Uitleg over

Stormvloed

Een stormvloed is een sterke verhoging van de zeespiegel langs de kust door de wind.

Een stormvloed is een extra verhoging boven het astronomisch getij (eb en vloed). Stormvloed wordt ook wel een opzet genoemd. De verhoging hangt af van de windrichting en windkracht over de hele Noordzee. Een trechtervormige kustlijn kan de stormvloed nog verder verhogen. Ook een diepe zee en in mindere mate lage luchtdruk kunnen bijdragen aan een verhoging.

Springtij

De zon en de maan bepalen het astronomisch getij. De maan staat het dichtst bij de aarde en oefent de grootste aantrekkingskracht uit op het water. Als zon en maan met de aarde op één lijn staan, is de aantrekkingskracht maximaal en spreekt men van springtij.

Zware storm bij de sluizen van het Lauwersmeer (foto: Hendrik van Kampen)
Zware storm bij de sluizen van het Lauwersmeer (foto: Hendrik van Kampen)

Stormvloeden

Tijdens springtij bereikt het water zijn hoogste stand. Komt hier een storm overheen dan komt het water nog hoger. Gemiddeld eens in de twee jaar hebben we een lage stormvloed, die de dijken gemakkelijk aankunnen. Gevaarlijker, maar ook zeldzamer, zijn middelbare (eens in de tien tot honderd jaar) en hoge stormvloeden (eens in de honderd tot duizend jaar).

Watersnoodramp 1953

De watersnood van 1 februari 1953 was de enige hoge stormvloed in de twintigste eeuw. Bij Hoek van Holland werd 385 centimeter boven Normaal Amsterdams Peil (NAP) gemeten. Voor het astronomisch getij bedroeg dit 80 centimeter. De extra verhoging door de storm was dus 305 centimeter. Bij Vlissingen kwam het water tot +455 centimeter.

Recentere stormvloeden

Recenter zijn de middelbare stormvloeden op 3 januari 1976 (bij Vlissingen +394 centimeter), 27 februari 1990 (+384 centimeter), 28 januari 1994 (+387 centimeter) en 9 november 2007 (+367 centimeter). Op 17 februari 1962 beleefde Delfzijl een middelbare stormvloed met in Noord-Duitsland uitgebreide overstromingen.

Depressiekoers

Uitsluitend langdurige, sterke noordwesterstormen hebben duidelijk effect op de waterstanden. De depressiekoers bepaalt de richting, sterkte en duur van de storm, de snelheid waarmee die passeert en de sterkte van de drukdalingen. Een traag passerende depressie, waarin de luchtdruk snel daalt en die in zuidoostelijke richting over het noorden van de Noordzee trekt, is het gevaarlijkst.

Stormwaarschuwingen

Het KNMI kan al in een vroeg stadium nauwkeurig bepalen of er een stormvloed in aantocht is door kerndruk en koers van de depressie. De windwaarschuwingen staan op teletekstpagina 710, de overige weerwaarschuwingen op teletekst pagina 713.  De maritieme meteorologen in De Bilt geven de stormwaarschuwingen uit en berekenen de verwachte waterstanden voor de kust. Het Watermanagementcentrum Nederland (WMCN) waarschuwt voor stormvloeden. In het Watermanagementcentrum Nederland (WMCN) werken Rijkswaterstaat, de waterschappen en het KNMI samen.

Meer uitleg over

  • Golven op zee (foto: Martha Appelman, Ameland)

    Golven

    Golven vormen zich door de som van de zeegang (de ter plaatse waaiende wind) en de deining (golven die elders zijn opgewekt en daar zijn weggelopen).
  • Overstroming van het riviertje de Mark bij Breda. Waar het witte paaltje staat loopt het ondergelopen fietspad waar, in de zomer, honderden mensen per dag gebruik van maken. (Foto: Frans Wildhagen, Prinsenbeek)

    Hoogwaterberichten

    Dagelijks maakt het KNMI voor Rijkswaterstaat een speciaal weerbericht met de neerslagverwachting voor de stroomgebieden van de Rijn en de Maas.
Niet gevonden wat u zocht? Alle uitleg over