Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut; Ministerie van Infrastructuur en Milieu

 
Klimatologie: Weerbeschrijving
Augustus 2009
Tijdvak 1 – 2 augustus
Tussen een hogedrukgebied dat over Polen oostwaarts trok, en een depressie nabij Schotland, werd op 1 augustus met een zuidooststroming warme lucht aangevoerd. Er waren perioden met zon bij maxima van 24 tot 27 C. De depressie trok opvullend noordwaarts, het bijbehorende koufront trok op de 2e traag over het land vergezeld van buiige regen, in het zuidoosten ook van onweer. In het westen klaarde het geleidelijk op. Het werd maximaal 19 tot 21 C.
Tijdvak 3 – 8 augustus
Het weer in dit tijdvak werd bepaald door een hogedrukgebied dat op 3 augustus boven onze omgeving tot ontwikkeling kwam. Het zwaartepunt verplaatste zich naar Scandinavië. Tussen dit hoog en een depressie ten westen van Ierland kwam een zuidstroming tot stand. Op de 3e waren er perioden met zon, bij maxima van 20 tot 23 C. Alleen in het noordwesten viel een bui. Van 4 tot en met 6 augustus was het vrij zonnig, warm zomerweer. De maxima stegen van 23 tot 26 C op de 4e naar 27 tot 32 C op de 6e. Op 7 augustus trok een thermische vore over het land. Dat ging gepaard met wolkenvelden, in het oosten ontwikkelden zich enkele buien, soms met onweer. Voor de vore uit werd het in het oosten nog 30 C, in het zuidwesten 24 C. In de nacht van 7 op 8 augustus passeerde het inactieve koufront van de depressie. Dit koufront werd boven onze oostgrens vrijwel stationair. Op de 8e bleef het hierdoor bewolkt in het oosten. In het westen scheen ook de zon. Het werd 20 C in het oosten, 24 C in het zuidwesten.
Tijdvak 9 – 13 augustus
Het hogedrukgebied met het zwaartepunt nabij de Azoren, had in dit tijdvak een uitloper tot boven Frankrijk. Een ander hoog boven de Baltische Staten, trok oostwaarts weg. Boven Scandinavië kwam geleidelijk een complex lagedrukgebied tot ontwikkeling. Boven onze omgeving stond aanvankelijk aan de noordflank van de hogedrukuitloper een zwakke weststroming. Later draaide deze stroming naar noordwest. Op 9 augustus waren er in het zuidwesten perioden met zon. In het oosten was het bewolkt. In de nacht van 9 op 10 augustus ontstond er met name in de zuidoostelijke helft van het land mist of lage stratus. Uiteindelijk kwam het overal in het land tot perioden met zon. In de nacht van 10 op 11 augustus trok een frontale storing van west naar oost over het land met (buiige) regen. In de loop van 11 augustus klaarde het vanuit het westen op. Een volgend frontaal systeem trok op 12 augustus van noordwest naar zuidoost over het land, om vervolgens tot stilstand te komen boven België. Vooral in het zuiden viel veel regen, vaak 10 tot 20 mm. In het noorden klaarde het in de loop van de dag op. Op de 13e trok het front boven België al golvend verder zuidwaarts. In het zuidoosten viel nog enige regen, elders waren er perioden met zon. De maxima in dit tijdvak waren ca. 20 tot 23 C.
Tijdvak 14 – 17 augustus
Een gordel van hogedruk lag in dit tijdvak van de Azoren over Midden-Europa naar Rusland. Een depressie trok van het zeegebied ten westen van Ierland naar Scandinavië. Boven onze omgeving stond een zwakke, anticyclonale weststroming. Op 14 augustus waren er perioden met zon, bij maxima van 21 tot 23 C. In het noorden was vooral later op de dag meer bewolking aanwezig, behorende bij een over de Noordzee trekkend warmtefront. Deze situatie veranderde niet wezenlijk op de 15e, met af en toe bewolking in het noorden en zonnig in het zuiden. In de nacht van 15 op 16 augustus trok een inactief koufront over het land. Op de 16e wisselden zon en wolken elkaar af. Ook op 17 augustus waren er zonnige perioden. Een hoogtetrog van de eerdergenoemde depressie veroorzaakte in het noorden wat lichte (buiige) regen. De maxima in dit tijdvak waren ca. 21 tot 24 C, maar op de 15e 29 C in het zuidoosten.
