
Nop factsheet nummer
3, november 1999
Klimaatverandering en
gezondheid
- Aanleiding:
Klimaatverandering en afbraak van de ozonlaag zullen direct en indirect van
invloed zijn op de menselijke gezondheid. Over het algemeen zijn de te verwachten
effecten negatief.
- Doel onderzoek(en):
De kwetsbaarheid van de volksgezondheid voor klimaatverandering en aantasting
van de ozonlaag te bepalen op twee niveaus: (1) inventariserend voor Nederland;
(2) diepgaand onderzoek toegespitst op malaria en dengue (knokkelkoorts).
- Van belang
voor: Internationale organisaties, zoals UNEP en WHO en nationale overheden
(ministeries van milieu en van volksgezondheid) en gezondheidsorganisaties,
zowel in Nederland als in de betreffende regio's in Afrika (Kenia) en Zuid-Amerika
(Brazilië).
- Conclusies:
Bij een warmer en vochtiger klimaat zullen pollensoorten (verantwoordelijk
voor hooikoorts) en huismijten beter gedijen. Die leiden net als de toename
van (zomer)smog tot een stijging van luchtwegziekten. Ook zullen in Nederland
de omstandigheden steeds gunstiger worden voor organismen die ziekten overbrengen,
zoals de malariamug en de teek (de ziekte van Lyme). Verder zal het aantal
gevallen van hittestress als gevolg van hittegolven toenemen. In ontwikkelingslanden
zullen de effecten echter vele malen groter zijn. Hogere temperaturen bevorderen
de groei van ziektekiemen en de verspreiding ervan door insecten en via besmet
water. Infectieziekten als malaria en dengue (knokkelkoorts) kunnen zich uitbreiden
naar streken waar de bevolking er niet eerder mee in aanraking is geweest
en dus geen immuniteit heeft opgebouwd. De Afrikaanse hooglanden zijn het
meest kwetsbaar voor een verandering in de verspreiding van malaria.
- Aanbeveling:
Wereldwijde observatie van gezondheidsindicatoren kan ons in een vroeg stadium
attenderen op wijzigingen in de gezondheid of factoren die van invloed zijn
op de gezondheid, zoals het voorkomen van bepaalde dragers. Tegelijkertijd
is het nodig verdere aanpassingsstrategieën te ontwikkelen, zoals het
op nationaal niveau stimuleren van het gebruik van klamboes die geïmpregneerd
zijn met insecticiden.

Klimaatverandering
en gezondheid
Temperatuur, zonneschijn, luchtvochtigheid
en stilstaand water beïnvloeden het ontstaan en de verspreiding van infectieziekten
en epidemieën. Een warmer en vochtiger klimaat bevordert het voorkomen
en de verspreiding van parasieten, bacteriën en andere ziekteverwekkers
door insecten en via water.
Andere
mogelijke effecten van klimaatverandering zijn een toename in hittegevoelige
ziekten en sterfte (dit zijn met name hart- en vaatziekten en longziekten) en
ondervoeding en uitdroging door een verminderde voedsel- en watervoorziening.
Een toename van de blootstelling aan UV-straling - een gevolg van de aantasting
van de ozonlaag - kan leiden tot een stijging van het aantal mensen met huidkanker
en grauwe staar. Ook kan door een verhoogde UV-belasting de afweer tegen infectieziekten
afnemen.
Niet overal zullen de effecten van
klimaatverandering hetzelfde zijn. De gezondheidseffecten in ontwikkelingslanden
zijn groter van omvang dan de effecten die Nederland zal ervaren. Maar ook de
Nederlandse bevolking zal het effect van klimaatverandering en aantasting van
de ozonlaag merken: een verhoogde kans op het krijgen van huidkanker, meer gevallen
van hittestress, meer luchtwegaandoeningen en andere hittegerelateerde ziekten
en sterfte en een toenemend risico op de verspreiding van malaria (en andere
infectieziekten).

