Achtergrond

Hoe zeldzaam is een koude winter als die van 2010 in Nederland?

De winter van 2010 was in meerdere opzichten opmerkelijk. Het was de koudste winter sinds 1996 met bijzonder veel sneeuw. Voor de samenleving was dat lastig, we waren dat niet meer gewend.

Zo’n koude winter was sinds 1996 niet voorgekomen en we moeten terug naar 1979 om een winter te vinden die nog meer dagen telde waarop er in ons land sneeuw lag. De details vindt u in het klimatologisch overzicht dat het KNMI over de winter heeft uitgebracht. Hier bespreken we hoe uitzonderlijk de temperatuur was. 

We maken hier gebruik van de Centraal Nederland Temperatuur (CNT), een gemiddelde van 6 stations in Nederland die gecorrigeerd zijn voor veranderingen in de meetopstellingen en meetomgevingen. De CNT-reeks is speciaal ontwikkeld voor wetenschappelijk onderzoek naar veranderingen in het klimaat. De resultaten zijn overigens vrijwel hetzelfde als gebruik wordt gemaakt van de reeksen van De Bilt, Groningen/Eelde of Maastricht/Beek.

1. Hoe zeldzaam was de temperatuur van de winter van 2010 in de 20e eeuw?
In Centraal Nederland was de gemiddelde temperatuur deze winter (december, januari, februari) 0,8 °C, tegen 3,0 ºC normaal (1971-2000). Figuur 1 laat de wintertemperaturen zien zoals die sinds 1907 zijn gemeten. In de twintigste eeuw waren er 15 winters die gemiddeld kouder waren dan de winter van 2010. Een strengere winter dan de afgelopen winter kwam gemiddeld eens in de zes jaar voor. In het klimaat van de twintigste eeuw was zo'n wintertemperatuur dus niet erg zeldzaam.

Figuur 1. De Centraal Nederland wintertemperatuur van 1907 tot 2010. De groene lijn geeft de trendlijn aan (twee keer de wereldgemiddelde temperatuurafwijking, gladgestreken met een 11-jaar LOESS filter)
Figuur 1. De Centraal Nederland wintertemperatuur van 1907 tot 2010. De groene lijn geeft de trendlijn aan (twee keer de wereldgemiddelde temperatuurafwijking, gladgestreken met een 11-jaar LOESS filter)

2. Hoe zeldzaam is zo'n winter tegenwoordig, rekening houdend met de opwarming?
De wintertemperatuur stijgt sinds 1950 ongeveer twee keer zo snel als de wereldgemiddelde temperatuur, net als in de andere seizoenen. De stijgende trendlijn is in Figuur 1 met een groene lijn aangegeven. De gemiddelde wintertemperatuur ligt nu ongeveer anderhalve graad hoger dan in het midden van de twintigste eeuw. Deze stijging is kleiner dan de variaties in wintertemperatuur. Om een voorbeeld te noemen: de winter van 1963 was 5,5 ºC kouder dan de trendlijn. Dezelfde uitwijking zou tegenwoordig, zelfs met de bijna anderhalve graad hogere gemiddelde wintertemperatuur, nog steeds heel koud zijn, veel kouder dan de winter van 2010.

Hoe ver de temperatuur boven of onder de trendlijn ligt bepaalt hoe zeldzaam de winter was. Dit is in Figuur 1 aangegeven door de lengte van de rode en blauwe staafjes. Er waren zeven winters in de meetreeks die verder onder de trendlijn uitstaken dan 2010. Hieruit concluderen we dat tegenwoordig een temperatuur als in de winter van 2010 ongeveer eens in de vijftien jaar voorkomt. Zelfs in een opwarmend klimaat was deze winter qua temperatuur dus geen heel uitzonderlijke gebeurtenis.

3. Hoeveel strenge winters verwachten we in de toekomst?
In de KNMI'06 W/W+ klimaatscenario’s zijn de winters in 2050 gemiddeld tussen de 1,8 en 2,3 graden warmer dan in 1990. De grootste opwarming wordt verwacht als het gemiddeld vaker uit het westen gaat waaien. Dat heeft vooral effect op de koudste winters, maar die zijn daarmee niet van de baan. Ze zullen wel steeds minder vaak voorkomen.

Zelfs een winter die koud genoeg is voor een Elfstedentocht blijft goed mogelijk. De kans op een Elfstedenwinter wordt op puur meteorologische gronden tegenwoordig geschat op eens in de 18 jaar. In de KNMI'06 scenario's neemt de kans in de toekomst verder af, maar blijven dit soort strenge winters in ieder geval tot 2050 mogelijk.

4. Conclusies
De winter van 2010 was uitzonderlijk vanwege de grote hoeveelheden sneeuw. De temperatuur was minder zeldzaam. Met een afwijking van 2,2 graden onder het gemiddelde van 1971-2000 was het de koudste winter sinds 1996. In de vorige eeuw kwam zulke kou eens in de zes jaar voor. Rekening houdend met de waargenomen opwarming komt zo'n temperatuur in het huidige klimaat ongeveer eens in de vijftien jaar voor.

Koude winters als die van 2010 of nog koudere Elfstedenwinters blijven de komende tijd goed mogelijk, ondanks de volgens klimaatscenario’s doorzettende opwarming. Ze worden wel steeds zeldzamer.

Met dank aan Rob Sluijter en Harry Geurts

Niet gevonden wat u zocht? Zoek meer achtergrond artikelen