Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut; Ministerie van Infrastructuur en Milieu

 
Klimatologie: Weerbeschrijving
Juni 1998
Tijdvak 1 – 4 juni
Op deze dagen werd het weer bij ons bepaald door een depressie, die opvullend van Ierland naar Scandinavië trok. Op 2 en 3 juni was de atmosfeer door de nabijheid van de koude put zeer onstabiel van opbouw. In de middag kwamen buien tot ontwikkeling, die op veel plaatsen vergezeld gingen van onweer met zware windstoten en lokaal ook van hagel. Op 2 juni viel plaatselijk in korte tijd ca. 30 mm neerslag, waardoor ondermeer in Rotterdam en omgeving wateroverlast ontstond. In de loop van 4 juni verplaatste een hogedrukgebied zich van het Kanaal naar de Noordzee. Hierdoor werd de buiigheid boven ons land onderdrukt. Na de passage van een koufront in de middag, ruimde de wind van zuidwest naar noordoost en klaarde het flink op. Door de aanvoer van koelere lucht liepen de maxima terug van ca. 22 C op 2 juni tot 17 à 18 C op 4 juni.
Tijdvak 5 – 8 juni
Het hogedrukgebied boven de Noordzee trok op 5 juni verder oostwaarts. Na een heldere nacht nam in de ochtend de bewolking vanuit het zuiden snel toe op de nadering van een warmte front, dat in de middag op de meeste plaatsen regen bracht. Het kwam boven het zuidoosten van het land vrijwel tot stilstand, waarbij de onstabiliteit daar zover toenam dat er ook onweer voorkwam. Op 6 juni om 00.00 UT strekte het front zich uit van Noord-Duitsland, via het zuidoosten van ons land en Noordwest-Frankrijk, naar de Spaanse oostkust. In het front kwamen actieve storingen tot ontwikkeling die noordoostwaarts trokken. In de vroege morgen van 6 juni vormde zich plaatselijk dichte tot zeer dichte mist. Later in de morgen trok een storing over ons land, vergezeld van zware buien met intensief onweer, windstoten en hagel. Vooral de spoorwegen ondervonden veel hinder van het onweer. Nadat in de middag op veel plaatsen de temperatuur was opgelopen tot 27 à 29 C passeerde een volgende actieve storing ons land. Door de sterke onstabiliteit kwamen enorme buiencomplexen tot ontwikkeling, die plaatselijk vergezeld gingen van extreme neerslaghoeveelheden, intensief onweer, hagelstenen met een doorsnede van 7 à 8 cm en zeer zware windstoten. Zuid-Limburg ondervond veel wateroverlast: op het KNMI-neerslagstation in Schinnen werd in één uur ca. 50 mm afgetapt. Zo’n hoge intensiteit komt maar eens in de 250 jaar voor. Zware hagel veroorzaakte aanzienlijke schade in Zuid-Holland, Utrecht en het oostelijk deel van de Flevopolders. In Hattemerbroek was sprake van een windhoos en in de Achterhoek veldden zeer zware windstoten talrijke bomen. In de morgen van 7 juni trok het koufront over ons land, gevolgd door flinke opklaringen. In de loop van de 8e nam de bewolking weer toe, in de avond vanuit het westen gevolgd door regen op de nadering van een front boven Engeland. Het werd die dag ca. 19 C.
Tijdvak 9 – 12 juni
In dit tijdvak trok een depressie van Ierland naar Scandinavië. Met een tot krachtig toenemende zuidwesten wind viel er op 9 juni landelijk gemiddeld 10 mm neerslag. Na de passage van het koufront kwamen op de 10e buien tot ontwikkeling, waarbij ook onweer voorkwam. Op 11 juni bevond zich een vore van lagedruk boven de Noordzee met kernen voor de Noorse kust en boven het noorden van ons land. Doordat zich bij de kern boven ons land ook een afgesnoerde koude put had gevormd was de sturing zeer gering. Er ontwikkelden zich zware buien, die zich nauwelijks verplaatsten. Hierdoor vielen plaatselijk grote hoeveelheden neerslag. Tussen 18.00 en 24.00 UT meldde Hoorn niet minder dan 63 mm. Op 12 juni bevond de vore zich ten oosten van ons land. Met een noordstroming werd koele onstabiele lucht aangevoerd, waarin aanvankelijk buien voorkwamen. Later op de dag verdwenen de buien onder invloed van een rug van hoge druk boven de Noordzee. De maxima liepen terug van ca. 19 C op de 9e tot ca. 14 C op de 12e, de minima van 14 C tot 6 C.
Tijdvak 13 – 17 juni
Met weinig wind en een vrijwel onbewolkte hemel vond in de vroege morgen van de 13e sterke uitstraling plaats. Plaatselijk in het binnenland daalde het kwik tot 2 C; dicht bij de grond (10 cm hoogte) werd het in Gilze-Rijen zelfs -2.3 C. Verder was het een zonnige dag. Op de andere dagen van dit tijdvak werd het weer bij ons bepaald door een depressie die van Zuid-Engeland via ons land naar Zuid-Zweden trok. Opnieuw viel er veel regen: Vlissingen meldde op de 14e een dagsom van 27 mm. In de middag onweerde het plaatselijk, evenals op de 15e. Op 16 en 17 juni kwamen buien voor, die geleidelijk minder talrijk werden. In dit tijdvak werden maxima bereikt van 16 tot 18 C en minima van omstreeks 11 C.
Tijdvak 18 – 21 juni
Inmiddels was boven Frankrijk een omvangrijk hogedrukgebied tot ontwikkeling gekomen, dat zich langzaam naar Midden-Europa verplaatste. Op de 18e trok een warmtefront met veel bewolking en regen over het midden van het land oostwaarts. Daarna werd tussen het hogedrukgebied en een frontale zone boven de Britse Eilanden met een zuidstroming warme en droge lucht naar onze omgeving gevoerd. Hierdoor kreeg de zon meer kans en waren 20 en 21 juni zeer zonnige dagen. De temperatuur ging sterk omhoog. Op de 21e werd in het oosten van het land de 30 graden grens overschreden.
Tijdvak 22 – 26 juni
In de nacht van 21 op 22 juni trok een koufront, vergezeld van onweersbuien en plaatselijk ook van hagel, over ons land. Verder was de 22e een zeer zonnige dag. Op de andere dagen van dit tijdvak had het weer een wisselvallig karakter, waarbij zonnige perioden werden afgewisseld met frontale storingen, die vergezeld gingen van regen. In de ochtend van de 25e trok een onweersstoring, direct gevolgd door een koufront naar het oosten. In het noorden van het land viel plaatselijk 20 tot 25 mm neerslag. De maxima varieerden van 18 C op de 23e tot ca. 24 C op de 25e.
Tijdvak 27 – 30 juni
Op deze dagen stond het weer bij ons onder invloed van een depressie die zich ophield boven de Britse Eilanden en de Noordzee. Door de nabijheid van de bijbehorende koude put was de onstabiliteit groot en kwamen veel buien tot ontwikkeling. Op de 27e meldde Valkenburg (ZH) 15 mm neerslag. De volgende dag gingen de buien vergezeld van onweer en hagel en op de laatste dag van de maand bracht een randstoring nog eens 5 tot 10 mm neerslag. Met uitzondering van de 28e met gemiddeld 9 uren zon, waren deze dagen somber. De maxima liepen terug van 21 C op de 27e tot 17 C op 30 juni. ‘s Nachts daalde het kwik tot 12 à 13 C.

Dick Heijboer