Hittestress
in Europese steden
Met name in grote stedelijke gebieden
neemt tijdens perioden met extreem hoge temperaturen de kans op overlijden aan
hart- en vaatziekten en ziekten van de luchtwegen toe. Indien het aantal hittegolven
stijgt in een warmere wereld zal dus ook de sterfte toenemen. Behalve zeer hoge
temperaturen zijn ook zeer lage temperaturen riskant; hierdoor sterven ook in
de koude wintermaanden meer mensen dan gemiddeld aan hart- en luchtwegziekten.
Onderzoek naar het effect van een geleidelijke toename van de temperatuur laat
dan ook zien dat in gebieden met een koud of gematigd klimaat een afname van
sterfte aan hart- en vaatziekten in de winter te verwachten is als het klimaat
wereldwijd verandert. Hoewel dus 's zomers het sterfterisico toeneemt als het
warmer wordt, zal dit in steden met een koud of gematigd klimaat gecompenseerd
worden door een afnemende wintersterfte.

Percentuele verandering in sterfte in een aantal Europese steden ten gevolge
van temperatuurstress in het jaar 2050 ten opzichte van 1990. (HVZ = hart- en
vaatziekten)
|
In het nieuws:
- Meer malaria door broeikaseffect
- Intermediair, 21 januari 1994
- Enge beestjes: Ze zijn weer
terug - Elsevier, 15 juli 1995.
- Malaria mosquito may warm
to Britain - The Guardian, 28 augustus 1995
- Tropical diseases risk with
warming - Canberra Times, 28 augustus 1995
- Malaria spread linked to
climate change - The Sydney Morning Herald, 2 september 1995
- Toename van malaria door
broeikaseffect - De Limburger, 19 oktober 1995
- Temperatuurstijging verhoogt
kans op malaria - Observant, 2 november 1995
- Le réchauffement
climatique modifiera la géographie du paludisme - Le Monde, 23
november 1995
- Malaria mug profiteert van
broeikaseffect - Het Parool, 15 maart 1997
- Broeikaseffect opsteker
voor malariamug - De Limburger, 13 januari 1998
- Massive increase in skin
cancer cases predicted - Scotland on Sunday, 24 mei 1998
|

Hooglandmalaria
in Afrika
In de tropische hooglanden in Afrika
komt op dit moment nauwelijks malaria voor, omdat het daar net te koud is voor
de ontwikkeling van de malariaparasiet. De hoogte waarboven malaria niet meer
voorkomt verschilt per regio: in Burundi, Ethiopië, Kenia, Marokko en Ruanda
ligt deze grens rond de 2000 meter, maar in Zimbabwe rond de 1200 meter. Een
kleine temperatuurstijging is voldoende om grote delen van deze hooglanden wel
geschikt te maken voor malaria. Extra probleem is dat de bevolking van de hooglanden
geen immuniteit heeft opgebouwd tegen malaria. Daardoor kan malaria extra verwoestende
effecten hebben, zoals bleek tijdens de malaria-epidemie in de Ethiopische hooglanden
in 1958, waarbij 150.000 mensen stierven, en de epidemie in Madagaskar eind
jaren 80, die 20.000 doden opleverde.

Gezondheidseffecten veroorzaakt door klimaatverandering en aantasting van de
ozonlaag
Door het toenemend reis- en zakenverkeer
stijgt het aantal mensen dat malaria en andere infectieziekten vanuit het buitenland
naar Nederland importeert. Dit vergroot de kans op het uitbreken van een epidemie,
hoewel de kans dat malaria zich opnieuw in Nederland zal voordoen uiterst klein
blijft.
|
Andere projecten
Een ander project binnen
het NOP dat zich richt op de effecten van klimaatverandering op de gezondheid
is "Effect van blootstelling aan UV B-licht op de weerstand tegen infectieziekten
en de respons op vaccinatie".
In
dit project onderzoeken het Rijks Instituut voor Volksgezondheid en Milieu
(RIVM) en de academische ziekenhuizen van Utrecht en Leiden of een toename
van ultraviolet B-straling (veroorzaakt door de aantasting van de ozonlaag)
kan leiden tot een verminderde weerstand tegen infectieziekten en daardoor
een grotere kans op deze ziekten. Ook wordt nagegaan of de effectiviteit
van vaccinaties kan teruglopen door een hogere blootstelling aan UV B.
Projectnummer: 952276
meer informatie:
dr. H. van Loveren
telefoon: 030 2742476
fax: 030 2744437
e-mail: h.van.loveren@rivm.nl
|

