Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut; Ministerie van Infrastructuur en Milieu

 
Klimatologie: Weerbeschrijving
December 2006
Tijdvak 1 – 8 december
In dit tijdvak stond er een krachtige zuidweststroming tussen hogedruk boven Zuid(Oost)-Europa en opeenvolgende depressies die van de Oceaan via het zeegebied tussen IJsland en de Britse Eilanden naar het noorden van Scandinavië trokken. De aangevoerde lucht was zeer zacht en het weer had een sterk wisselend karakter. Een golvend koufront trok op 1 en 2 december van west naar oost over het land. Op de 1e was er in het zuidoosten aanvankelijk wat zon, elders was het bewolkt en in het westen viel in de loop van de dag wat regen. De regen trok in de nacht van 1 op 2 december en overdag op de 2e oostwaarts over het land. In het noordwesten bracht het front lokaal tot ca. 30 mm. In het zuidoosten bleef het plaatselijk goeddeels droog. Op de 3e waren er in het oosten aanvankelijk perioden met zon. Vanuit het westen nam de bewolking toe op nadering van een frontaal systeem, later gevolgd door regen. In de daaropvolgende nacht en overdag op de 4e viel er met name in de zuidelijke helft af en toe buiige regen, elders enkele buien. Een warmtefront passeerde in de avond van de 4e vergezeld van regen. Achter het warmtefront werd op de 5e uitzonderlijk zachte lucht aangevoerd. Later op de dag passeerde een koufront met regen en daalde de temperatuur. Op 6 december overheerste de bewolking en vielen met name in de noordwestelijke helft van het land buien, lokaal met hagel. Op de 7e passeerde een frontaal systeem met regen. Tijdens de koufrontpassage werd plaatselijk onweer en hagel waargenomen. Langs de kust stond enige tijd een stormachtige zuidwester. In het noorden werden tijdens de koufrontpassage zware windstoten waargenomen. Een kleine randstoring trok op 8 december van Frankrijk via ons land naar Denemarken. Het was bewolkt met perioden met regen. In het zuidoosten stond korte tijd een stormachtige wind en kwamen zware windstoten voor. De maxima in dit tijdvak waren ca. 9 ŕ 13 C, op de 5e tot 16 C.
Tijdvak 9 – 10 december
Tussen een over Scandinavië noordoostwaarts wegtrekkende depressie en een rug van hoge druk die van de Britse Eilanden over ons land oostwaarts trok stond boven onze omgeving een van noordwest naar zuidwest krimpende stroming. Op de 9e wisselden zon en een enkele bui elkaar af. In de nacht van 9 op 10 december waren er brede opklaringen waarbij het plaatselijk tot vorst kwam. Overdag op de 10e waren er perioden met zon. De maxima tijdens deze dagen waren 7 tot 10 C.
Tijdvak 11 – 15 december
Tussen opeenvolgende depressies nabij IJsland en een hogedrukgebied met zwaartepunt boven het Alpengebied stond boven onze omgeving een zuidweststroming waarmee zachte lucht werd aangevoerd. De passages van frontale storingen gaven het weer een wisselvallig karakter. Een eerste golvend frontaal systeem passeerde op 11 december vergezeld van regen. Op 12 december was het aanvankelijk droog met overdag zonnige perioden. In de avond en daarop volgende nacht viel er buiige regen rond de passage van een occluderend front. De 13e was het bewolkt; een over de Noordzee trekkend warmtefront veroorzaakte in het noorden wat (mot)regen. Op 14 en 15 december bevond ons land zich in een brede warme sector. Wolkenvelden overheersten, maar soms was er ruimte voor de zon, met name op de 15e in het zuidoosten. De maxima in dit tijdvak waren ca. 8 ŕ 12 C.
