| |
Klimatologie: Weerbeschrijving
Mei 2005
Tijdvak 1 – 4 mei Bepalend voor het weer was een depressie boven het zeegebied ten zuidwesten van Ierland die opvullend naar de Noordzee trok. Boven onze omgeving stond een zuid- tot zuidweststroming die op de 4e naar noordwest draaide. Op 1 mei werd warme lucht aangevoerd. Bij zonnige perioden werd het op veel plaatsen zomers warm, in het zuiden lokaal nipt tropisch. In de ochtend schampten buiencomplexen, lokaal met onweer, het noordelijk kustgebied. Een convergentielijn veroorzaakte in de nacht van 1 op 2 mei vooral in het noordwesten enkele onweersbuien. Het koufront van de depressie werd op 2 mei stationair boven ons land. Verspreid over het land vielen buien, soms met onweer. Een zwaar onweerscomplex trok over Brabant waarbij lokaal in korte tijd meer dan 15 mm viel en hagel werd gerapporteerd. In de nacht van 2 op 3 mei ontstond op veel plaatsen mist. In eerder genoemd koufront vormde zich een golf. Deze trok op 3 mei over ons land naar het noorden vergezeld van buien; met name in de zuidoostelijke helft van het land ook van frequent onweer. Plaatselijk viel ruim 20 mm. Op de 4e passeerde een trog van het laag vergezeld van buiige neerslag; in het zuidoosten werd onweer waargenomen. De maxima in dit tijdvak daalden van ca. 20 ŕ 30 C naar 11 ŕ 17 C.Tijdvak 5 – 10 mei Tussen een depressie die van het zeegebied tussen IJsland en Noorwegen naar de Baltische staten trok en een hogedrukgebied waarvan het zwaartepunt zich van het midden van de Oceaan naar Ierland verplaatste stond bij ons een in kracht afnemende noordweststroming waarmee koele lucht werd aangevoerd. Op de 5e passeerde een weinig actief warmtefront van het laag. Zon werd afgewisseld door wolkenvelden waaruit her en der wat regen viel. Een koufront van de depressie passeerde in de nacht van 5 op 6 mei vergezeld van regen. Op de 6e scheen de zon af en toe maar er vielen in de oostelijke helft van het land ook buien. Een randstoring van het laag trok op 7 mei over ons land vergezeld van buiige regen, in het zuidoosten soms met onweer. Na passage vielen er buien, lokaal met hagel en onweer. De rest van het tijdvak hield de buiigheid aan, met name in het binnenland. Plaatselijk werd hagel en onweer waargenomen. Met name op de 9e en 10e waren er echter ook flinke perioden met zon. Vanaf de 7e kwam het tijdens de nachten lokaal tot vorst aan de grond. De maxima waren ca. 11 ŕ 14 C.Tijdvak 11 – 14 mei Het zwaartepunt van eerder genoemd hogedrukgebied lag op de 11e boven de Noordzee, om vervolgens via Schotland (13e) naar het zeegebied ten zuidwesten van IJsland te trekken. Daarbij bleef een rug aanwezig tot boven onze omgeving. Boven het Iberisch Schiereiland was een depressie aanwezig die naar de Golf van Biscaje trok. Op de 11e was de stroming noord. Bewolking en zon wisselden elkaar af en plaatselijk viel een bui. Na een koude nacht met lokaal vorst waren er op 12 mei perioden met zon. Een frontale storing van het laag trok op de 13e noordwaarts naar België, werd daar min of meer stationair en verloor aan activiteit. Boven ons land was vooral in de zuidelijke helft bewolking aanwezig waaruit in het uiterste zuiden een spat regen viel. Deze situatie veranderde niet op de 14e waarbij er in Limburg af en toe regen viel. De maxima in dit tijdvak liepen op van ca. 11 ŕ 14 C naar 12 ŕ 19 C.Tijdvak 15 – 18 mei Tussen een omvangrijk hoog boven Groenland en een depressie boven Scandinavië stond een noordstroming. Een koude put trok in de nacht van 14 op 15 mei vergezeld van buiige regen en lokaal onweer over ons land zuidwaarts. Op enkele KNMI-neerslagstations werd ruim 30 mm afgetapt. In de loop van de 15e klaarde het vanuit het noorden op bij maximaal 12 tot 16 C. In de daarop volgende nacht ontstond