| |
Klimatologie: Weerbeschrijving
Augustus 2006
Tijdvak 1 – 4 augustus Het weer werd in dit tijdvak bepaald door een depressie die van de Noordzee naar Centraal-Europa trok. De depressie was vooral op hoogte goed ontwikkeld. Het weer was wisselvallig en er viel lokaal veel neerslag waarbij op alle dagen plaatselijk wateroverlast ontstond. Op 1 augustus passeerde een occlusie van het laag met buiige regen. In de avond passeerde een trog met vooral in het zuiden onweersbuien. Op een flink aantal plaatsen viel 30 mm of meer, lokaal ruim 50 mm. Ook op de 2e vielen talrijke buien, vaak met onweer. Later op de dag en in de nacht van 2 op 3 augustus trok een secundaire koude put met ingedraaide occlusie vergezeld van buiige regen over het zuidwesten van het land naar het zuidoosten. Lokaal viel in het zuidwesten 80 tot ruim 90 mm in 24 uur. Op 3 en 4 augustus kwam de occlusie parallel aan de stroming min of meer stationair noordzuid georiënteerd over het land te liggen. Het front veroorzaakte op de 3e zware buiige neerslag in de westelijke helft van het land. Ten westen van het front stond aan zee enige tijd een harde noordwestenwind. Over een groot gebied in het westen viel ca. 30 tot 50 mm neerslag. Lokaal ging de regen vergezeld van onweer. Op de 4e veroorzaakte het front nog steeds buienlijnen, nu vooral over het oosten van het land. Lokaal viel daar op de 4e 50 tot 70 mm. De maxima in dit tijdvak waren meestentijds ca. 19 à 22 C.Tijdvak 5 – 7 augustus Het hogedrukgebied der Azoren breidde zich in dit tijdvak uit tot boven de Britse Eilanden. Tussen dit systeem en het eerder genoemde laag dat verder naar Oost-Europa trok, stond boven onze omgeving een zwakke noordweststroming. Op 5 en 6 augustus was het in het noorden zonnig, in het zuiden was er ook bewolking. Op de 5e ontstond daaruit in het zuiden een enkele bui. Op de 7e trok een koufront behorende bij een laag ten zuiden van Spitsbergen over ons land. Er waren wolkenvelden, voor het front uit ontstonden boven de zuidoostelijke helft van het land buien, lokaal met onweer. De maxima in dit tijdvak waren 21 tot 26 C.Tijdvak 8 – 12 augustus Het zwaartepunt van het eerder genoemde hogedrukgebied verplaatste zich westwaarts naar het midden van de Oceaan. Een depressie trok van IJsland via de Noordzee naar onze omgeving waarbij het laag zich afsnoerde tot een koude put. Het was dit tijdvak wisselvallig en koel met maxima van 16 tot 21 C. Op 8 augustus werd in een noordweststroming veel bewolking aangevoerd; plaatselijk viel een bui. Op de 9e veroorzaakte een occluderend frontaal systeem van de depressie veel bewolking en af en toe buiige neerslag. Met het naderbij komen van de depressie koelde de bovenlucht steeds verder af en nam de buiigheid toe. Op de 10e en 11e vielen er veel buien, lokaal met onweer. Op beide dagen viel lokaal 30 tot ruim 50 mm neerslag. Ook op de 12e lieten buien lokaal ruim 30 mm achter. Er werden een groot aantal (water)hozen gezien, met name boven de noordelijke helft van het land.Tijdvak 13 – 17 augustus Het uitgestrekte hoogtelaag boven West-Europa met aan het oppervlak diverse kernen, verplaatste zich in dit tijdvak naar Scandinavië. Op 13 augustus was het in het grootste deel van het land vrij zonnig. In het zuiden kwamen enkele onweersbuien tot ontwikkeling. Een uit een golf boven Polen ontstane randstoring trok op de 14e naar de Duitse Bocht. De bij de storing horende frontale zone trok op de 14e over het land met vooral in het westen en