Tijdvak 16 – 17 december
Op 16 december passeerde vanuit het westen het polaire front vergezeld van regen. Aan de noordoostflank van een hoog boven de Golf van Biscaje werd vervolgens met een noordweststroming onstabiele lucht aangevoerd waarin op de 17e een trog over ons land trok. Er vielen enkele buien, lokaal met hagel. Overdag werd het op deze dagen maximaal 6 ŕ 9 C. Tijdens de nacht van 16 op 17 december kwam het lokaal in het binnenland tot lichte vorst, in de nacht van 17 op 18 december op uitgebreide schaal.
Tijdvak 18 – 27 december
Op 18 december kwam boven de Britse Eilanden een omvangrijk, krachtig en blokkerend hogedrukgebied tot ontwikkeling. Het hoog had een uitloper richting Centraal Europa waarbij de rugas zich nabij onze omgeving bevond. Het zwaartepunt van het hoog alsmede de rugas verplaatsten zich tot en met de 24e nauwelijks. Daarna trok het zwaartepunt van het hoog langzaam naar Zuidoost-Europa waarbij een uitloper tot boven het Noordzeegebied aanwezig bleef. De ligging van de rugas bepaalde in dit tijdvak of de stroming een aanlandige- of juist aflandige component had en daarmee de temperatuur. Op een aantal dagen was er een fors temperatuurverschil tussen het noorden en zuidoosten van het land doordat de as precies over het land lag. Door de aanwezigheid van een inversie speelden de weersverschijnselen zich in de grenslaag af. De inversie vormde zich op de 18e. Aangezien de luchtmassa op hoogte nog onstabiel was vormden zich op die dag boven zee nog enkele buitjes die de kustgebieden binnendreven. Elders was het wisselend bewolkt, bovendien kwamen gebieden met hardnekkige mist voor. Op 19 december was er vooral in het noordwesten ruimte voor de zon, elders overheersten wolkenvelden. Ook kwamen mistbanken voor, met name in het zuiden. Van 20 tot en met 27 december was het bewolkt en vaak nevelig. Alleen op de 22e was in de zuidelijke helft van het land soms de zon te zien. Bovendien kwam van 20 tot en met 25 december plaatselijk dichte mist voor, met name tijdens de nachten. Uit de bewolking of mist viel soms wat lichte motregen, op de 27e ook motsneeuw. Aan het begin en aan het eind van het tijdvak kwam het in het binnenland tot lichte vorst. Aan het begin ging het om pure stralingsvorst, aan het einde door aanvoer van koude lucht uit Frankrijk. De maxima varieerden van de 20e tot en met de 26e tussen de 2 en 9 C. Op 27 december tussen 1 en 3 C. De laagste waarden werden gemeten in het zuidoosten, de hoogste in het noordwesten.
Tijdvak 28 – 31 december
Tussen een diepe, sturende depressie bij IJsland en hogedruk boven het zuiden van Europa stond boven onze omgeving een zuidweststroming. Op de 28e passeerde een geoccludeerd systeem met regen het land. 29 december verliep droog met zonnige perioden. Het frontale systeem van een over Ierland noordoostwaarts koersende randstoring veroorzaakte in de nacht van 29 op 30 december en aanvankelijk op de 30e af en toe regen. Een volgende randstoring trok op de 30e van Zuid-Engeland naar het Waddengebied (31e, middernacht), om vervolgens snel noordoostwaarts weg te trekken. Het systeem veroorzaakte in de avond van de 30e in de westelijke kustgebieden korte tijd voor een zuidwesterstorm. In heel het land kwamen (zeer) zware windstoten voor die plaatselijk schade veroorzaakten. Rond de passage van de storing viel in de nacht van 30 op 31 december buiige regen. 31 december verliep bewolkt. Rond de jaarwisseling veroorzaakte de passage van een koufront, behorende bij een over Schotland noordoostwaarts trekkende randstoring, enige tijd regen. De maxima in dit tijdvak stegen van 4 ŕ 9 C op de 28e naar 11 ŕ 13 C op de 31e.

Rob Sluijter