| |
Klimatologie: Weerbeschrijving
September 2004
Tijdvak 1 – 5 september Het weer werd bepaald door een krachtig hogedrukgebied. Het zwaartepunt van het hogedrukgebied bevond zich aanvankelijk nabij onze omgeving en verplaatste zich aan het eind van het tijdvak naar het zuiden van Scandinavië, waarbij de zwakke stroming oost werd. Het was overwegend zonnig met dagelijks gemiddeld over het land ca. 10 uren zon. De maxima liepen gedurende het tijdvak op van ca. 18 ŕ 22 C naar 22 ŕ 28 C. Tijdens de nachten ontstonden plaatselijk dichte mistbanken. Ook de minima liepen op van ca. 7 ŕ 13 C naar 11 ŕ 16 C, waarbij de hoogste waarden langs de kust optraden.Tijdvak 6 – 10 september Het zwaartepunt van het eerder genoemde diffluente blokkerende hogedrukgebied lag op de 6e boven Schotland. Het hogedrukgebied ontwikkelde zich in de loop van het tijdvak tot een omegablokkade waarbij het centrum zich boven de Noordzee bevond. Boven onze omgeving stond een noordooststroming. Tijdens de laatste 2 dagen van dit tijdvak verplaatste het centrum zich naar Zuidoost-Europa waarbij de stroming draaide naar het zuidoosten. Op 6 september was het zonnig maar in het noordwesten kwam aanvankelijk lage bewolking voor. In de nacht van 6 op 7 september passeerde een zwak koufront zonder activiteit. Van 7 tot en met 10 september was het overwegend zonnig. In de avond van de 10e trok een zwakke trog behorende bij een depressie ten westen van Ierland van zuid naar noord over het land vergezeld van enkele onweersbuien. Op de 6e werd het maximaal 20 a 28 C. Achter het koufront werd aanvankelijk koelere lucht aangevoerd waardoor de maxima daalden naar 19 ŕ 23 C op de 8e. Met de ruimende stroming werd het daarna weer warmer met op de 10e maxima van 23 ŕ 28 C.Tijdvak 11 – 15 september Tussen het hogedrukgebied der Azoren en een complexe depressie waarvan de sturende kern zich van het zeegebied ten zuiden van IJsland naar het zuiden van Scandinavië verplaatste, stond boven onze omgeving een zuidwest- tot westcirculatie. Een koufront van de depressie passeerde op 11 september. Het was wisselend bewolkt en met name in de oostelijke helft van het land vielen enkele buien, plaatselijk vergezeld van onweer. In de nacht van 11 op 12 september passeerde een hoogtetrog vergezeld van enkele buien. Aan zee stond plaatselijk enige tijd een stormachtige wind en langs de kust kwamen zware windstoten voor. Overdag op de 12e was het in het zuiden onder invloed van een zwakke trekrug vrij zonnig. Naar het noorden toe was meer bewolking aanwezig en hier viel nog een enkele bui. Op 13 september passeerde een frontaal systeem vergezeld van regen. In de daarop volgende nacht ontstond een kustfront met in het noordwesten frequent onweersbuien. Op de 14e trok een trog over het land vergezeld van een buienlijn met plaatselijk onweer. Na passage bleven buien vallen, soms gegroepeerd in lijnvorm. De buien gingen plaatselijk vergezeld van onweer en windstoten. Aan zee stond enige tijd een stormachtige wind. Op 15 september passeerde een hoogtetrog met buien, lokaal vergezeld van onweer. Na passage draaide de stroming naar noordwest en viel plaatselijk nog een bui. De maxima in dit tijdvak waren ca. 17 ŕ 21 C maar op de 11e enkele graden hoger en op de 15e enkele graden lager.Tijdvak 16 – 19 september Aanvankelijk werd het weer bepaald door een hogedrukgebied waarvan het zwaartepunt zich verplaatste van onze omgeving naar Oost-Europa. Daarna kwam het weer geleidelijk onder invloed van een diepe depressie nabij IJsland. Op 16 september overheerste de zon, op de 17e waren er vooral in het oosten flinke perioden met zon. Een zwak warmtefront boven de Noordzee veroorzaakte vooral later op de dag in