| |
Klimatologie: Weerbeschrijving
Oktober 2007
Tijdvak 1 – 3 oktober Boven de Noordzee kwam op 1 oktober een hogedrukgebied tot ontwikkeling. Het zwaartepunt verplaatste zich geleidelijk naar Zuid-Scandinavië. Boven het zuiden van ons land was op 1 en 2 oktober een vrijwel stationaire en westoost georiënteerde frontale zone aanwezig. Deze zone behoorde bij een laag ten westen van Ierland. 1 oktober verliep bewolkt. Een regenzone trok traag noordwaarts waarbij de activiteit geleidelijk afnam. In het zuiden van Limburg viel 10 tot 20 mm, in het noorden van het land bleef het droog. De 2e verliep in het noorden zonnig, in het zuiden bewolkt onder de invloedssfeer van de frontale zone. Op de 3e kwam boven België een golf tot ontwikkeling die over ons land naar het noordoosten trok. Er viel enige tijd buiige neerslag, met name in een brede strook van Zeeland naar Overijssel waar op veel plaatsen 10 tot 25 mm viel. In het oosten werd lokaal onweer waargenomen. De maxima in dit tijdvak waren 13 tot 16 C, op de 3e werd het in het zuidoosten aan de oostflank van de golf ca. 19 C.Tijdvak 4 – 7 oktober Het weer werd in dit tijdvak bepaald door een hogedrukgebied. Het bouwde zich op 4 oktober op boven de Britse Eilanden. Het zwaartepunt verplaatste zich daarna naar Scandinavië waarbij een sterke rug aanwezig bleef tot boven de Britse Eilanden. Aan het eind van het tijdvak trok de kern van het hoog naar Midden-Europa maar ook toen bleef een rug tot boven de Britse Eilanden aanwezig. In onze omgeving was het rustig waarbij de weersverschijnselen zich vaak in de grenslaag afspeelden. 4 oktober begon op flink wat plaatsen met mist. In het oosten ging de mist over in laaghangende bewolking, elders was er af en toe ruimte voor wat zon. Ook in de nacht van 4 op 5 oktober vormde zich her en der mist. Op de 5e waren er in het zuiden en noorden flinke perioden met zon. Met name boven het midden van het land waren wolkenvelden aanwezig. In de nacht van de 5e op de 6e vormde zich opnieuw mist. In het oosten handhaafde de mist zich in de ochtend het langst om uiteindelijk over te gaan in laaghangende bewolking. Elders was er overdag veel zon. Mist die zich in de nacht van 6 op 7 oktober vormde kon zich in het zuidwesten overdag geruime tijd handhaven. Elders scheen al snel de zon. De maxima in dit tijdvak waren ca. 16 à 19 C, op de 6e in het oosten slechts ca. 11 C.Tijdvak 8 – 9 oktober De eerder genoemde rug van hoge druk boven de Britse Eilanden verdween geleidelijk gedurende dit tijdvak, waarna een kleine storing van de oceaan naar België trok. 8 Oktober begon her en der met dichte mist. Na het optrekken hiervan wisselden zon en wolken elkaar af. In de nacht van 8 op 9 oktober ontstond in Limburg zeer dichte mist die zich overdag lang handhaafde. Elders overheerste de bewolking. De neerslagzone van het laag trok in de nacht van 9 op 10 oktober over het zuidwesten van het land naar het zuidoosten. In Zeeland viel daarbij 10 tot 20 mm. De maxima waren op beide dagen 14 tot 16 C.Tijdvak 10 – 16 oktober Ook in dit tijdvak werd het weer bepaald door een hogedrukgebied. Opnieuw kwam het tot ontwikkeling boven de Britse Eilanden. Het zwaartepunt verplaatste zich eerst naar Zuid-Scandinavië en daarna naar het zuidoosten van Europa. Op 10 oktober bleef de bewolking in het zuidwesten hardnekkig, elders was ruimte voor de zon. In de nacht naar 11 oktober ontstond in het zuiden dichte mist. Overdag bleef die lange tijd hangen om vervolgens over te gaan in laaghangende bewolking. Elders waren flinke