Zeeijsbedekking: laagterecord noordpoolgebied in 2007
Zomer 2007 verbreekt oude record van 2005
2 oktober 2007
Caroline Katsman, KNMI
De zeeijsbedekking in het noordpoolgebied heeft deze zomer een nieuw laagterecord bereikt sinds het zeeijs bestudeerd wordt met satellieten (1979), meldt het Amerikaanse Snow and Ice Data Center (NSIDC). De ijsbedekking was afgelopen september 23% kleiner dan het vorige record van 2005. Deze zomer is bovendien een gebied met een oppervlakte dat 10 keer zo groot is als Nederland voor het eerst sinds het begin van de satellietmetingen helemaal ijsvrij geworden.
Fig. 1: IJsbedekking zomer 2007 (blauw), 2005 (groen) en gemiddeld over 1979-2000 (zwart) (bron: NSIDC, 1-10-07).
Actuele bedekking De zeeijsbedekking in het noordpoolgebied is afgelopen september 23% kleiner geweest dan het vorige laagterecord van september 2005. In de afgelopen maand was gemiddeld is 4.3 miljoen vierkante kilometer oceaan bedekt met ijs, 39% minder dan de gemiddelde bedekking in september over de periode 1979-2000. Het laagterecord in zeeijsbedekking is waarschijnlijk een gevolg van het feit dat er in de zomermaanden een sterk hogedrukgebied boven de Russisch/Amerikaanse kant van het noordpoolgebied lag. De zonnige omstandigheden hebben gezorgd voor sterke afsmelting. Ook heeft de wind het ijs verplaatst van de kuststrook naar het centrale noordpoolgebied.
Ook afname meerjarig ijs
Fig. 2: IJsbedekking (wit) en gebied dat nooit eerder ijsvrij was (donkergrijs) (NSIDC, 9-9-07).
Uit de satellietbeelden van deze zomer is nog iets opvallends gebleken. Het centrale gedeelte van het noordpoolgebied blijft normaliter 's zomers bedekt met zeeijs. In Figuur 2 is het gebied dat van 1979 tot het voorjaar van 2007 nooit ijsvrij was aangegeven in grijs. De huidige ijsbedekking is gemarkeerd in wit. Het is duidelijk te zien dat een deel van het noordpoolgebied deze zomer voor het eerst sinds het zeeijs bestudeerd wordt met satellieten helemaal ijsvrij is geworden. Dit gebied (aangegeven in donkergrijs in Figuur 2) is ongeveer 10 keer zo groot als Nederland. Een dergelijke verandering in de samenstelling van het zeeijs is van belang omdat het meerjarige ijs veel dikker is dan eenjarig ijs dat net gevormd is. Een groot gebied met dun, eenjarig ijs in de winter vergroot de kans op open water in de zomer er na, met mogelijk grote gevolgen voor de ijsbedekking in de daarop volgende jaren en uiteindelijk voor het klimaat in het Arctisch gebied (zie ook KNMI: Veranderend zeeijs).
Wat veroorzaakte het laagterecord? De trends in de ijsbedekking en de gemiddelde dikte van het zeeijs in de afgelopen decennia als gevolg van de oplopende temperaturen in het noordpoolgebied hebben het zeeijs langzamerhand kwetsbaarder gemaakt. In combinatie met de uitzonderlijke omstandigheden in de atmosfeer in de zomer van 2007 leidde dit tot het laagterecord. De wind zorgde er voor dat er veel ijs van Siberie richting Groenland werd geblazen. Het resterende ijs smolt vervolgens snel in de warme en onbewolkte periode die daarop volgde. Ook dreef er relatief veel ijs de Atlantische Oceaan in door Fram Straat (tussen Groenland en IJsland). Halverwege augustus werd het oude record van 2005 al gebroken (Figuur 1).
Fig. 3: IJsbedekking in september 2007 (links) en 2005 (oude record, rechts). Let op de grote verschillen in het centrale noordpoolgebied (NSIDC, 1-10-07)