| |
Klimatologie: Weerbeschrijving
April 2011
Tijdvak 1 – 3 april Het zwaartepunt van een hogedrukgebied trok in dit tijdvak snel van Zuid-Frankrijk naar Oost-Europa. De stroming boven onze omgeving kromp hierdoor van west naar zuid. Op de 3e passeerde het polaire front waarna de stroming weer west werd. Op 1 april passeerde een warmtefront vergezeld van bewolking en lokaal een spat regen. Later op de dag begon het in het westen op te klaren. Het werd maximaal 12 tot 17 C. Op 2 april was het vrij zonnig bij maxima van 20 tot 25 C in Eindhoven. Alleen in 1968 viel de eerste zomerse dag nog vroeger, namelijk op 29 maart in Gemert. In de middag passeerde van west naar oost een vore van lage druk waarna de wind vanuit zee ging waaien en het begon af te koelen. In de nacht van 2 op 3 april trok het eerder genoemde polaire front over het land met buiige regen. Door golfvorming bleef het in het zuidoosten op de 3e overdag nog lang regenachtig. Elders was er af en toe zon. Het werd maximaal 11 tot 15 C.Tijdvak 4 – 10 april Uit een uitloper van het hogedrukgebied der Azoren ontwikkelde zich op 4 april een zelfstandig hogedrukgebied met zwaartepunt boven Frankrijk. Dit zwaartepunt trok naar Midden-Europa waarna een nieuwe kern van hogedruk ontstond boven de Britse Eilanden. Deze kern trok traag naar het Noordzeegebied. De eerste dagen stond er aan de noordflank van het hoog een weststroming waarmee zwakke storingen tot ons land konden doordringen. Op de 4e was het wisselend bewolkt met een enkele lichte bui in het binnenland. In de nacht van 4 op 5 april veroorzaakte een occlusie bewolking en lokaal wat regen. Overdag op de 5e passeerde een warmtefrontafloper. Het was bewolkt met af en toe wat regen. Op 4 en 5 april waren de maxima 10 tot 15 C. Op de 6e klaarde het vanuit het zuidwesten geleidelijk op bij maxima van 14 C in het noorden tot 22 C in het zuiden. Met het verplaatsen van het zwaartepunt van hogedruk naar de Britse Eilanden draaide de stroming naar noord en trok een zwak koufront vergezeld van bewolking op de 7e over ons land. In de nacht van 7 op 8 april ontstond plaatselijk stratus. Overdag op de 8e ging deze over in cumuliforme bewolking. Op 9 en 10 april was het zonnig. De maximumtemperatuur in het tijdvak van 7 tot en met 10 april was ca. 12 tot 20 C.Tijdvak 11 – 17 april Op 11 april lag er een hogedrukgebied ten zuidwesten van Ierland terwijl het eerdergenoemde hoog boven het Noordzeegebied in betekenis afnam. Door deze ontwikkeling kwam er een weststroming boven onze omgeving opgang. De 11e was vrij zonnig mij maxima van 16 tot 23 C. In de nacht van 11 op 12 april passeerde een koufront met buiige neerslag. Op de 12e veroorzaakte een trog in het binnenland enkele buien, lokaal met hagel. Het zwaartepunt van het hogedrukgebied verplaatste zich na 12 april naar onze omgeving. Hierdoor werd de stroming zwak. Op de 13e waren er flinke zonnige perioden. Een zwakke storing veroorzaakte in de avond vooral in het zuiden bewolking. Op de 14e overheerste de bewolking, met uitzondering van het noordoosten. Op 15 april waren vooral in het zuiden wolkenvelden aanwezig, elders was het vrij zonnig. Op 16 april veroorzaakte een zwakke occlusie wolkenvelden, afgewisseld door af en toe zon. Op de 17e waren er zonnige perioden. Van 12 tot en met 14 april lagen de maxima tussen 10 en 15 C, daarna tussen 14 en 18 C.Tijdvak 18 – 22 april Tussen hoge druk boven Oost-Europa en Scaninavië en een lagedrukgebied boven het Iberisch Schiereiland, stond boven onze omgeving een zuidooststroming met aanvoer van zeer zachte lucht. Na een nacht met enkele mistbanken, met name in het noordwesten, was het op de 18e vrij zonnig. De 19e verliep wolkenloos. Dat gold ook voor 20 april in een groot deel van het land. In het noorden dreven ook enkele wolken. Op de 21e kwam convectieve bewolking tot ontwikkeling, de zon bleef echter overheersen. Ook op 22 april ontstonden enkele stapelwolken die in het zuiden plaatselijk het buienstadium bereikten. Daarbij werd onweer waargenomen. Lokaal viel enkele millimeters neerslag. Op de 18e waren de maxima 17 tot 21 C, daarna tussen ca. 21 C en 27 C.Tijdvak 23 – 26 april Aanvankelijk had een hogedrukgebied boven Scandinavië via de Britse Eilanden een verbinding met het hogedrukgebied der Azoren. Het zwaartepunt van het hoog boven Scandinavië nam in betekenis, tegelijkertijd ontwikkelde zich een nieuwe zelfstandig zwaartepunt van hogedruk boven de Britse Eilanden. Boven Zuid-Europa was de druk laag. Boven onze omgeving stond een ooststroming waarmee zeer zachte lucht werd aangevoerd. 23 april was in een groot deel van het land een vrij zonnige dag. In het zuiden ontstond convectieve bewolking. Er ontstonden daar enkele buien, lokaal met onweer. De maxima liepen uiteen van 21 C in het noorden tot 27 C in het zuiden. 24 april, eerste Paasdag, was zonnig en met maxima van 20 tot 27 C zeer zacht. Ook de 25e was het zonnig bij maxima van 20 tot 25 C. Op 26 april was het vrij zonnig. De stroming was gedraaid naar noordoost met in het noorden aanvoer over zee. De maxima waren daar 13 tot 15 C. In de rest van het land werd het 20 tot 23 C.Tijdvak 27 – 30 april Boven Scandinavië en de Noorse zee was in dit tijdvak een hogedrukgebied aanwezig. Aan de zuidflank van dit hoog stond boven onze omgeving een noordoost- tot oost stroming. In deze stroming trok een koude put vanuit Midden-Europa over onze omgeving naar het westen. Op 27 april was het in het noordwesten vrij zonnig, in het zuidoosten bewolkt. Er trok buiige regen over het zuidoostelijk deel van het land, samenhangend met de naderende koudeput. In Gelderland kwam een onweersbui tot ontwikkeling. De maxima waren 13 tot 17 C. Op 28 april was het wisselend bewolkt. Af en toe viel er buiige regen. Later kwamen enkele buien, lokaal met onweer tot ontwikkeling boven het midden van het land. Het werd maximaal 15 tot 20 C. Op de 29e was het vrij zonnig bij maxima van 20 tot 22 C. In het noorden bleef de temperatuur met ca. 15 C achter. In de loop van de middag ontstonden boven het zuiden en midden van het land enkele buien, soms vergezeld van onweer. Op de 30e was het zonnig. Het werd maximaal 20 tot 23 C, maar opnieuw bleef het in het noorden door aanvoer vanaf zee een stuk koeler met maximaal ca. 15 C.
Rob Sluijter
|
|
|