perioden met zon. Op de 12e trok in de noordweststroming aan de oostflank van het hoog een inactief koufront behorende bij een depressie boven de Baltische Staten, over ons land. Het front ging vergezeld van bewolking. Met name in het noordwesten scheen na passage weer de zon. Op de 13e en 14e was de stroming oost en daarmee werd droge lucht aangevoerd. Het was overwegend zonnig, alleen op de 13e was in het noordoosten in de ochtend aanvankelijk mist aanwezig die in laaghangende bewolking overging. Op de 15e en 16 ruimde de stroming naar zuidwest. Het polaire front lag boven de Noordzee. Hierdoor dreef vooral in het (noord)westen af en toe bewolking over. Elders overheerste de zon. De maxima in dit tijdvak waren ca. 13 tot 18 C, op de 15e en 16e 15 tot 21 C.Tijdvak 17 – 21 oktober Op 17 oktober passeerde het polaire front van noordwest naar zuidoost ons land. Er viel enige tijd regen, vooral in het noorden waar plaatselijk 10 tot ruim 20 mm viel. Na passage van het front kwam een noordweststroming tot stand tussen een zich opbouwend hogedrukgebied boven de Britse Eilanden en een over het noorden van Scandinavië oostwaarts trekkend laag. Er vielen enkele buien, op de 18e afgewisseld door zonneschijn. Ook op de 19e vielen nog enkele lichte buien, overigens overheerste de bewolking. In de avond klaarde het op. Het zwaartepunt van het hoog lag op 20 oktober boven ons land. In de nacht van 19 op 20 oktober daalde de temperatuur bij weinig wind op veel plaatsen voor het eerst na de zomer tot onder het vriespunt. Op de 20e was het in het zuiden zonnig, in het noorden overheersten wolkenvelden. Op de 21e dreven overal wolkenvelden over. Deze behoorden bij een zwakke frontale storing die van Scandinavië over ons land naar het zuidwesten trok. De maxima in dit tijdvak waren ca. 10 tot 15 C.Tijdvak 22 – 27 oktober Het zwaartepunt van het eerdergenoemde hogedrukgebied lag in dit tijdvak boven het noordwesten van Rusland. Daarbij bleef tot boven de Britse Eilanden een krachtige rug aanwezig die bepalend was voor het weer in onze omgeving. In een ooststroming werd vrij koude en aanvankelijk droge lucht aangevoerd. Later werd in de grenslaag vochtige lucht aangevoerd. Op de 22e en 23e was het overwegend zonnig. Tijdens de nacht van 21 op 22 en 22 op 23 oktober kwam het plaatselijk tot lichte vorst. Van 24 tot en met 27 oktober was het overwegend bewolkt. De maxima in dit tijdvak waren ca. 8 à 11 C.Tijdvak 28 – 31 oktober De rug van hogedruk die het weer zo lang had bepaald, verplaatste zich in dit tijdvak snel naar Midden-Europa. Tussen deze rug en een sturend laag nabij IJsland stond in dit tijdvak boven onze omgeving een weststroming. Door het vanuit het westen naderbij komen van het polaire front nam de frontale bewolking op 28 oktober toe, met name in de avond gevolgd door enige regen. Op de 29e trok het front al golvend over ons land. In de zuidoostelijke helft van het land viel langdurig regen waarbij ca. 10 tot 30 mm viel. In de avond ontstond vooral in het midden van het land plaatselijk zeer dichte mist. De mist verdween in de nacht. In de ochtend van de 30e passeerde een trog ons land met enkele buien. Later op de dag concentreerden de buien zich op een brede kuststrook. Op de laatste dag van de maand kwam boven Bretagne een nieuw hogedrukgebied tot ontwikkeling. Onder een subsidentie inversie dreven wolkenvelden van de Noordzee over ons land. Vooral in het zuidoosten was er ook ruimte voor zonneschijn. Het werd in dit tijdvak maximaal ca. 10 tot 14 C.
Rob Sluijter
|
|
|