Tijdvak 18 – 20 augustus
Op 18 augustus kwam boven onze omgeving een kern van hogedruk tot ontwikkeling. Dit hogedrukgebied trok naar Oost-Europa. Tussen dit hoog en een depressie die van het zeegebied ten westen van Ierland naar IJsland trok, kwam boven West-Europa een zuidstroming tot stand waarmee kortdurend zeer warme lucht naar onze omgeving werd getransporteerd. Op de 18e waren er flinke perioden met zon, bij maxima van 22 tot 26 C. Op de 19e was het vrij zonnig, bij maxima van 24 tot 32 C. In de nacht van 19 op 20 augustus stroomde uitzonderlijk warme lucht vanuit het zuidwesten over het land. Op sommige plaatsen koelde het niet verder af dan ca. 22 C en in de loop van de nacht begon de temperatuur weer te stijgen. Overdag werd het in een groot deel van het land tropisch met maxima van 33 tot 37 C. De maxima die op de 20e zijn gemeten, behoren op veel KNMI-stations tot de hoogste in de complete meetreeks, die soms 50 tot ruim 100 jaar beslaat. Er waren perioden met zon. In de ochtend viel er reeds een enkele lichte bui, in Limburg met onweer. In de middag trok een convergentielijn van west naar oost over het land. Daarbij draaide de wind naar west en nam aan zee korte tijd toe tot 6 ŕ 7 Beaufort. De temperatuur daalde in korte tijd ca. 10 C. Aan het eind van de middag ontstond boven het westen van het land een buienlijn die met actief onweer oostwaarts trok. Lokaal werd hagel waargenomen, in Bolsward met een doorsnede van 5 cm. In de avond passeerde een inactief koufront van west naar oost.
Tijdvak 21 – 25 augustus
Op 21 augustus kwam boven de Golf van Biscaje een hogedrukgebied tot ontwikkeling. Op de 22e lag de kern boven ons land, om vervolgens door te trekken naar Oost-Europa. Ten westen van Ierland was een complex lagedrukgebied aanwezig. Op de 21e was het wisselend bewolkt met een enkele bui bij maxima van 21 tot 23 C. In het Waddengebied werd onweer waargenomen. Op de 22e waren er perioden met zon, het werd 20 tot 24 C. Convectieve bewolking bereikte in het noordoosten het buienstadium. Op de 23e was het bij een aantrekkende zuidstroming zonnig bij maxima van 25 tot 27 C. Op 24 augustus was het eerst zonnig. Later nam de bewolking toe op de nadering van een convergentielijn, gevolgd door een koufront. Het werd 24 tot 30 C. Op de convergentielijn viel wat buiige regen. Het koufront stagneerde boven ons land in de nacht van 24 op 25 augustus en trok pas op de 25e naar Duitsland. Er bleef hierdoor op de 25e tamelijk veel bewolking aanwezig met af en toe buiige neerslag, lokaal met onweer. Het werd 20 tot 22 C.
Tijdvak 26 – 31 augustus
Het weer werd aanvankelijk bepaald door een complex lagedrukgebied dat van het zeegebied ten zuiden van IJsland naar het zeegebied ten westen van Noorwegen trok. Aan het eind van het tijdvak werd het weer bepaald door een hogedrukgebied dat boven Midden-Europa tot ontwikkeling kwam. Op 26 en 27 augustus passeerde een zwak frontaal systeem van de depressie. Er waren wolkenvelden, met name op de 27e, afgewisseld door zon. Op de 27e viel er in de ochtend lokaal wat motregen. De maxima waren op beide dagen ca. 21 tot 27 C. Op de 28e passeerde een koufront met wolkenvelden en wat motregen. Het werd 20 tot 22 C. Op de passage van een trog kwam het in de avond met name in het westen en midden tot zware buien, vergezeld van onweer en plaatselijk hagel en windstoten. In Leiden viel 50 mm. In de nacht van 28 op 29 augustus, op de 29e overdag en tijdens de nacht van 29 op 30 augustus leefde de buiigheid soms op, vooral in het noorden van het land. Lokaal werd onweer waargenomen. Pas op de 30e overdag stabiliseerde de atmosfeer onder invloed van het opbouwende hoog. Het was op de 29e en 30e maximaal 18 tot 21 C. Aan de westflank van het hoog kwam op 31 augustus een zuidstroming tot stand. Een schampend warmtefront veroorzaakte aanvankelijk vooral in het midden en noorden wolkenvelden, maar geleidelijk werd het overal zonnig. De maxima liepen uiteen van 22 C in het noorden tot 27 C in het zuiden.

Rob Sluijter