| |
Klimatologie: Weerbeschrijving
December 2004
Tijdvak 1 – 6 december Een uitloper van het hogedrukgebied der Azoren lag op 1 december tot over Ierland. De uitloper ontwikkelde zich in dit tijdvak geleidelijk tot een uitgestrekt westoost georienteerd blokkerend hogedrukgebied met de hogedrukas over Europa tussen 45 en 50 N.B. Een koude put trok op de 1e over Duitsland naar het noorden. Het hiermee samenhangende neerslaggebied reikte tot over de oostelijke helft van ons land. In het oosten ging de neerslag plaatselijk over in sneeuw bij een temperatuur die tijdelijk daalde tot iets boven het vriespunt. Op de overige dagen van dit tijdvak werd aan de noordflank van het hogedrukgebied met een zwakke stroming vochtige lucht aangevoerd. Iedere dag waren er regio’s waar de zon wel enige tijd scheen maar meestentijds bepaalden lage bewolking, nevel en (dichte) mist het weerbeeld. De minima lagen tot in de nacht van 3 op 4 december plaatselijk onder het vriespunt. Dit gaf soms aanleiding tot mist met rijpvorming en op de 2e ook lokale gladheid door opvriezing. De maxima waren op 1 december 3 ŕ 5 C, daarna 4 tot 10 C met de hoogste maxima in de kuststrook.Tijdvak 7 – 14 december Eerder genoemd blokkerend hogedrukgebied bleef bepalend voor het weer. Het zwaartepunt lag boven Centraal- of Zuidoost-Europa waarbij onder een sterke subsidentie-inversie met een zwakke oost- tot zuids-troming vochtige lucht werd aangevoerd. Het weerbeeld kenmerkte zich door veel lage bewolking of (dichte)mist. Slechts af en toe waren er opklaringen. Dit gebeurde lokaal van 7 tot en met 10 december en op de 12e. Op 13 december viel zeer lokaal wat motsneeuw, op de 14e motregen, aanvankelijk bij temperaturen onder het vriespunt. Daarbij trad enige gladheid op. Met uitzondering van de 7e lagen de minima plaatselijk onder het vriespunt. In de vroege ochtend van de 10e en tijdens de nacht van 13 op 14 december vroor het plaatselijk matig. De maxima waren op de 7e en 8e 5 tot 11 C, daarna ca. 1 ŕ 5 C. In het zuiden bleef het op de 13e plaatselijk het hele etmaal vriezen.Tijdvak 15 – 18 december Een actieve depressie verplaatste zich in dit tijdvak van het zeegebied ten zuiden van Groenland naar de westkust van Noorwegen om vervolgens noordwaarts te trekken. Tussen deze depressie en hogedrukgebieden nabij de Azoren en boven Zuid-Oost Europa stond boven onze omgeving een overwegende weststroming. Een golvend frontaal systeem lag op 15 december boven de Noordzee. In het noorden veroorzaakte het af en toe wat regen. In het zuidoosten was ook ruimte voor de zon. Op de 16e passeerde het frontale systeem ons land met buiige regen. Een snel uitdiepende randstoring, ontstaan uit een golf in het polaire front, trok op 17 december van Ierland naar Luxemburg. Het regengebied van deze storing breidde zich in de loop van de dag over een groot deel van het land uit. In het uiterste zuiden ging de neerslag plaatselijk over in sneeuw, met name in de Limburgse heuvels. Na passage van de storing trokken buien over het land. In het zuiden viel op de 17e 10 tot 20 mm neerslag. Op 18 december vielen er winterse buien, plaatselijk vergezeld van onweer. In het noorden van het land gaf sneeuwval aanleiding tot tijdelijke gladheid. In de avond van de 18e werd de buiigheid onderdrukt door een vanuit het noordwesten naderende rug van hoge druk. De maxima in dit tijdvak waren ca. 6 ŕ 9 C.Tijdvak 19 – 21 december Een uitloper van het hogedrukgebied der Azoren lag op de 19e tot boven de Noordzee. De uitloper verplaatste zich naar Centraal-Europa waarbij zich een apart zwaartepunt van