| |
Klimatologie: Weerbeschrijving
September 2006
Tijdvak 1 – 6 september Een lagedrukgebied trok in dit tijdvak van het zeegebied ten zuiden van IJsland via Scandinavië naar de Baltische staten. De luchtdruk was hoog boven het zuidelijk deel van Europa waarbij het zwaartepunt zich geleidelijk verplaatste richting Centraal Europa. Op 1 september trok een koufront van de depressie over het land. Er waren wolkenvelden waaruit af en toe regen viel. Een randstoring van het laag trok op 2 september van Engeland over de Noordzee om op de 3e boven Scandi-navië aan te komen. Op de 2e was het bewolkt en het boven ons land golvende frontale systeem van de randstoring veroorzaakte af en toe regen. Langs de noordwestkust stond een stormachtige zuidwester. Op 3 september trok het front oostwaarts weg vergezeld van af en toe regen, in het noordwesten kwamen zonnige perioden voor. In de kust-strook stond nog steeds af en toe een harde wind. Op 4 september werden in een noordweststroming wolkenvelden aangevoerd afgewis-seld door wat zon. Op de 5e trok een warmtefront van zuidwest naar noordoost over het land. De bewolking overheerste en in het noorden viel motregen. Achter dit front werd op de 6e belangrijk warmere lucht aangevoerd. Met name in het zuiden was het vrij zonnig. De maxima in dit tijdvak waren 20 ŕ 24 C, op de 6e 22 tot 27 C.Tijdvak 7 – 13 september Het weer in dit tijdvak werd bepaald door een hogedrukgebied waarvan het centrum van het zeegebied ten westen van Ierland via onze omge-ving naar Ukraine trok. Door deze ontwikkeling draaide de stroming van noordwest via zuidoost naar zuid. Op 7 september trok aan de oostflank van het hoog een koufront van noordwest naar zuidoost over het land. De passage ging gepaard met wat motregen, in het noordoosten ook enkele buien. Vanuit het noordwesten volgden later opklaringen afge-wisseld door enkele lichte buitjes. Op de 8e en 9e was het zonnig met uitzondering van het noorden waar met een aanlandige wind nog enkele wolkenvelden van zee binnendreven. Van 10 tot en met 12 september was het overal vrij zonnig. Ook op 13 september overheerste de zon alhoewel vooral over de westelijke helft soms wat hogere bewolking dreef samenhangend met een zwak front boven de Britse Eilanden. De maxima in dit tijdvak stegen sterk van ca. 18 tot 20 C op de 7e naar 25 tot 30 C op de 12e en 13e. In polaire aanvoer waren de nachten aanvan-kelijk vrij koel met minima in het binnenland lokaal ruim onder de 10 C, later in het tijdvak koelde het steeds minder af. In de nacht van 12 naar 13 september werd het op sommige plaatsen niet kouder dan ca. 18 C.Tijdvak 14 – 17 september De invloed van eerder genoemd hogedrukgebied boven Zuidoost-Europa nam snel af. De rol werd overgenomen door een hoog dat van Groenland via Scandinavië naar Ukraine trok. Nabij IJsland lag een sturend lagedrukgebied. Een frontale zone van de depressie lag aan-venkelijk quasi-stationair boven de Noordzee. Door drukdalingen boven Frankrijk bewoog het front uiteindelijk weer westwaarts. Na een zeer warme nacht waarbij de temperatuur lokaal niet onder de 20 C daalde was het overdag op de 14e in het noordoosten zonnig. In het zuidwesten dreef bewolking over behorende bij het front. Uit de bewolking viel lokaal wat (mot)regen. Op de 15e dreven vooral over het zuiden af en toe wolken met in Limburg wat lichte regen, elders overheerste de zon. Op 16 september waren er perioden met zon. In de nacht van 16 op 17 september ontstond met name in de zuidwestelijke helft van het land mist en lage stratus. Doordat de stroming overdag een westcomponent kreeg bleef de stratus hardnekkig. In het noordoosten waren zonnige perioden. De maxima bereikten van 14 tot en met 16 september in een groot deel van het land de zomerse waarde van 25 C, op de 17e was dit alleen in het uiterste oosten van het land het geval.Tijdvak 18 – 22 september Aanvankelijk stond er een zuidweststroming tussen depressies boven het noordelijk deel van de Atlantische oceaan en hogedruk boven Zuid-west-Europa. Het zwaartepunt van de hogedruk verplaatste zich via Duitsland naar Oost-Europa waardoor de stroming naar zuid kromp. Een randstoring ontstaan uit de tropische cylcoon Gordon trok in deze stro-ming op de 21e van het Iberisch Schiereiland naar Ierland. Op de 18e was er vooral in het westen af en toe zon. In het zuidoosten viel buiige regen samenhangend met een oude barokliene zone. In de avond trok een koufront met enkele buien oostwaarts over het land. Ook op de 19e trok een koufront met wat buiige regen over het land. Overigens was er ook af en toe zon. 20 en 21 september verliepen vrij zonnig. Op de 22e was het in het noordoosten zonnig. Vanuit het zuidwesten nam de be-wolking gedurende het etmaal geleidelijk toe op de nadering van het golvende polaire front. Lokaal viel wat lichte regen. De maxima in dit tijdvak liepen op van ca. 18 ŕ 21 C naar 22 ŕ 29 C.Tijdvak 23 – 26 september Boven Oost-Europa was de luchtdruk in dit tijdvak hoog. Samen met een opvullend laag in de Golf van Biscaje resulteerde dit in een zuid- stroming. Het golvende polaire front lag tot en met de 24e juist ten wes-ten van ons land, op de 25e boven en op de 26e net ten oosten van ons land. Op 23 september dreven wolkenvelden over. In de westelijke helft van het land viel af en toe wat regen. Ook op de 24e overheerste de bewolking, soms viel een spatje. In de nacht van 24 op 25 september veroorzaakte het front wat regen in het zuidoosten, overdag op de 25e doofde dit gebied boven het midden van het land uit. Vooral in het noordoosten was ruimte voor de zon. In de nacht van 25 op 26 september trok het front verder oostwaarts naar Duitsland. Vooral in het noordwesten viel buiige regen. Overdag op de 26e waren er vooral in het zuidwesten zonnige perioden. In de oostelijke helft vielen buitjes. Van de 23e tot en met de 25e werd het ca. 20 ŕ 25 C, op de 26e 19 ŕ 21 C.Tijdvak 27 – 30< september Een sturend lagedrukgebied verplaatste zich in dit tijdvak van het zeegebied ten zuiden van IJsland naar dat ten zuidwesten van Ierland. Het zwaartepunt van een hogedrukgebied trok van Frankrijk naar Oost-Europa. Door deze ontwikkeling draaide de stroming bij ons van zuidwest naar zuidoost tot zuid waarmee warme lucht werd aangevoerd. In de nacht van 26 op 27 september ontstond met name in het zuidoosten dichte mist. Na het oplossen van de mist waren er overdag overal zonnige perioden. Op de 28e passeerde een koufront van de depressie vergezeld van wolkenvelden en lokaal een spatje regen. Op de 29e waren er flinke perioden met zon. In de nacht van 29 op 30 september passeerde een volgend koufront, voorafgegaan door een convergentielijn. Op deze lijn kwamen boven het westen van het land onweersbuien tot ontwikkeling, op het front later in de nacht buiige regen. Op de 30e overdag waren er flinke zonnige perioden. Lokaal kwam een onweersbui tot ontwikkeling. De maxima in dit tijdvak waren 19 ŕ 23 C.
Rob Sluijter
|
|
|