een unicum in de wereld.
Eerste uitgave:
03-12-07
Laatste wijziging:
18-03-11