| |
Klimatologie: Weerbeschrijving
Oktober 2008
Tijdvak 1 – 3 oktober Het weer werd in dit tijdvak bepaald door een actieve depressie boven het zuiden van Scandinavië. Een bij dit laag behorende randstoring trok op 1 oktober van Ierland naar de Baltische Staten. Het was wisselend bewolkt en er vielen talrijke buien, soms geclusterd of in lijnvorm. Lokaal werd onweer waargenomen. Aan zee stond enige tijd een harde tot stormachtige wind. Op sommige plaatsen viel 20 tot ruim 45 mm neerslag. Ook op de 2e vielen buien, met name tijdens de passage van een koufront. Lokaal gingen de buien vergezeld van onweer en hagel. Plaatselijk viel 30 tot ruim 40 mm neerslag. Op de 3e wisselde zon en een bui elkaar af. Tijdens de passage van een occlusie van het laag viel enige tijd buiige regen, in het westen werd plaatselijk onweer waargenomen. De maxima in dit tijdvak daalden van 14 tot 17 C naar 10 tot 13 C.Tijdvak 4 – 6 oktober Een diepe depressie trok in dit tijdvak van Schotland via de Noorse kust naar de Noordkaap. Het over de Noordzee noordoostwaarts trekkende warmtefront van de depressie veroorzaakte op de 4e vooral in het noordwesten bewolking en wat (mot)regen. In het zuidoosten waren er zonnige perioden. De wind trok geleidelijk aan tot stormachtig in het noordwestelijk kustgebied. Het koufront van het laag kwam op de 5e boven het noorden van ons land enige tijd vrijwel stil te liggen. Dit kwam omdat tegelijkertijd een storing, ontstaan uit de restanten van de tropische cycloon Hanna over Zuid-Engeland naar ons land trok. In de nabijheid van het front viel zware regen, meest ca. 30 tot 80 mm in ongeveer 18 uur. Een hoeveelheid neerslag van 80 mm in 18 uur wordt op een willekeurige plaats minder dan eens per 100 jaar geëvenaard of overschreden. De neerslag veroorzaakte in de kop van Noord-Holland wateroverlast. In de loop van de avond werd het droog. Op de 6e was het in het noorden bewolkt, in het zuidwesten waren er perioden met zon. De maxima in dit tijdvak waren 12 à 16 C, op de 4e enkele graden lager.Tijdvak 7 – 14 oktober Op 7 oktober trok een inactief warmtefront over het land behorende bij een laag bij de zuidpunt van Groenland. Bewolking overheerste, met uitzondering van het oosten. In de avond volgde het koufront. Dit trok traag van west naar oost en passeerde de oostgrens pas in de ochtend van de 8e. Het front bracht wat buiige regen. Op de 8e ontwikkelde zicht boven de Golf van Biscaje een hogedrukgebied. Het zwaartepunt trok via België (9e) en kwam op 11 oktober boven Zuidoost-Europa aan. Op de 8e klaarde het geleidelijk vanuit het westen op. Van 9 tot en met 11 oktober ontstond er tijdens de nachten plaatselijk mist of laaghangende bewolking. Na het oplossen hiervan waren er overdag perioden met zon. Op de 12e bleef laaghangende bewolking lokaal de hele daglichtperiode hangen. Op 13 oktober waren er overal zonnige perioden. In de loop van de middag nam de bewolking toe op nadering van een koufront behorende bij een depressie boven de Noorse zee. In de avond viel plaatselijk motregen. In de nacht naar 14 oktober volgde een inactief front waarna het overdag weer opklaarde. Het was in dit tijdvak zacht met maxima van ca. 15 tot 18 C. Op de 12e en 13e werd het, aan de westflank van het hoog en met een zuidelijke aanvoer, plaatselijk ca. 22 C.Tijdvak 15 – 19 oktober Tussen opeenvolgende depressies boven de noordelijke oceaan en een hogedrukgebied ten noorden van de Azoren dat zich geleidelijk naar Midden-Europa verplaatste, stond boven onze omgeving een meanderende weststroming. In de nacht van 14 op 15 oktober viel af en toe wat lichte regen samenhangend met de passage van een occlusie. Een occlusie gevolgd door een koufront veroorzaakten in de middag en avond opnieuw buiige neerslag. Op 16 oktober werd onstabiele lucht aangevoerd