Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut; Ministerie van Infrastructuur en Milieu

 
Klimaat
IPCC
Intergovernmental Panel on Climate Change
Koos Verbeek en Mieke Reijmerink, KNMI
Klimaatonderzoek en het IPCC
Het wereldwijde klimaatonderzoek wordt omspannen door een ingewikkeld wetenschappelijk netwerk. Het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC) van de Verenigde Naties probeert ongeveer iedere 5 jaar een overzicht te geven van het wereldwijde klimaatonderzoek, en maakt daarbij ook een samenvatting voor beleidsmakers. Het IPCC is opgedeeld in drie werkgroepen:

  • Werkgroep I richt zich op de natuurwetenschappelijke aspecten van zowel natuurlijke als door mensen veroorzaakte klimaatverandering.
  • Werkgroep II bestrijkt de kwetsbaarheid van maatschappelijke en natuurlijke systemen voor klimaatverandering inclusief de mogelijkheden tot aanpassing.
  • Werkgroep III bekijkt de mogelijkheden tot het terugdringen van door mensen veroorzaakte klimaatverandering.


Binnen het KNMI richten afdelingen Aardobservatie Klimaat (AK), Mondiaal Klimaat (MK), Regionaal Klimaat (RK) en Chemie en Klimaat (CK) zich vooral op onderwerpen binnen werkgroep I. De afdeling Klimaatdata en -advies (KA) beweegt zich op het grensvlak van Werkgroep I en II.
Het soort onderzoek dat hoort bij de Werkgroepen II en III wordt in Nederland vooral uitgevoerd bij respectievelijk Wageningen Universiteit (o.a. Climate Change and Biosphere centre) en het Milieu en Natuur Planbureau (MNP).
Het KNMI coördineert de Nederlandse bijdragen aan het IPCC en is Nederlands vertegenwoordiger bij de plenaire IPCC-vergaderingen.

Het IPCC en het Klimaatbeleid
Het mondiale klimaatbeleid is op gang gekomen in de jaren 90 nadat, op initiatief van de WMO (World Meteorological Organisation) en de UNEP (United Nations Environment Programme), het IPCC periodiek begon te rapporteren over de wetenschappelijke inzichten in klimaatverandering. Deze rapportages, de Assessment Reports (1990/1992, 1996, 2001, 2007) hebben mede aanleiding gegeven tot achtereenvolgens de oprichting van het klimaatverdrag van de VN (UNFCCC), de totstandkoming van het Kyoto Protocol en de ratificaties van dat protocol door de verschillende lidstaten.
De lijn tussen wetenschap en beleid is in geval van klimaatverandering uitzonderlijk direct. Dat wil niet zeggen dat de beleidsmakers aan de wetenschappers vragen wat ze moeten doen. Op basis van de klimaatwetenschap maakt de politiek een inschatting van de maatschappelijke risico's van klimaatverandering. Op basis van die inschatting en andere zwaarwegende aspecten (kosten, belangen etc.) wordt beleid ontwikkeld.
Het IPCC rapporteert met name over wereldwijde aspecten van klimaatverandering. Het KNMI adviseert de Nederlandse overheid op basis van de IPCC-rapporten en eigen onderzoek. Daarnaast besteedt het KNMI veel aandacht aan het voorlichten van de Nederlandse samenleving, en aan specifieke adviezen voor specialistische doelgroepen, bijvoorbeeld ten behoeve van het waterbeheer.