Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut; Ministerie van Infrastructuur en Milieu

 
Klimatologie: Weerbeschrijving
Juli 2004
Tijdvak 1 – 4 juli
Het weer werd bepaald door een depressie die van het zeegebied ten westen van Schotland naar Zuid-Scandinavië trok. In een weststroming werd onstabiele, maritiem polaire lucht aangevoerd waarin van tijd tot tijd buien ontstonden. Deze buien gingen behalve op de 4e plaatselijk vergezeld van onweer en op 1 juli ook van hagel. Lokaal vielen grote sommen neerslag. Zo werd op het KNMI-neerslagstation Soest op de 3e om 08 uur UT over het voorgaande etmaal 64 mm afgetapt, in een strook over het midden van het land werd overal ruim 30 mm gemeten. Een stabiele golf die van Bretagne naar België trok veroorzaakte op de 4e in de avond vooral in de zuidelijke helft van het land lichte buiige regen. Het was dit tijdvak vrij koel met maxima van ca. 17 ŕ 20 C.
Tijdvak 5 – 9 juli
Aan het begin van dit tijdvak lag het polaire front van het Iberisch Schiereiland naar Duitsland. De temperatuurstegenstelling tussen de maritiem polaire lucht aan de westkant en de continentaal tropische lucht ten oosten van het front was zeer groot. De straalstroom liep van Spanje naar onze omgeving. Op het front ontstond op de 6e een actieve depressie boven Spanje. Deze trok via Bretagne (7e) en ons land naar Denemarken (9e juli). Op 5 juli waren er flinke perioden met zon. In het binnenland kwamen enkele buien tot ontwikkeling, soms met onweer. 6 juli verliep onder invloed van een rug van hoge druk vrij zonnig en droog. Op 7 juli nam de bewolking toe op nadering van het occluderende frontale systeem van de depressie. Dit passeerde in de middag en avond met regen. In het zuiden viel 10 tot 20 mm. Op 8 juli trokken geclusterde buien vergezeld van onweer en lokaal hagel over het land. Op de 9e veroorzaakte de om de depressie ingedraaide occlusie vooral in het binnenland buien, lokaal met onweer. Zowel op 8 als op 9 juli viel lokaal 25 mm neerslag of meer. De maxima in dit tijdvak waren ca. 18 ŕ 22 C, op 7 en 8 juli werd het enkele graden warmer.
Tijdvak 10 – 13 juli
Tussen eerder genoemde depressie die zich langzaam naar het noorden van Scandinavië verplaatste en het hogedrukgebied der Azoren dat een uitloper ontwikkelde tot over de Britse Eilanden, stond boven onze omgeving een in kracht afnemende noordweststroming waarmee koele lucht werd aangevoerd die geen hogere maxima toeliet dan ca. 15 ŕ 19 C. Op 10 juli waren er perioden met zon maar vooral in het binnenland ontstonden ook buien, soms met onweer. Op de 11e trok een trog vergezeld van buiige regen over het land. In de nacht van 11 op 12 juli passeerde een occlusie vergezeld van (mot)regen. Op 12 juli viel in het zuiden aanvankelijk nog wat regen van de occlusie. Elders overheerste de bewolking en viel af en toe een lichte bui. Ook op de 13e vielen eerst nog wat lichte buitjes maar later werd het droog met zonnige perioden.
Tijdvak 14 – 17 juli
Aan de noordflank van het hogedrukgebied der Azoren, dat een uitloper had over Frankrijk tot in Midden-Europa, stond boven onze omgeving een weststroming die op de 17e kromp naar zuid door het naderbij komen van de sturende depressie die in dit tijdvak van IJsland naar het zeegebied ten noordwesten van Schotland trok. Op 14 juli passeerde het warmtefront van de depressie met regen. Het golvend koufront lag vervolgens op 15 en 16 juli parallel aan de stroming westoost georienteerd over het land. De bewolking overheerste en af en toe viel (mot)regen. Pas later op de 16e kwamen er vooral in het zuiden zonnige perioden. Op de 17e werd warme, onstabiele lucht aangevoerd. In de middag ontstonden in het binnenland enkele onweersbuien. In de namiddag en avond trok een zeer actieve buienlijn van zuidwest naar noordoost over het land. De buien gingen vergezeld van onweer en zware windstoten. Plaatselijk viel hagel. Vanuit vrijwel het hele land werden spectaculaire rolwolken gemeld. Door het noodweer vielen 20 gewonden en lokaal ontstond schade. Plaatselijk viel ruim 40 mm. Aanvankelijk waren de maxima 18 ŕ 21 C, op de 16e werd het in het zuiden lokaal 25 C. Op de 17e werd het maximaal 25 ŕ 30 C.
Tijdvak 18 – 23 juli
Boven het Europese continent was de luchtdruk in dit tijdvak relatief hoog. Boven het oostelijk deel van de Oceaan bevond zich een langolvige trog met aan het oppervlak een complex lagedrukgebied. Boven onze omgeving resulteerde dit in een zuidwestroming waarmee af en toe storingen overtrokken. Op de 18e passeerde een koufront vergezeld van buien, soms met onweer. Een zwakke rug van hogedruk zorgde voor een droge 19e juli met zonnige perioden. Een thermisch lagedrukgebied, ontstaan boven Frankrijk, trok op de 20e langs onze oostgrens noordwaarts. In het binnenland viel regen, later klaarde het vanuit het zuidwesten op. Op 21 juli passeerde een koufront. Op veel plaatsen viel wat lichte neerslag, lokaal kwamen echter zware onweersbuien tot ontwikkeling. In Volkel viel 60 mm. De 22e verliep vrij zonnig. In de nacht van 22 op 23 juli passeerde een thermische vore vergezeld van een in activiteit afnemend buiencomplex ons land. In het zuiden werd onweer waargenomen. Op 23 juli passeerde een koufront ons land. Voor dit front uit ontstonden in de oostelijke helft van het land buien. De maxima waren ca. 19 ŕ 24 C, vanaf de 21e ca. 21 ŕ 27 C.
Tijdvak 24 – 26 juli
Aan de noordflank van een hogedrukgebied met centrum ten westen van Bretagne stond boven onze omgeving een weststroming. Hierin trok op de 25e een golvend frontaal systeem van een depressie nabij Scandinavië over ons land vergezeld van regen bij maxima van 16 ŕ 20 C. Op de 24e en 26e waren er perioden met zon bij maxima van 19 ŕ 24 C, alhoewel op de 26e een trog eerst ook enkele buien veroorzaakte.
Tijdvak 27 – 31 juli
Het zwaartepunt van eerder genoemd hogedrukgebied verplaatste zich in dit tijdvak via onze omgeving naar het noorden van Scandinavië. Er bleef echter een brug bestaan via de Britse Eilanden naar het Azorenhogedrukgebied. De stroming ruimde op de 28e van west naar zuidoost. Op 27 en 28 juli waren er flinke perioden met zon, op de 29e was het zonnig. De maxima liepen op van 20 ŕ 23 C naar 25 ŕ 28 C. Een zwakke vore van lagedruk samenhangend met een hoogtekoufront van een depressie nabij IJsland trok op de 30e over ons land naar het noordoosten. Er was meer bewolking en lokaal kwam een onweersbui voor. De maxima waren 23 tot 29 C. Na passage van de vore draaide de stroming naar noord. Op 31 juli waren er zonnige perioden bij maxima die varieerden van 22 C in het noorden tot 27 C in het zuidoosten.

Rob Sluijter