| |
Klimatologie: Weerbeschrijving
Juli 2002
Tijdvak 1 – 4 juli Bepalend voor het weer was een depressie die van Schotland via de Noorse kust naar de Noordkaap trok. Boven onze omgeving stond een zuidweststroming. Door golfvorming trok het koufront van de depressie op 1 juli traag over het land. Het was bewolkt en met name in het zuidoosten viel (mot)regen. Na passage van het front trokken in polaire, onstabiele lucht buien over het land, soms vergezeld van onweer. De buiigheid hield op 2 juli aan. Een randstoring van de depressie trok op 3 juli van Land’s End naar de Wadden om op 4 juli boven het zuiden van Zweden aan te komen. Reeds in de avond van 2 juli nam de bewolking toe en begon het te regenen. Op 3 juli viel er buiige regen; plaatselijk werd onweer waargenomen. Landelijk bezien viel 15 mm neerslag. Op 4 juli trokken de buien naar het oosten weg en waren er flinke perioden met zon. De maxima in dit tijdvak waren 16 ŕ 20 C.Tijdvak 5 – 7 juli Een kleine depressie, op 5 juli boven Ierland, trok opvullend op 6 juli noord van de Wadden oostwaarts. Het frontale systeem van de depressie veroorzaakte op de 5e veel bewolking en af en toe regen. In het noordwesten viel plaatselijk ruim 15 mm neerslag. Op de 6e overheerste de bewolking en met name in de oostelijke helft van het land kwamen buien tot ontwikkeling. Een front van een depressie nabij IJsland veroorzaakte op 7 juli veel bewolking en plaatselijk regen. In de avond klaarde het op. De maxima lagen in dit tijdvak tussen ca. 17 en 21 C.Tijdvak 8 – 11 juli Tussen een lagedrukgebied nabij Schotland en een hogedrukgebied met zwaartepunt boven Noordwest-Rusland, stond boven onze omgeving een zuidstroming. Op 8 juli was het in het oosten vrij zonnig en werd het plaatselijk zomers warm. In het westen dreven wolkenvelden over bij maxima van ca. 22 C. Op 9 juli werd het in een groot deel van het land ruim 25 C. In de ochtend trok een vore van lagedruk over het land vergezeld van buiige regen. Later op de dag ontstonden op een volgende vore onweersbuien. Het koufront van eerdergenoemde passeerde in de avond zonder activiteit. Het front stagneerde boven Duitsland. Een stabiele golf in het front trok op de 10e naar het noorden en veroorzaakte in de oostelijke helft van het land regenval bij 12 tot 14 C. In het noordoosten viel plaatselijk ruim 14 mm. Op 11 juli waren er flinke perioden met zon, afgewisseld door enkele buien die in de noordwestelijke helft van het land plaatselijk vergezeld gingen van onweer.Tijdvak 12 – 15 juli Boven de Oostzee kwam op de 12e een hogedrukgebied tot ontwikkeling waarvan het centrum zich geleidelijk naar het noorden van de Noorse Zee verplaatste. Hierbij ontstond een verbinding met een hogedrukgebied nabij de Azoren. Op 12 juli bevond zich een vlak lagedrukgebied boven Bretagne. Een warmtefront van het lagedrukgebied veroorzaakte in de middag en avond met name in het westen van het land buiige regen. Op 13 juli kwam boven Noord-Italië een actieve depressie tot ontwikkeling door afsnoering van koude lucht in de hogere luchtlagen. De as van een vore van deze depressie lag van 13 tot en met 15 juli nabij ons land. Eerder genoemd front lag gedurende deze periode vrijwel stationair boven de Noordzee. Op de 13e kwamen buien tot ontwikkeling, soms vergezeld van onweer, die door hun geringe treksnelheid plaatselijk grote neerslagsommen veroorzaakten. Op het KNMI-neerslagstation Ternaard (Fr) viel 73 mm. Op 14 juli was er in het westen en oosten veel bewolking. In het oosten viel een enkele bui. Elders waren er zonnige perioden. Op de 15e was het vrij zonnig maar in het zuidwesten en zuidoosten dreven wolkenvelden over. De maxima in dit tijdvak liepen geleidelijk op van 18 ŕ 21 naar 18 ŕ 26 C.Tijdvak 16 – 19 juli Tussen een hogedukgebied met centrum nabij de Britse Eilanden en eerder genoemde depressie die van Italië naar Scandinavië trok, stond een noordstroming. Fronten van de depressie lagen van 16 tot en met 18 juli vrijwel stationair boven Duitsland en veroorzaakten in met name de oostelijke helft van ons land wolkenvelden. In het westen waren flinke perioden met zon. Op 17 juli kwamen in Limburg enkele onweersbuien tot ontwikkeling. Op de 19e waren er langs de kust en in Limburg perioden met zon, elders ontstond stapelbewolking. De maxima daalden in dit tijdvak geleidelijk van 20 ŕ 26 naar 17 ŕ 20 C.Tijdvak 20 – 25 juli Het weer werd de eerste dagen van dit tijdvak bepaald door een depressie die van de Noordzee via het noorden van ons land naar Zuid-Zweden trok. Na een dag met zonnige perioden passeerde in de namiddag en avond van de 20e het koufront van de depressie met buien die in de zuidelijke helft van het land plaatselijk vergezeld gingen van onweer, hagel en windstoten. Op de 21e bevond de kern van de depressie zich boven ons land. Er vielen buien, plaatselijk met onweer en hagel. Een uitloper van een hogedrukgebied met kern nabij de Azoren breidde zich op de 22e uit tot over Midden-Europa en onderdrukte de buiigheid. Aan de noordflank van dit systeem stond de overige dagen van dit tijdvak een weststroming. Op 23 juli trok een depressie over de Noordzee naar Zuid-Zweden. Het frontale systeem veroorzaakte op de 23e en aan aanvankelijk op de 24e veel bewolking en af en toe regen. Overdag en op 25 juli wisselden wolkenvelden en zonnige perioden elkaar af. In de nacht van 25 op 26 juli veroorzaakte een warmtefront enige regen. De maxima waren op de 20e 20 tot 24 C, daarna 18 tot 21 C.Tijdvak 26 – 31 juli Op 26 juli kwam boven Midden-Europa een hogedrukgebied tot ontwikkeling waarvan het centrum zich via Noordwest-Rusland naar Scandinavië verplaatste. Boven Frankrijk ontstond geleidelijk een complex thermisch lagedrukgebied. Boven onze omgeving kromp hierdoor de stroming naar het oosten. Op 26 juli klaarde het geleidelijk op. 27 tot en met 29 juli verliepen vrij zonnig. Op 30 juli breidde een vore van het lagedrukgebied zich uit tot boven onze omgeving. Er ontstonden onweersbuien die van oost naar west over ons land trokken en plaatselijk vergezeld gingen van zware windstoten en hagel,. Op de 31e ontstonden met name in de noordoostelijke helft van het land opnieuw zware buien, plaatselijk vergezeld van onweer. Zeer lokaal viel uit de buien op de 30e en 31e in korte tijd ruim 50 mm neerslag en ontstond wateroverlast. Vanaf 27 juli werd het in een groot deel van het land 25 C of meer; op 28, 29 en 30 juli plaatselijk zelfs 30 C of meer. Op de 31e werd de tropische waarde van 30 C alleen nog in het noordoosten bereikt.
Rob Sluijter
|
|
|