Conclusies
- De gezondheid van de Nederlandse
bevolking zal beïnvloed worden door klimaatverandering en aantasting
van de ozonlaag. Klimaatverandering heeft ook positieve gezondheidseffecten,
zoals een afname van wintersterfte; de meeste effecten echter pakken nadelig
uit voor de volksgezondheid.
- Wereldwijd worden (met name vectorgebonden)
infectieziekten door klimaatverandering sterk beïnvloed. Hun verspreiding
zal toenemen; de hooglanden in Afrika zijn een van de meest kwetsbare gebieden
voor een toename van malaria.
- De gezondheidseffecten in delen
van de wereld met weinig middelen om adequaat op een klimaatsverandering te
reageren zullen echter veel groter van omvang zijn dan de effecten in Nederland.
- Door het toenemend reis- en zakenverkeer
zal het aantal mensen dat malaria en andere infectieziekten vanuit het buitenland
naar Nederland importeert, toenemen. Dit vergroot de (zeer geringe) kans op
het uitbreken van malaria in Nederland.
- Door gezondheidsindicatoren te
monitoren en te stimuleren dat op nationaal niveau aanpassingsstrategieën
worden uitgevoerd - met aandacht voor de meest kwetsbare groepen zoals kinderen
en ouderen - kunnen de effecten zoveel mogelijk beperkt worden. In veel ontwikkelingslanden
laten het gezondheidszorgsysteem en de infrastructuur te wensen over. Hier
zal, los van klimaatverandering, verbetering in moeten komen om een duurzame
gezondheid in deze landen te waarborgen.

|
Projectgegevens
Naam project: Programming
Study: Impacts of Global Atmospheric and Climate Change on Public Health
and on the Health Care System in the Netherlands
Projectleider:
dr. Pim Martens (ICIS)
Eindrapport: Vulnerability
of Human Population Health to Climate Change: state-of-knowledge and future
research directions (1996), te bestellen bij het Programma Bureau NOP
onder nr. 410200004
Naam project:
Climate Change Impacts on Vector-Borne Diseases
Aanvang project:
1998
Duur van het project:
3 jaar
Projectleider:
dr. Pim Martens (ICIS)
Projectnummer:
952257
Meer informatie:
dr. Pim Martens
International Centre for Integrative Studies, Universiteit Maastricht
Postbus 616, 6200 MD Maastricht
Tel: 043 3883555/3882662
Fax: 043 3884916
Email: p.martens@icis.unimaas.nl
|
|
Het
Nationaal Onderzoek Programma Mondiale Luchtverontreiniging en Klimaatverandering
(NOP) is een strategisch onderzoeksprogramma ter ondersteuning van het
klimaat-beleid en ter stimulering van het klimaatonderzoek in Nederland.
Het NOP richt zich op de beantwoording van vragen voor de (middel)lange
termijn. De doelstellingen van het programma luiden als volgt:
- het
versterken en ondersteunen van het Nederlands klimaatbeleid, in nationale
en internationale context
-
het bevorderen van de actieve communicatie tussen wetenschap, beleiden
samenleving over klimaatverandering
-
het versterken van de Nederlandse onderzoeksstructuur met betrekking
tot klimaatverandering
|
Gezien
de aard van het klimaatprobleem, is een multi-disciplinaire benadering
noodzakelijk. Het onderzoek in de vier thema's waaruit het programma bestaat,
wordt uitgevoerd door onderzoekers uit diverse disciplines van een groot
aantal onderzoeksinstellingen en universiteiten. De vier thema's zijn:
Thema
I Gedrag van het klimaatsysteem als geheel en in onderdelen
Thema
II Kwetsbaarheid van natuurlijke en maatschappelijke systemen voor klimaatverandering
Thema
III Maatschappelijke oorzaken en oplossingen
Thema
IV Integratie en assessment
Voor
meer informatie kunt u terecht bij het Programmabureau van het NOP: NOP
(postbak 59) Postbus 1 3720 BA Bilthoven Tel: +31 30 274 32 11 Fax: +31
30 274 44 36 E-mail: nopsecr@rivm.nl
|