Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut; Ministerie van Infrastructuur en Milieu

 
Klimatologie: Weerbeschrijving
Augustus 2010
Tijdvak 1 – 6 augustus
Aan de noordflank van een hogedrukgebied met zwaartepunt ten noorden van de Azoren, stond boven onze omgeving een west tot noordweststroming waarin storingen van de oceaan naar het Noordzeegebied trokken. Op 1 augustus was het wisselend bewolkt. Een trog veroorzaakte in de nacht van 1 op 2 augustus enkele buien. Ook op 2 augustus vielen er onder invloed van de trog in het binnenland talrijke buien, plaatselijk met onweer. Langs de kust waren er zonnige perioden. Onder invloed van een trekrug waren er op de 3e perioden met zon, in het noordoosten van het land afgewisseld door enkele buien. Op 4 augustus trokken twee frontale storingen over het land. Er viel buiige neerslag, lokaal met onweer.In Noord-Holland viel plaatselijk 20 tot 40 mm. Op de 5e vielen er aanvankelijk enkele buien. Door het naderbij komen van een trekrug werd de buiigheid vanuit het zuidwesten onderdrukt. De rug lag op de 6e boven ons land. Er waren flinke perioden met zon. De maxima in dit tijdvak waren ca. 19 tot 22 C, op de 1e in het zuidoosten ca. 25 C.
Tijdvak 7 – 14 augustus
Het weer in dit tijdvak werd bepaald door twee opeenvolgende depressies boven het Noordzeegebied. Op 7 augustus passeerde een frontaal systeem van west naar oost, behorende bij het eerste laag. Er viel enige tijd buiige regen. Op 8 augustus vielen er in het binnenland buien. Vooral in het zuidwesten waren er perioden met zon. Op de 9e stabiliseerde de atmosfeer onder invloed van een zwakke rug van hoge druk die oostwaarts over het land trok. Er waren perioden met zon, het meest in het westen. Op 10 augustus nam de bewolking toe op de nadering van het golvende koufront van de tweede depressie. In de middag en avond volgde af en toe buiige regen. De regen trok in de vroege ochtend van de 11e naar Duitsland weg. Vanuit het westen klaarde het daarna op. In Limburg viel echter tot aan de middag af en toe regen en bleef daarna de bewolking overheersen. Op 12 augustus veroorzaakte een trog plaatselijk een bui. De kern van het lagedrukgebied trok via het zuiden van de Noordzee (13e) naar het Kanaal (14e) om daar op te vullen. De bijbehorende hoogtetrog veroorzaakte op de 13e buien, lokaal met onweer. Op de 14e waren er zonnige perioden, maar in Zeeland viel nog een bui, vergezeld van onweer. De maxima in dit tijdvak waren 19 tot 23 C. Op de 7e ,10e en 14e werd het in het zuidoosten ca. 25 C.
Tijdvak 15 – 19 augustus
Een actieve, retrograde depressie, trok in dit tijdvak van het Alpengebied naar ons land, waarna ze opvulde en opging in een complex laag boven het zeegebied tussen IJsland en Schotland. Aan het eind van het tijdvak trad stabilisatie op onder invloed van een opbouwend hoog boven Midden-Europa. Op hoogte werd op de 15e met een zuidooststroming warme lucht aangevoerd, aan de grond met een noordstroming koele polaire lucht. Door opglijding ontstond langs de ingedraaide occlusie van het laag een actieve neerslagzone. Deze lag aanvankelijk over het zuidoosten van ons land. In de loop van het etmaal kwam de regenzone noord-zuid georiënteerd over het land te liggen. Op de 16e lag de regenzone langdurig boven Zeeland. In het noordoosten veroorzaakte een trog buiige regen. Op 17 augustus trok de occlusie weer naar het noordoosten van het land, nog steeds vergezeld van af en toe regen. De regenzone liet in Zuid-Limburg en Zeeland 50 tot 100 mm achter op de 15e en 16e. Op de 18e trok een koufront vergezeld van buien van west naar oost over het land. Daarnaast was er ruimte voor de zon. Op de 19e waren er zonnige perioden, alleen in het noorden vielen nog enkele buien. De maxima in dit tijdvak waren 19 tot 22 C.
