Lage waterstanden in onze rivieren treden meestal op aan het einde van de zomer en in het najaar. Droge warme zomers hebben tot gevolg dat de watervoorraad in het stroomgebied dan gering is , terwijl ook het aanbod van smeltwater uit de Alpen afneemt. Soms komen lage rivierafvoeren ook voor gedurende droge en koude perioden in de winter. Gedurende zo'n periode wordt de toevoer van water naar de Rijn letterlijk en figuurlijk bevroren. De lage waterstanden in de grote rivieren worden slechts voor een klein deel bepaald door de actuele droog in Nederland, maar voornamelijk door de neerslag in de stroomgebieden van de rivieren.