het westen meer bewolking en plaatselijk wat regen. Op 18 september passeerden 2 enigszins golvende koufronten van de depressie. Er dreven wolkenvelden over en vooral in de avond viel plaatselijk wat regen. Op de 19e waren er perioden met zon. In vroege ochtend van de 16e en 17e koelde het in het binnenland af tot lokaal 3, respectievelijk 5 C. Aan de kust waren de minima ca. 12 C. Daarna waren de minima ca. 10 tot 16 C. De maxima in dit tijdvak waren ca. 17 ŕ 20 C, maar op de 18e werd het in het zuidoosten plaatselijk 24 C.Tijdvak 20 – 24 september Een diepe, actieve depressie trok in dit tijdvak van het zeegebied tussen IJsland en Noorwegen naar de Botnische Golf. Tussen deze depressie en een hogedrukgebied met zwaartepunt ten zuidwesten van Ierland dat een rug ontwikkelde in noordelijke richting, stond boven onze omgeving een van west naar noordwest draaiende stroming. Op 20 september passeerde het koufront van de depressie vergezeld van regen en aan de kust enige tijd een stormachtige wind. In de avond ontstonden boven het midden en noorden van het land enkele actieve buienlijnen. Op de 21e vielen talrijke buien, lokaal met onweer. Aan zee stond af en toe een stormachtige wind. Op 22 september bleven in het noorden buien vallen. In het midden en zuiden van het land veroorzaakte een oostwaarts trekkende warmtefrontafloper perioden met regen. In het zuiden viel plaatselijk ruim 25 mm. Nadat dit neerslaggebied via het zuidoosten van het land was weggetrokken vielen op de 23e en 24e wederom talrijke buien. De zon scheen in dit tijdvak maar af en toe; de 22e verliep in een groot deel van het land zonloos. De maxima lagen met ca. 15 ŕ 18 C enkele graden onder het langjarig gemiddelde.Tijdvak 25 – 28 september Aan de noordflank van een hogedrukgebied met zwaartepunt boven de Golf van Biskaje stond boven onze omgeving een noordweststroming. Een depressie trok in dit tijdvak van IJsland naar Finland. Een occluderend frontaal systeem van de depressie trok op de 25e over het land vergezeld van regen. Op 26 september waren er perioden met zon. In de nacht van 26 op 27 september passeerde een frontaal systeem met wat (mot)regen. Dit systeem behoorde bij een randstoring ontstaan uit de resten van een tropische cycloon. De randstoring werd in eerdergenoemde depressie opgenomen. Overdag op de 27e brak de zon door, het laatst in het zuidoosten. Een kleine depressie, ontstaan uit een golf boven het zeegebied ten westen van Ierland, trok op 28 september over de Noordzee oostwaarts. Het warmtefront van de depressie passeerde in de nacht van 27 op 28 september zonder activiteit. Op de 28e was er in een warme sector sprake van een vrijwel gesloten wolkendek. Het koufront passeerde in de nacht van 28 op 29 september vergezeld van buiige regen; in het noordwesten werd onweer waargenomen. De maxima in dit tijdvak liepen op van ca. 14 ŕ 15 C naar 17 ŕ 20 C.Tijdvak 29 – 30 september Boven de Britse Eilanden kwam een langgerekt hogedrukgebied tot ontwikkeling. Het zwaartepunt verplaatste zich naar Zweden. Op de 29e werd aan de oostflank van het hogedrukgebied met een noordstroming onstabiele lucht aangevoerd waarin aanvankelijk enkele buien voorkwamen. Na passage van de rugas draaide de stroming op de 30e boven ons land naar zuidwest. Op de nadering van een warmtefront behorende bij een depressie nabij IJsland nam de bewolking toe, later gevolgd door enige tijd regen. De maxima liepen op beide dagen lokaal op tot 17 C. De nacht van 29 op 30 september verliep vooral in het zuiden koud. In Ell werd op de 30e een minimum van 1.5 C genoteerd. In Gilze-Rijen daalde de temperatuur aan de grond voor het eerst na de zomer tot onder het vriespunt.
Rob Sluijter
|
|
|