Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut; Ministerie van Infrastructuur en Milieu

 
Klimatologie: Weerbeschrijving
Oktober 2001
Tijdvak 1 – 4 oktober
Op 1 oktober om 00.00 UT bevond zich op 55 N.B/25W.L. een omvangrijke depressie met een kerndruk van 956 hPa die zich gedurende het tijdvak geleidelijk opvullend naar Midden-Scandinavië verplaatste. Boven onze omgeving stond een zuidweststroming. Op 1 oktober passeerde het polaire front van west naar oost ons land vergezeld van buiige regen. In de zuidoostelijke helft van het land verliep de dag zonloos en in Brabant viel plaatselijk ca. 20 mm. In het front ontwikkelde zich boven de Golf van Biscaje een stabiele golf die de 2e over ons land naar het noordoosten trok. In de nacht en ochtend regende het geruime tijd. In de namiddag trok het front met buiige regen en plaatselijk vergezeld van zware windstoten uiteindelijk oostwaarts. Landelijk bezien viel ca. 12 mm neerslag. Op 3 oktober bleef het front over Duitsland door golfvorming slepen. In Limburg viel wat lichte regen, elders waren er zonnige perioden. Op de 4e viel plaatselijk een bui, op de meeste plaatsen echter waren er zonnige perioden. De maxima in dit tijdvak lagen met 17 à 19 C enkele graden boven normaal. Op de 2e werd het in het zuidoosten plaatselijk 24 C. Opvallend waren de hoge minima; deze lagen 3 tot 6 C boven normaal.
Tijdvak 5 – 9 oktober
Ten westen van Ierland bevond zich een zeer omvangrijke en vrijwel stationaire depressie. In combinatie met een hogedrukgebied boven Oost-Europa resulteerde dit boven onze omgeving in een zuid- tot zuidweststroming. Op 5 oktober waren er flinke perioden met zon. Op 6 oktober trok in de middag en avond een koufront behorende bij de depressie vergezeld van regen vanuit het zuidwesten over het land. In de zuidoostelijke helft van het land werd plaatselijk onweer waargenomen. Een snel uitdiepende randstoring trok op 7 oktober van het zeegebied ten westen van Portugal naar Wales alwaar deze werd opgenomen in eerder genoemde depressie. Het systeem verplaatste zich vervolgens snel opvullend, traag naar het zeegebied tussen Schotland en Noorwegen waar het op 9 oktober aankwam. In ons land veroorzaakte deze ontwikkeling op 7 tot en met 9 oktober winderig weer met aan zee soms een stormachtige wind. Op de 7e waren er zonnige perioden. In de daarop volgende nacht passeerde een koufront met enige regen. Op 8 en 9 oktober was er af en toe zon. Boven zee ontstonden buien die met name in het noordwesten het land opdreven. Het was zacht met maxima meest tussen de 16 en 19 C. De minima lagen met 9 à 15 C ver boven het langjarig gemiddelde.
Tijdvak 10 – 15 oktober
Het weer in dit tijdvak werd bepaald door een omvangrijk hogedrukgebied waarvan de kern zich geleidelijk van Frankrijk naar Oekraïne verplaatste. Op 10 en 11 oktober bevond ons land zich aan de noordflank van het systeem. De 10e verliep met zonnige perioden. In de avond veroorzaakte een zwak golvend front behorende bij een depressie boven Scandinavië veel bewolking en plaatselijk wat motregen. Op 11 oktober bleef het onder invloed van het gestagneerde front in een deel van het land bewolkt met wat motregen. Vanaf 12 oktober bevond ons land zich aan de westflank van het hogedrukgebied. Met een zuidstroming werd zeer zachte lucht aangevoerd. Op 12 oktober waren er in de nacht enkele mistbanken, overdag was het zonnig. Op 13 oktober waren er flinke perioden met zon. Op de 14e veroorzaakte een zwakke trog meer bewolking en in de avond lichte buiige regen. 15 oktober verliep met zonnige perioden. In de avond veroorzaakte een koufront behorende bij een depressie ten zuiden van IJsland in de westelijke helft van het land enkele buien, plaatselijk met onweer. Dit tijdvak verliep zeer zacht waarbij vanaf de 12e op veel plaatsen overdag de 20 C werd overschreden.
