| |
Klimatologie: Weerbeschrijving
Maart 2010
Tijdvak 1 - 4 maart
Tussen een over de Oostzee oostwaarts trekkende depressie en een langgerekte noord-zuid georiënteerde rug van hoge druk boven de Britse Eilanden, stond in dit tijdvak aanvankelijk een noordweststroming. De rugas trok op de 2e naar onze omgeving en kreeg later in het tijdvak verbinding met een hoog ten westen van Ierland. Op 1 maart was het aan zee vrij zonnig, in het oosten bewolkt. In de oostelijke helft van het land viel een enkele bui. Op de 2e was het wisselend bewolkt met de meeste zon aan zee. In de oostelijke helft van het land ontstonden veel buien. In de nacht van 3 maart ontstond plaatselijk mist. Overdag op de 3e waren er flinke zonnige perioden. Ook op de 4e waren er perioden met zon. In de avond vielen er in het noorden enkele sneeuwbuien. Tijdens de nachten vroor het, met uitzondering van het noordelijk kust-gebied, licht en op de 3e en 4e lokaal ook matig. De maxima waren eerst 6 tot 8 C en daalden naar 5 tot 7 C op de 4e .
Tijdvak 5 - 10 maart
Aan de oostflank van een hogedrukgebied, met het zwaartepunt boven Ierland, trok op 5 maart een vlak lagedrukgebied van de Noorse west-kust naar de Duitse Bocht. Aanvankelijk viel er een enkele sneeuwbui. In de loop van de dag nam de bewolking toe op nadering van het fronta-le systeem van het laag. Er volgde regen en in het noorden en oosten viel plaatselijk ook (natte) sneeuw. Langs de oostgrens ontstond plaat-selijk een dun sneeuwdek. Op de 6e trok de depressie snel weg naar Midden-Europa, terwijl het zwaartepunt van het hoog naar de Noorzee trok. Met een noordooststroming werd koude lucht aangevoerd. Het was zonnig. Ook 7 maart verliep zonnig. In de avond nam de bewolking vanuit het noorden toe op de nadering van een zwak warmtefront beho-rende bij een laag bij de Noordkaap. In de nacht van 7 op 8 maart bracht dit systeem regen en/of sneeuw. Met name in het midden van het land vormde zich een sneeuwdek van enkele centimeters. Op 8 maart trok de neerslag naar België weg en klaarde het vanuit het noorden op. Op 9 en 10 maart was het in een groot deel van het land zonnig. Een zwak warmtefront noord van de Wadden veroorzaakte in het noorden wolkenvelden. De maxima in dit tijdvak varieërden tussen de 1 en 6 C. Tijdens alle nachten in dit tijdvak vroor het licht tot matig.
Tijdvak 11 - 15 maart
Aan de oostflank van een hogedrukgebied, met zwaartepunt ten westen van Ierland, stond boven onze omgeving een noordweststroming waar-mee vochtige lucht werd aangevoerd. Aan het einde van het tijdvak trok het zwaartepunt naar Bretagne. Na een nacht met in het zuidoosten lichte vorst dreven er op de 11e veel wolkenvelden over het land. Dit weerbeeld handhaafde zich op 12, 13 en 14 maart. Uit de bewolking viel af en toe wat (mot)regen, met name tijdens de passage van zwakke storingen in de noordoostelijke helft van het land. Op 15 maart waren er in het zuidwesten zonnige perioden. Een storing trok in de loop van het etmaal over de Noordzee naar Noord-Duitsland. In het noorden viel af en toe regen. In de avond viel vooral in het midden van het land regen. De maxima in dit tijdvak waren 5 tot 8 C, maar op de 15e 10 C in het zuiden. Op de 11e werd het in Limburg slechts 1 C.
Tijdvak 16 - 20 maart
Het centrum van een hogedrukgebied trok in dit tijdvak van Frankrijk naar de Middellandse Zee. Aan de noordflank van dit hoog stond een zuidweststroming waarmee zachte lucht werd aangevoerd. Aan het einde van het tijdvak passeerde het polaire front met veel regen. Op de 16e waren er in het westen flinke perioden met zon, in het oosten bleef het bewolkt. Op 17 maart waren er flinke perioden met zon. Ook op de 18e was er veel zon, maar soms versluierd door hoge bewolking. In de nacht van 18 op 19 maart bereikte het polaire front vanuit het westen het midden van het land. Nabij het front viel af en toe regen. In het front ontstond ten westen van Portugal op de 19e een depressie. Hierdoor trok het front boven ons land aanvankelijk als warmtefront naar het noorden weg. Het was bewolkt met af en toe motregen. De depressie trok verder noordoostwaarts om op de 20e boven de Noordzee aan te komen. Op de nadering van de depressie regende het in de nacht van 19 op 20 maart. Op de 20e viel aanvankelijk wat lichte regen. Later ontstonden vooral in een brede strook van Zeeland naar Drenthe actieve buien, lokaal met onweer. Op een aantal plaatsen viel 25 tot ca. 34 mm. De maxima in dit tijdvak liepen sterk op. Op de 16e werd het 7 à 10 C, vanaf de 18e 12 à 18 C.
Tijdvak 21 - 25 maart
De depressie activiteit boven de oceaan was in dit tijdvak groot. Boven Oost-Europa was de luchtdruk hoog. Boven onze omgeving stond een zuidwest- en later zuidstroming. Op 21 maart was het in het noorden zonnig. Een zwak front veroorzaakte in het zuiden bewolking en wat regen. Op de 22e was de zon het meest in het oosten te zien. Vanuit het westen nam de bewolking toe op de nadering van een koufront, in de nacht van 22 op 23 maart volgde wat regen. Op de 23e was het in het noorden zonnig. In het midden en zuiden was bewolking aanwezig behorende bij een noordwaarts trekkend warmtefront. Op de 24e dreef veel hoge bewolking over, die de zon regelmatig versluierde. 25 maart waren er zonnige perioden. In de avond passeerde een koufront met buiige regen. Van 21 tot en met 23 maart waren de maxima 10 tot 14 C, daarna 15 tot 21 C.
Tijdvak 26 - 31 maart
Het weer werd in dit tijdvak bepaald door twee opeenvolgende depres-sies. De eerste trok van de Britse Eilanden naar Scandinavië. De twee-de trok aan het eind van de maand van de oceaan via Engeland naar de Noordzee. Een golf in een koufront boven Duitsland veroorzaakte op de 26e regen in het oosten. Elders viel een enkele bui. Op de 27e was het in het noorden bewolkt, in het zuiden waren er perioden met zon. Enkele buitjes trokken in de loop van het etmaal van west naar oost over het land. Op de 28e vielen er in het binnenland enkele buien. In de avond begon het in het zuiden te regenen. De regen hoorde bij een warmte-front van de tweede depressie. In de nacht van 28 op 29 maart breidde de regen zich uit tot over het midden van het land, om later naar Duits-land weg te trekken. Overdag was het droog met soms wat zon. In de nacht van 29 op 30 maart trok een koufront over met buiige regen. Op de 30e passeerde achtereenvolgens een koufront en een occlusie. Rond beide systemen viel buiige neerslag. Op 31 maart vielen talrijke buien, lokaal met hagel en zware windstoten. Aan zee stond enige tijd een harde tot stormachtige wind. De maxima in dit tijdvak waren 9 à 15 C, op de 30e enkele graden hoger.
Rob Sluijter
|
|
|