Tijdvak 20 – 22 augustus
Aan de noordflank van een hogedrukgebied waarvan het zwaartepunt zich van Midden- naar Oost-Europa verplaatste, stond boven onze omgeving een zuidweststroming met aanvoer van vrij warme lucht. Het polaire front lag in dit tijdvak al golvend van Zuid-Scandinavië via de Noordzee naar het Kanaal. Op 20 augustus was het in het zuiden vrij zonnig, in het noordwesten dreven ook wolkenvelden over. Het werd maximaal 23 tot 29 C. In De Bilt was het de eerste zomerse dag sinds 21 juli. 21 augustus was er af en toe zon, in Limburg was het vrij zonnig. De maxima liepen uiteen van 22 tot 28 C. Op de 22e trok lichte buiige neerslag behorende bij het golvende front af en toe over de noordwestelijke helft van het land. In het zuidoosten kwamen enkele onweersbuien tot ontwikkeling. De maxima waren 20 tot 25 C.
Tijdvak 23 – 27 augustus
Op 23 augustus ontstond boven het Kanaal een randstoring in het eerder genoemde polaire front. Dit laagje trok uitdiepend naar Denemarken. In de nacht en vroege ochtend viel er soms zware buiige neerslag. In Zuid-Holland viel lokaal meer dan 50 mm. Tijdens en na passage van het koufront stond er aan zee enige tijd een harde tot stormachtige wind, in het Waddengebied soms kracht 9, storm. De maxima waren 21 tot 23 C. Op de 24e lag de depressie boven Zuid-Scandinavié. Aan zee stond nog geruime tijd een harde tot stormachtige wind. Er waren zonnige perioden bij maxima van 18 tot 21 C. Een trog trok in de middag en avond over het noorden en midden van het land. Deze trog veroorzaakte buien, lokaal met onweer. Op 25 augustus trok de depressie verder oostwaarts. In het noorden vielen nog enkele buien. De maxima waren 18 tot 21 C. Vanuit het zuiden nam de bewolking toe op de nadering van een frontaal systeem van een depressie bij de zuidwestpunt van Engeland. In de avond volgde de regen. Het frontale systeem kwam op de 26e vrijwel stationair boven het midden van het land te liggen, ingebed in een vore. In het noorden was koele lucht aanwezig en werd het ca. 15 C. In het zuiden werd warme, vochtige en onstabiele lucht aangevoerd. Hier werd het 22 C. Er waren perioden met buiige regen, plaatselijk zwaar van intensiteit. In de namiddag en avond werd de Achterhoek en Twenthe getroffen door wolkbreuken. Lievelde registreerde 138 mm in een etmaal. In een brede strook van west naar oost over het midden van het land viel 80 mm tot ruim 130 mm in 36 uur. Op uitgebreide schaal ontstond wateroverlast. Wateroverlast op regionale schaal komt in ons land gemiddeld eens per twee jaar voor. We moeten terug tot oktober 1998 om een geval te vinden waarop de schaalgrootte van de overlast vergelijkbaar was. Op de 27e trok het frontale systeem naar het zuidoosten en werd het droog. De maxima op de 27e waren 17 tot 19 C.
Tijdvak 28 – 31 augustus
Het zwaartepunt van een hogedrukgebied verplaatste zich in dit tijdvak van het midden van de oceaan naar de Britse Eilanden. Aan de oostflank van dit systeem stond boven onze omgeving een noordweststroming. Op de 29e ontstond noord van Schotland een depressie. Dit laag trok via de Duitse Bocht (30e, 00.00 UT) naar Polen (31e). Op de 28e trokken enkele troggen over het land. Tijdens de passages vielen er buien, soms met onweer. Ook op de 29e vielen er talrijke buien. In de middag passeerde het koufront van de depressie vergezeld van een actieve buienlijn. De buien gingen gepaard met onweer en zware windstoten die plaatselijk schade veroorzaakten. In de avond en daarop volgende nacht trok de wind aan zee aan tot hard of stormachtig. De ingedraaide occlusie rond het laag veroorzaakte buiige regen, met name in een strook van Friesland naar Limburg waar 25 tot 65 mm viel. Op de 30e werd het geleidelijk droog. 31 augustus was er af en toe zon en lokaal nog een lichte bui. De maxima in dit tijdvak waren 16 tot 19 C.

Rob Sluijter