hogedruk ontwikkelde. Op 19 december kwam in het zuiden aanvankelijk dichte mist voor. Overdag waren er flinke zonnige perioden. Wel dreven enkele geisoleerde winterse buitjes over het land. Op 20 december waren er flinke perioden met zon, alleen in het noorden dreven af en toe wolkenvelden vanaf de Noordzee over. Op de 21e was het in het oosten vrij zonnig, elders waren ook wolkenvelden aanwezig behorende bij een zwakke occlusie voor de westkust. Heel lokaal viel wat regen die soms aanleiding gaf tot ijzelvorming. Tijdens de nachten vroor het op veel plaatsen licht tot matig. De maxima in dit tijdvak waren ca. 1 ŕ 6 C, op de 21e bleef het lokaal vriezen.Tijdvak 22 – 24 december Aan de noordflank van een omvangrijk hogedrukgebied met zwaartepunt ten noorden van de Azoren stond boven onze omgeving een krachtige weststroming. Een zeer diepe, sturende depressie lag boven het zeegebied tussen Noorwegen en Groenland. Een warmtefront van de depressie passeerde ons land op 22 december. Het was bewolkt en er viel enige tijd regen, in het oosten plaatselijk voorafgegaan door wat sneeuw of ijsregen. De temperatuur steeg geleidelijk naar 4 tot 10 C. In het koufront van de depressie ontstond een golfvormige storing, die op de 23e van Schotland naar Midden-Zweden trok. Wolken en zon wisselden elkaar af, plaatselijk viel wat motregen. Een volgende actieve golf in het front trok op de 24e over de Britse Eilanden in de richting van ons land. In de nacht van 24 op 25 december passeerde de storing vergezeld van perioden met regen. In het zuiden viel plaatselijk 20 mm op de 24e. In het noordwesten kwamen zware windstoten voor. Op de 23e en 24e was het zeer zacht met maxima van 9 ŕ 12 C.Tijdvak 25 – 28 december Aanvankelijk stond er een noordweststroming tussen een lagedrukgebied boven Zuid-Scandinavië en een hogedrukgebied boven het midden van de Oceaan. De depressie vulde snel op waarna het hogedrukgebied een uitloper ontwikkelde over onze omgeving tot boven Denemarken. Deze uitloper trok zuidoostwaarts. Op de 25e vielen er enkele winterse buien. In de nacht van 25 op 26 december ontstond met name in de oostelijke helft van het land op veel plaatsen dichte mist die overdag op de 26e aanwezig bleef. Elders waren er op de 26e perioden met zon. Ook op 27 december bleven in de oostelijke helft mistgebieden aanwezig terwijl vooral in het westen de zon te zien was. Inmiddels lag er ten oosten van Groenland een actieve depressie. Een frontaal systeem passeerde op de 28e ons land vergezeld van sneeuw die in het westen snel overging in regen. In de oostelijke helft ontstond een sneeuwdek van enkele centimeters. In de avond vielen enkele winterse buien. Tijdens de nachten vroor het licht, in de nacht van 26 op 27 december plaatselijk matig. De maxima waren 3 tot 7 C, in hardnekkige mist werd het op de 26e ca. 1 C en op de 27e bleef het in mistgebieden vriezen.Tijdvak 29 – 31 december Tussen een depressie die van IJsland naar de Noordkaap trok en een hogedrukgebied met centrum nabij de Azoren dat een uitloper tot boven Midden-Europa had, stond boven onze omgeving een weststroming. In de nacht en ochtend van de 29e was het plaatselijk glad door opvriezing en sneeuw. Er vielen aanvankelijk enkele winterse buien, plaatselijk vergezeld van onweer. Op de nadering van het warmtefront van de depressie nam de bewolking toe gevolgd door wat motregen. Het warmtefront trok op de 30e met (mot)regen naar Duitsland. Op Oudjaar passeerde het golvende koufront vergezeld van (mot)regen. De maxima waren op de 29e 3 ŕ 8 C, daarna ca. 8 ŕ 10 C.
Rob Sluijter
|
|
|