Tijdvak 16 – 20 Oktober
Boven onze omgeving werd met een zuid- tot zuidooststroming zeer zachte lucht aangevoerd tussen een langgerekt hogedrukgebied van Scandinavië naar Zuidoost-Europa en een quasi-stationaire depressie ten (zuid)westen van Ierland. Op 16 en 17 oktober was het droog met zonnige perioden. Op 18 oktober dreven er veel wolkenvelden over. In de avond en daarop volgende nacht trok een koufront van de depressie vergezeld van lichte regen van zuidwest naar noordoost over het land. Na passage van het front klaarde het op en ontstond op veel plaatsen dichte tot zeer dichte mist. Overdag veroorzaakte een zwakke storing veel hogere bewolking. Op 20 oktober waren er vooral het eerste deel van de dag flinke zonnige perioden. In de middag nam de bewolking toe op de nadering van een zwak front. In de avond viel plaatselijk wat lichte regen. De minima lagen ruim boven normaal, op 18 tot en met 20 oktober ca. 5 tot 7 C. Ook de maxima in dit tijdvak waren met ca. 17 à 21 C zeer hoog.
Tijdvak 21 – 26 oktober
Het Azoren-hogedrukgebied had in dit tijdvak een uitloper tot boven het Alpengebied. Een ander hogedrukgebied trok van Groenland via de Oostzee naar Oekraïne. Samen met opeenvolgende depressies ten westen van Ierland resulteerde dit boven onze omgeving in een zuidweststroming. De aangevoerde lucht was zeer zacht. De maxima lagen ca. 2 tot 4 C boven normaal, de minima ca. 3 tot 7 C. Op 21 en 22 oktober bevond zich boven de zuidelijke Noordzee een klein opvullend lagedrukgebied. De bijbehorende frontale zone trok op de 21e van zuid naar noord over het land, plaatselijk vergezeld van lichte regen. Op 22 oktober kwam het front ten noorden van het land tot stilstand. In het noorden was het bewolkt en plaatselijk viel regen. In de zuidelijke helft van het land waren er zonnige perioden. De 23e trok een frontaal systeem vanuit het zuiden over het land. De dag verliep somber en er viel enige tijd regen. In de middag en avond van 24 oktober trok een occlusie vergezeld van lichte buiige regen over het land. Voor de storing uit waren er zonnige perioden. 25 en 26 oktober verliepen op een lokale bui na droog met zonnige perioden.
Tijdvak 27 – 31 oktober
Een hogedrukgebied boven Oekraïne stond aanvankelijk via een rug van hogedruk boven Midden-Europa in verbinding met het Azoren-hogedrukgebied. Boven onze omgeving stond een zuidweststroming. Een koufront behorende bij een depressie boven Scandinavië trok in de vroege ochtend van 27 oktober vergezeld van regen vanuit het noordwesten over het land om vervolgens ten zuiden van ons land te stagneren. Overdag waren er zonnige perioden. Op 28 oktober drong het front tijdelijk weer noordwaarts op. In de zuidelijke provincies viel enige regen. Overigens was het wisselend bewolkt. Geleidelijk ontwikkelde zich boven het Alpengebied een krachtig hogedrukgebied. Hierdoor kromp de stroming .naar het zuiden. Op 29 oktober dreven wolkenvelden over het land, de 30e was het zonnig. Op 30 oktober ontstond nabij Ierland een frontale depressie die op de 31e boven Zuid-Scandinavië aankwam. Het koufront passeerde in de ochtend van de 31e vergezeld van regen. Overdag was het wisselend bewolkt en vielen in een weststroming buien, soms vergezeld van onweer, hagel en windstoten. De temperaturen lagen in dit tijdvak enkele graden boven normaal. Op de 30e waren de maxima zelfs 17 tot bijna 20 C.

Rob Sluijter