zuidwesten zware buiige neerslag. In IJmuiden veroorzaakte een vanuit zee komende hoos schade. Na het frontale systeem volgden buien, lokaal met hagel. In het westen en zuidwesten viel op de 14e op uitgebreide schaal 30 tot ruim 50 mm. Een nieuwe afsnoering van koude lucht, op de 14e bij IJsland, trok zuidwaarts en kwam op de 16e aan boven de Golf van Biscaje. Hierdoor draaide de stroming bij ons op de 15e naar zuidwest en daarna naar zuid. Op de 15e vielen in de zuidoostelijke helft van het land buien. Op 16 augustus was het vooral in het noordwesten vrij zonnig, elders ontstond bewolking. Later op de dag ontstonden onweersbuien die lokaal 20 tot ruim 50 mm neerslag brachten. Op 17 augustus dreven wolkenvelden over, samenhangend met een van het zuiden uit naderende occlusie. Lokaal viel een bui. In de nacht van 17 op 18 augustus trok het front over met buiige neerslag, lokaal ook onweer. Het werd in dit tijdvak 20 à 24 C.Tijdvak 18 – 22 augustus Het lagedrukgebied dat in het vorige tijdvak boven de Golf van Biscaje lag, was in dit tijdvak bepalend voor het weer. Het laag trok via Engeland en de Noordzee naar Scandinavië. Op de 18e scheen de zon af en toe. In de avond trok een buienlijn met onweer over het zuidoosten van het land. Op de 19e waren er perioden met zon. In de middag ontstonden er onweersbuien; lokaal viel 45 mm. De hoogtetrog van de depressie trok op de 20e over het land. De passage ging gepaard met onweersbuien. Lokaal viel 30 tot ruim 50 mm neerslag. Op 21 augustus trok een bovenluchtstoring over het zuiden van het land. Er vielen regen en onweersbuien, met name in het zuidelijke helft van het land. Lokaal viel 50 mm in enkele uren. Op de 22e stabiliseerde de atmosfeer, maar in het noordoosten vielen eerst nog buien. De maxima in dit tijdvak waren op de 18e en 19e 21 à 26 C, daarna 18 à 21 C.Tijdvak 23 – 25 augustus Op de 23e trok een trekhoog over ons land oostwaarts. Er was af en toe zon. Uit een van IJsland naar Engeland gelegen hoogtetrog snoerde zich op de 23e een koude put af die zich via ons land (24e) naar Duitsland (25e) verplaatste. In de nacht van 23 op 24 augustus begon er op de nadering van dit systeem in het zuidwesten buiige neerslag te vallen. Overdag op de 24e en op de 25e vielen buien. Op beide dagen werd lokaal ruim 40 mm afgetapt. De maxima in dit tijdvak waren 19 tot 22 C.Tijdvak 26 – 31 augustus Boven onze omgeving stond in dit tijdvak een meanderende weststroming tussen hogedrukgebieden nabij de Azoren en later ook Midden-Europa, en een sturende depressie die zich van het zeegebied ten zuiden van IJsland naar Scandinavië verplaatste. Op 26 augustus waren er vooral in het noordwesten perioden met zon. In het noordoosten vielen nog steeds buien samenhangend met het eerdergenoemde laag boven Duitsland. Lokaal viel er 30 mm. Op de 27e passeerde een occlusie met buien, vooral in het oosten met onweer. Na passage van het front vielen enkele buien. Op veel plaatsen werd 10 tot ca. 30 mm afgetapt. Op 28 augustus trok een frontale trog over. Er viel buiige neerslag, soms met onweer. Na passage vielen vooral in de noordelijke helft van het land veel buien. Opnieuw viel er op een aantal plaatsen 10 tot ca.30 mm. Op de 29e en aanvankelijk op de 30e hield de buiigheid aan. Later op de 30e werd het droog onder invloed van een rug van hoge druk. Op de 31e trok een warmtefront over ons land. Het was bewolkt en af en toe viel (mot)regen. De maxima in dit tijdvak waren ca. 17 à 21 C.
Rob Sluijter
|
|
|