in het midden en zuiden dichte mist, in het noorden nam de bewolking toe op de nadering van een koufront van het laag. Dit front trok vergezeld van regen op 16 mei langzaam zuidwaarts. In het zuiden waren er overdag nog zonnige perioden, hier werd het ca. 18 C, elders 12 tot 15 C. Op de 17e was er met name in het binnenland veel cumuliforme bewolking aanwezig waaruit af en toe een lichte bui viel. Het was kil met maxima van 11 ŕ 12 C. Inmiddels bouwde zich vanuit het zuidwesten een hogedrukrug tot boven onze omgeving op. In de nacht van 17 op 18 mei viel de wind weg en bij helder weer vroor het plaatselijk licht. Tijdens de overige nachten van dit tijdvak kwam vorst aan de grond voor. Op de 18e waren er perioden met zon bij maxima van 12 ŕ 15 C.Tijdvak 19 – 23 mei Het weer werd in dit tijdvak bepaald door een depressie waarvan de kern zich in de nabijheid van de Britse Eilanden bevond. Boven onze omgeving stond een zuidweststroming. Een warmtefront van het laag passeerde op de 19e met enige regen. Daar vooruit waren er met name in het oosten van het land nog zonnige perioden. Het koufront van de depressie trok door golfvorming op de 20e en de daaropvolgende nacht, traag oostwaarts over het land. De bewolking overheerste en af en toe viel buiige regen, in de oostelijke helft van het land werd plaatselijk onweer waargenomen. Van 21 tot en met 23 mei waren er zonnige perioden. Overdag ontstond cumuliforme bewolking die lokaal het buienstadium bereikte. Op alle dagen werd hierbij plaatselijk onweer waargenomen. De maxima in dit tijdvak waren ca. 17 ŕ 20 C maar op de 20e enkele graden hoger en op de 23e enkele graden lager.Tijdvak 24 – 28 mei Het centrum van een hogedrukgebied verplaatste zich in dit tijdvak van Frankrijk naar Oost-Europa. In combinatie met depressies die van de Oceaan via de Britse Eilanden naar Scandinavië trokken resulteerde dit in een zuidstroming waarmee geleidelijk steeds warmere lucht werd aangevoerd. Op 24 mei veroorzaakte een frontaal systeem van een depressie vrij veel bewolking waaruit vooral in de noordwestelijke helft van het land wat regen viel bij maxima van 16 ŕ 19 C. Op de 25e klaarde het vanuit het zuiden op en werd het 18 ŕ 25 C. Op de 26e werd het in een deel van het land tropisch warm, in de middag bracht zeewind in de westelijke helft van het land afkoeling. Op de 27e en 28e was het zonnig. De 27e verliep wederom tropisch in een deel van het land. De nacht van 27 op 28 mei verliep zeer warm waarbij met name in het westen de temperatuur lokaal niet lager kwam dan ca. 23 C. Overdag werd de warmte vanuit het westen verdreven door een inactief koufront. Bij westenwind daalde de temperatuur in het westen vanaf de ochtend naar ca. 15 C in de avond. In het oosten werd het lokaal nog 30 C.Tijdvak 29 – 31 mei Boven Groenland lag gedurende deze dagen een hogedrukgebied dat een verbinding ontwikkelde over de Britse Eilanden met een hoog nabij de Azoren. De luchtdruk was laag boven Scandinavië. Boven onze omgeving kwam een noordweststroming op gang. Een koufront lag op de 29e aanvankelijk vrijwel stationair van Bretagne over Luxemburg naar Polen. Een actieve golf trok in de loop van het etmaal over onze omgeving naar het noordoosten. In de loop van de dag begon het vanuit het zuidwesten te regenen. Daar werd het niet warmer dan 16 C. In het oosten werd het nog ca. 23 C. In de avond schampten onweersbuien die van Frankrijk naar Noord-Duitsland trokken juist Limburg. Het regengebied trok in de nacht van 29 op 30 mei oostwaarts weg. Een trog veroorzaakte op 30 mei enige tijd meest lichte regen bij maxima van 12 ŕ 16 C. Op de 31e waren er zonnige perioden bij maxima van 14 ŕ 19 C. Een trog trok vergezeld van een buienlijn, lokaal met onweer, over het land.
Rob Sluijter
|
|
|