Nader Verklaard
VN over klimaatverandering
15 maart 2009 -
De mensheid heeft een onmiskenbare invloed op het klimaat. Dat blijft nog eeuwen zo, zelfs als we maatregelen nemen om die invloed te beperken. Reeds waargenomen veranderingen, zoals gemiddeld hogere temperaturen, een stijgende zeespiegel en veranderingen in extreem weer, zullen verder doorzetten.
Er zijn steeds meer gegevens en argumenten die dit beeld versterken en onderbouwen. Dat concludeert het Klimaatpanel van de VN, het IPCC in zijn vierde rapport (2007).
Jaren is daaraan gewerkt door een internationaal team van wetenschappers, onder meer van het KNMI. De commentaren van honderden onafhankelijke wetenschappers, ook uit Nederland, zijn in de eindtekst verwerkt. Het nieuwste rapport is gebaseerd op meer waarnemingen over langere periodes dan het vorige uit 2001.
Op grond van boringen in ijs is vastgesteld dat de concentraties van de broeikasgassen kooldioxyde en methaan in de atmosfeer momenteel de hoogste zijn in minstens 650 duizend jaar. De toename sinds 1750 is voornamelijk het gevolg van menselijke uitstoot via verbranding van fossiele brandstoffen, landbouw, veeteelt en veranderingen in landgebruik.
De stijging van de concentratie kooldioxyde was de afgelopen 10 jaar groter dan ooit. De hogere concentraties houden warmte langer vast waardoor het klimaat opwarmt.
Hoewel er nauwelijks twijfel was dat het klimaat aan het veranderen is, geven nieuwe gegevens een steeds duidelijker en meer samenhangend beeld van de wereldwijde opwarming. Niet alleen de lucht warmt op, maar ook de oceaan.
De opwarming gaat gepaard met veranderingen in neerslag, sneeuw- en ijs en een stijgende zeespiegel. De menselijke invloed is niet alleen meetbaar op wereldschaal maar begint ook op regionale schaal zichtbaar te worden. Op het noordelijk halfrond waren de gemiddelde temperaturen in de tweede helft van de 20e eeuw zeer waarschijnlijk hoger dan de langjarigegemiddelden in de laatste 500 jaar.
Uitstoot van broeikasgassen en veranderend landgebruik zullen ook in de 21e eeuw het klimaat beïnvloeden. Ofschoon de mate van verandering door maatregelen kan worden beperkt, zullen de veranderingen zeer waarschijnlijk groter zijn dan in de vorige eeuw.
Tegen het eind van de 21e eeuw kan de wereldwijde opwarming tussen 1,1 en 6,4 graden liggen. Gemiddeld over de hele aarde kan de zeespiegel dan tussen 0,19 en 0,58 m zijn gestegen.
Het IPCC stelt daarnaast dat de zeespiegel nog verder zou kunnen stijgen. Dit als gevolg van een versnelde afsmelting van het ijs van Groenland en Antarctica. Een bovengrens voor deze extra stijging kan momenteel niet worden gegeven. Op grond van de huidige inzichten mag men verwachten dat de zeespiegel nog eeuwenlang zal stijgen, zelfs als de concentraties van broeikasgassen zouden gestabiliseerd door reductie van de uitstoot.
Eerste uitgave:
19-02-07
Laatste wijziging:
15-03-09