waarin enkele buien voorkwamen, lokaal met onweer. Op de 17e werd de buiigheid vanuit het zuidwesten onderdrukt door het naderbij komen van het eerdergenoemde hogedrukgebied. Een koufront van een depressie ten noordoosten van IJsland kwam op de 18e parallel aan de stroming westoost georiënteerd ten noorden van de Wadden tot stilstand. Er dreven wolkenvelden over het land, met vooral in het noorden een spatje regen. Op de 19e trok het front als warmtefront weer in noordoostelijke richting weg. Ook op die dag dreven wolkenvelden over het land. De maxima in dit tijdvak waren 13 tot 15 C.Tijdvak 20 – 23 oktober Een actieve, diepe depressie trok in dit tijdvak van het zeegebied tussen IJsland en Schotland via de Noorse kust naar het noorden. Tussen dit systeem en een hoog ten noorden van de Azoren, stond boven West-Europa een weststroming. Geleidelijk ontwikkelde het hogedrukgebied een uitloper via de Golf van Biscaje naar onze omgeving met een zelfstandige kern boven Duitsland. 20 Oktober was een dag met zonnige perioden. In de avond nam de bewolking toe en volgde regen. Bewolking en regen behoorden bij een koufront van de depressie. Dit front trok op de 21e naar Duitsland en stagneerde daar. De frontale regen trok oostwaarts weg, echter de bewolking bleef op de 21e in het oosten overheersen. Elders kwamen er geleidelijk zonnige perioden afgewisseld door een bui. Op 22 oktober trok de hogere frontale bewolking boven het oosten van ons land weg. In de avond vielen in de noordelijke helft van het land buien, lokaal met onweer. De buien hingen samen met de passage van een trog. Op de 23e waren er onder invloed van het hogedrukgebied flinke perioden met zon. De maxima in dit tijdvak waren op de 20e 15 tot 19 C maar daalden naar 12 tot 14 C op de 22e en 23e.Tijdvak 24 – 26 oktober In dit tijdvak stond er een zuidweststroming tussen een gordel van hogedruk die liep van de Azoren via Midden-Europa naar Rusland en een complex lagedrukgebied boven de noordelijke oceaan. Op de 24e passeerden twee koufronten van de depressie. Het was bewolkt met af en toe regen. In de avond klaarde het van het westen uit op, met uitzondering van het zuidoosten. Daar bleef ook op de 25e bewolking aanwezig. Elders waren flinke perioden met zon. In de avond raakte het overal bewolkt op de nadering van een warmtefront. In het noorden viel in de avond wat regen. Meer regen viel later op de 26e, samenhangend met de passage van het golvende polaire front. De regen hield in het zuidoosten tot in de nacht van 26 op 27 oktober aan. De maxima in dit tijdvak waren 11 tot 14 C.Tijdvak 27 – 31 oktober Tussen een hogedrukgebied boven het midden van de oceaan en een depressie boven Scandinavië kwam op de 27e een noordweststroming tot stand waarmee koude, polaire lucht werd aangevoerd. In de loop van het tijdvak trok een koude put van IJsland naar Frankrijk. Ons land lag aan de oostflank van een hoogtetrog van Scandinavië naar Frankrijk. Op 27 oktober was het wisselend bewolkt met enkele buien, lokaal vergezeld van onweer en hagel. Op de 28e was het in het zuidoosten zonnig. In de noordwestelijke helft van het land veroorzaakte een trog buien, lokaal met onweer en hagel. Plaatselijk viel ruim 30 mm. In de avond klaarde het in het binnenland op en ging het plaatselijk licht vriezen. Ook ontstond mist. Op de 29e was het na het optrekken van mist, vrij zonnig. In de nacht van 29 op 30 oktober ontstond plaatselijk weer mist en vroor het lokaal licht. Overdag op de 30e dreven wolkenvelden over het land, met name in het oosten. Hieruit viel wat (mot)regen. Op de 31e waren er vooral in het noordwesten zonnige perioden. In de loop van het etmaal nam de bewolking vanuit het zuiden toe op de nadering van een warmtefront. De maxima in dit tijdvak daalden van 11 tot 13 C.
Rob Sluijter
|
|
|