| |
Klimatologie: Weerbeschrijving
Februari 2010
Tijdvak 1 - 3 februari
Een hogedrukgebied trok in dit tijdvak van het zeegebied ten westen van Ierland naar de oostelijke Middellandse Zee. Boven de Noordzee en Noorse Zee was de luchtdruk laag en de bovenlucht koud. Boven onze omgeving stond een weststroming. Tijdens de nacht van 31 januari op 1 februari vroor het licht. Een van noord naar zuid over het land trekkende trog veroorzaakte op 1 februari winterse buien. Met name in een strook van Noord-Holland via de Noordoostpolder, naar Overijssel viel tot ca. 5 cm sneeuw. De maxima op de 1e liepen uiteen van 1 tot 5 C. Tijdens de nacht van 1 op 2 februari vroor het weer in een groot deel van het land. Een uitdiepend laag trok op de 2e van Schotland naar Denemarken. Het frontale systeem veroorzaakte boven ons land perioden met regen, in het noorden voorafgegaan door (natte) sneeuw en lokaal ijzel. Rond de passage in de avond van het koufront ging de neerslag op een aantal plaatsen weer over in (natte) sneeuw. In vrijwel het gehele land viel 10 tot 20 mm neerslag. De maxima liepen uiteen van 2 C in het noordoos-ten tot 7 C in het zuidwesten. In de nacht van de 2e op de 3e waren er brede opklaringen en vroor het licht. Er ontstond gladheid door opvrie-zing. Op de 3e waren er zonnige perioden bij maxima van 4 tot 6 C. Eerder genoemd koufront was boven België blijven slepen en trok in de nacht van 3 op 4 februari als warmtefront over ons land noordoost-waarts. Er viel regen, in het noorden eerst ook natte sneeuw.
Tijdvak 4 - 9 februari
Aanvankelijk was in dit tijdvak een depressie bepalend voor het weer. Dit laag trok opvullend van het zeegebied ten westen van Ierland via Noord-Frankrijk oostwaarts. Een hogedrukgebied nabij IJsland ontwik-kelde daarna een uitloper tot boven het Noordzeegebied. Deze uitloper trok westwaarts. Op de 4e was het overwegend bewolkt. Lokaal viel wat (mot)regen. Op de 5e trok een koufront van het laag vanuit het zuidwes-ten over het land, om boven het noordoosten te stagneren. Het was bewolkt en rond het front viel wat regen. Op 6 februari trok het nu inac-tieve front weer westwaarts. Het bleef in een groot deel van het land grijs met aanvankelijk ook mist. Op de 7e kwamen er in het noordoosten opklaringen voor, elders bleef het bewolkt. In de avond viel er in het westen plaatselijk dichte motsneeuw. 8 februari verliep met uitzondering van Zuid-Limburg, bewolkt. Op de 9e waren er gebieden waar de zon goed doorbrak, elders bleef het bewolkt. De eerste dagen van dit tijdvak waren de maxima van ca. 2 C in het noordoosten tot 8 in het zuiden. Op de 7e werd 1 tot 2 C, op de 8e bleef het in het noordoosten overdag vriezen en op de 9e werd in het hele land een ijsdag genoteerd. Vanaf de 7e kwam het tijdens de nachten tot lichte, plaatselijk matige vorst.
Tijdvak 10 - 13 februari
Tussen een hogedrukgebied met het zwaartepunt ten noordwesten van Ierland en een depressie boven Italië, stond boven onze omgeving een noordooststroming waarmee koude lucht werd aangevoerd. Op 10 februari trok er een hoogtelaag over onze omgeving zuidwestwaarts. In de nanacht vielen er geclusterde sneeuwbuien in de westelijke kustpro-vincies. Lokaal viel 10 cm sneeuw. Overdag viel er met name in een brede strook van Groningen naar het westen van Brabant aanhoudend sneeuw met de vorming van een dek tot enkele centimeters. In het noorden trad ook enige verstuiving op. Op de 11e viel aanvankelijk nog wat sneeuw in het zuiden. Vanuit het noorden klaarde het op. Op de 12e was het in een groot deel van het land vrij zonnig. Echter, in het zuid-oosten dreef bewolking vanuit Duitsland binnen en in het waddengebied was stratus aanwezig. Op de 13e waren er in het westen opklaringen, in het oosten was het bewolkt en viel wat sneeuw, samenhangend met een front boven Duitsland. De maxima in dit tijdvak lagen in het oosten onder nul, in het westen rond het vriespunt, alleen op de 12e en 13e werd het daar 1 tot 2 C.
