Met dit weer hebben we te maken wanneer koude poollucht met grote snelheid over ons land stroomt. De koude lucht wordt in beweging gebracht door diepe depressies die in hun omgeving in de regel veel wind en tijdens buien soms zware windstoten van 75 kilometer per uur of meer veroorzaken.

Vooral wanneer zo'n actief lagedrukgebied of een uitloper daarvan over de Noordzee trekt krijgt ons land te maken met buien. In het Noordzeegebied koelt de lucht dan tot op grote hoogte in de atmosfeer sterk af. Meteorologen spreken dan wel van een "koude put". Daarin kunnen grote temperatuurverschillen optreden tussen het zeewater en de lucht daar boven, wat aanleiding geeft tot de vorming van buien. Aan de achterzijde van de depressie kunnen de buien met een gure noordwestenwind over ons land worden gevoerd.

In die onrustige atmosfeer vormen zich vaak weer kleine storingen die de buienactiviteit tijdelijk kunnen vergroten, waarbij de wind nog verder toeneemt. Zo'n slechtweergebied aan de achterzijde van een depressie wordt ook wel een "trog" of "buienlijn" genoemd. Meteorologische begrippen, zoals "koude put" en "trog" worden soms vermeld in de weerpraatjes. Als de lucht erg koud is, kunnen daarbij ook (natte) sneeuw- en hagelbuien voorkomen, waardoor het plotseling glad kan worden.