Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut; Ministerie van Infrastructuur en Milieu

 
Klimaatdesk: Veelgestelde Vragen
Koolstofcyclus
Er bestaat een snelle uitwisseling van CO2 tussen atmosfeer, oceaan en biosfeer. Deze is in evenwicht zodat de CO2-concentratie zonder menselijke invloed vrijwel constant is. De mens voegt daaraan CO2 toe, inderdaad maar zo´n 4 % van de hoeveelheid die van nature wordt uitgewisseld. Deze menselijke toevoeging verstoort het evenwicht en doet de CO2 concentratie in de atmosfeer stijgen. Ook onder de meeste skeptici is er weinig twijfel dat de toename (en daar gaat het om) van de CO2 concentratie sinds de industrïele revolutie geheel door de mens wordt veroorzaakt. Dat wordt ook bevestigd door de veranderende istopensamenstelling van het atmosferisch CO2 (fossiele CO2 bevat geen 14C). Het is inderdaad zo dat voor de verbranding van fossiele brandstoffen zuurstof nodig is. We zien dan ook dat het zuurstofgehalte in de atmosfeer is gedaald. Voor de negentiger jaren is dit ook gemeten: CO2 is in dit decennium met 15 ppm (parts per million) gestegen, terwijl O2 met 31 ppm is gedaald. De verhouding is dus bij benadering 1 staat tot 2. Deze verhouding is o.a. afhankelijk van wat de vegetatie aan zuurstof teruggeeft en welke fractie van geemitteerde CO2 wordt opgenomen door de oceanen. Wanneer we veronderstellen dat deze verhouding in de toekomst gelijk blijft zal bij het verstoken van alle conventionele fossiele brandstoffen, zoals olie, gas en steenkool (geschat op 4000 GtC) de toename van het atmosferisch CO2 gehalte 750 ppm bedragen (dit wordt gehaald ergens rond het jaar 2200) De zuursofafname bedraagt dan circa 1500 ppm ofwel 0.15%. Momenteel bevat de atmosfeer zo'n 21% zuurstof.

Wanneer ook de niet conventionele voorraden, zoals zware olie, teerhoudende zanden en leisteenolie, daarna worden verstookt - geschat op meer dan 15000 GtC -, wordt het CO2 gehalte van de atmosfeer meer dan 4000 ppm hoger dan nu (rond het jaar 2500). Dit zou bij gelijkblijvende verhouding corresponderen met een zuurstof afname van 0.8%.

Uiteraard zijn deze getallen ook afhankelijk van de snelheid waarmee fossiele brandstoffen verstookt worden. Dus bovenstaande moet beschouwd worden als een ruwe schatting.