Tijdvak 14 - 20 februari
Het weer in dit tijdvak werd bepaald door een depressie die tot op grote hoogte gevuld was met koude lucht. Het laag trok traag van IJsland via de Britse Eilanden naar het Kanaal, om vervolgens noordoostwaarts naar de Noordzee te trekken. Op de 14e was het m.u.v. delen van Gro-ningen bewolkt. Een front dat vanuit Duitsland over ons land westwaarts trok veroorzaakte met name in het westen en zuiden af en toe wat sneeuw. 15 februari bracht vooral in het noordwesten perioden met zon. In het zuidoosten bleef het bewolkt. In Limburg viel af en toe sneeuw. Een warmtefront van de depressie trok op de 16e over het noordwesten van het land. Her en der viel wat sneeuw uit de bewolking. In het zuid-oosten overheerste juist de zon. Een volgend warmtefront trok op de 17e vanuit het zuiden over ons land noordwaarts. Er viel wat neerslag in de vorm van (ijs)regen en (natte) sneeuw. Zeer lokaal kwam het tot ijzel. In het noorden viel tot in de ochtend van de 18e neerslag. In de nacht van 18 op 19 februari passeerde een occlusie met buiige regen. De 19e verliep bewolkt. Een zwakke occlusie veroorzaakte her en der wat lichte regen. In de avond vielen er in het noorden enkele winterse buien. Op de 20e vielen er met name in het noorden enkele winterse buien. In de avond viel er in Limburg sneeuw. De maxima in dit tijdvak liepen gelei-delijk op. Tot en met de 17e bleef het regionaal overdag vriezen, met uitzondering van de 16e. Daarna waren de maxima 2 tot ca. 6 C.
Tijdvak 21 - 28 februari
Het weer in dit tijdvak werd bepaald door een aantal opeenvolgende depressies die van het zeegebied ten westen van Portugal naar het Noordzeegebied trokken. Een eerste frontaal systeem veroorzaakte in de loop van de 21e regen, in het noorden enige tijd (natte)sneeuw. Op de 22e trok een lagedrukgebied over ons land. Er waren perioden met regen. Op de meeste plaatsen viel 10 tot 20 mm. De 23e was het in het waddengebied vrij zonnig. In het zuiden was het bewolkt en viel wat regen. Bewolking en neerslag behoorden bij een front dat in de avond met regen en in het noorden met (natte) sneeuw noordwaarts trok. Op 24 februari bleef het bewolkt met her en der wat regen en in het noorden natte sneeuw. In de nacht van 24 op 25 februari trok een laag langs onze kust noordwaarts. De ingedraaide occlusie bracht perioden met regen. Op de 25e bleef het bewolkt met nu en dan wat motregen. Een volgend frontaal systeem trok met regen in de avond over. Dat systeem behoorde bij een laag dat op de 26e over de Noordzee naar Denemar-ken trok. Er viel buiige regen en aan de kust stond enige tijd een harde tot stormachtige wind. Op de 27e passeerde een occlusie vergezeld van regen. Op de laatste dag van de maand trok een zeer actieve depressie van de Golf van Biscaje via ons land naar de Duitse bocht. Het zuidelijk deel van de provincie Limburg kwam enige tijd in het sterke windveld van het laag terecht. Er werd een uurgemiddelde windsnelheid van 21 m/s (windkracht 9) en stoten tot 31 m/s waargenomen. In het hele land waren er perioden met regen. Er viel 10 tot ca. 20 mm neerslag.Er was in dit tijdvak een groot verschil in temperatuur tussen het noor-den en zuiden van het land. In het noorden liepen de maxima geleidelijk op van ca. 2 naar 7 C. In het zuiden werd het vanaf de 22e iedere dag 10 tot 12 C.
Rob Sluijter
|
|
|