Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut; Ministerie van Infrastructuur en Milieu

 
Klimatologie: Weerbeschrijving
Maart 1999
Tijdvak 1 – 7 maart
In dit tijdvak werd het weer in Nederland bepaald door een tweetal actieve depressies. De eerste trok op 1 maart van Zuid-Noorwegen naar de Botnische Golf. Door de ontwikkeling van een frontale storing stagneerde het bijbehorende koufront enige tijd net ten noorden van ons land. In het hele land viel veel neerslag: gemiddeld 21 mm. Soesterberg meldde met 32 mm de grootste etmaalsom. Laat op de dag klaarde het in het zuidwesten wat op. In de nacht van 1 op 2 maart vormde zich plaatselijk dichte tot zeer dichte mist. Inmiddels was op de oceaan een volgende diepe depressie tot ontwikkeling gekomen. Op 3 maart om 00.00 UT bevond deze depressie zich met een kerndruk van 968 hPa even ten westen van de Hebriden. Daarna trok de depressie naar de Noordzee en bleef daar enige tijd, langzaam opvullend, quasi-stationnair. Op 2 maart bevond ons land zich in de warme sector van deze depressie. Met een stevige zuidwesten wind werd zachte en vochtige lucht aangevoerd. De zon liet zich niet zien en er viel geruime tijd motregen en regen. Schiphol en De Bilt noteerden met 18 mm de hoogste dagsommen; gemiddeld over alle stations viel 12 mm. Na de passage van het koufront in de vroege morgen van 3 maart kreeg het weer een buiig karakter. Met gemiddeld 5 uren zon was het nog een vrij zonnige dag. Op de andere dagen van dit tijdvak bleef de atmosfeer zeer onstabiel door de aanwezigheid van een koude put in de bovenlucht dichtbij of vrijwel boven ons land. Er was veel bewolking en dagelijks vielen er buien, waarbij plaatselijk ook hagel en onweer werd waargenomen. De maximumtemperaturen gingen geleidelijk omlaag van 11 à 12 C naar ca. 5 C; de minima van ca. 6 C naar ca. 2 C.
Tijdvak 8 – 10 maart
Op deze dagen trok een kleine depressie van Bretagne via ons land naar Polen. Hierdoor viel op 8 en 9 maart met weinig wind uit een overdekte grijze hemel langdurig lichte regen en/of motregen. Op de 10e viel plaatselijk nog een bui en klaarde het vanuit het zuidwesten op. In de vroege morgen vormde zich bij weinig bewolking en vrijwel windstilte boven Noord-Brabant zeer dichte mist. Bij lichte vorst was het plaatselijk glad door aanvriezing van de mist en bevriezing van natte weggedeelten. Overdag werd het 6 tot 8 C.
Tijdvak 11 – 17 maart
In dit tijdvak trok een krachtig hogedrukgebied van Nova Zembla naar West-Rusland en kreeg via een rug boven onze omgeving verbinding met het Azoren-hogedrukgebied. Hierdoor volgden er een aantal zeer fraaie en droge dagen met veel zon en weinig wind. De temperaturen gingen omhoog en op de 13e werden maxima genoteerd van 11 C in het noorden tot 19 C plaatselijk in het zuiden van het land. Daarna schommelden de maxima rond de 12 C. Met uitzondering van de nachten van 12 op 13 en van 13 op 14 maart waren de nachten fris, met plaatselijk lichte vorst. Bij weinig wind en sterke uitstraling vormde zich plaatselijk dichte tot zeer dichte mist, waarbij het door aanvriezing van de mist ook glad werd. Van 16 op 17 maart bracht een zwak warmtefront toenemende bewolking, later gevolgd door lichte regen. Op de 17e kwam de temperatuur nergens meer onder het vriespunt.
Tijdvak 18 – 23 maart
Op 18 maart om 00.00 UT bevond zich een actieve depressie nabij de oostkust van IJsland. Het bijbehorende koufront strekte zich uit via Schotland naar zuidwest Ierland. Door luchtdrukdalingen boven onze omgeving kon het front zich snel naar het zuidoosten verplaatsen. Het front passeerde ons land reeds in de middag van die dag met veel bewolking, waaruit gemiddeld 5 mm neerslag viel. In dit tijdvak verplaatste een hogedrukgebied zich van het zeegebied even ten westen van Ierland naar de Azoren. Langs de flank van dit hogedrukgebied trokken opeenvolgende storingen met een noordwest- tot weststroming, via de Noordzee naar onze omgeving. In deze stroming werd veel bewolking meegevoerd, waardoor het weer een somber karakter had. Perioden met regen en motregen werden afgewisseld door met buien en opklaringen. De maximumtemperaturen liepen aanvankelijk terug van ca. 11 op de 18e tot 7 à 8 op de 22e. Daarna werd het weer iets warmer. De nachten waren met minima van 3 tot 5 C zacht voor de tijd van het jaar.
Tijdvak 24 – 27 maart
Op 24 maart bevond ons land zich aan de noordflank van een hogedrukgebied boven Zwitserland, dat zich in de loop van de dag verplaatste naar de Balkan. Met een van zuidwest naar zuid krimpende stroming werd drogere lucht naar ons land gevoerd, waardoor de aanwezige bewolking geleidelijk oploste. Ook op de 25e werd de zuidstroming boven ons land in stand gehouden. Aanvankelijk was het fraai weer met gemiddeld ca. 7 uren zon, waarbij de temperaturen snel opliepen tot 16 à 17 C en in het zuiden plaatselijk tot 18 C. Tegen de avond nam de bewolking toe op de nadering van een warmtefront, dat in de nacht van 25 op 26 maart enige tijd lichte regen bracht. Overdag was er op de 26e veel bewolking, waardoor het kwik bij 12 à 13 C bleef steken. In de avond trok een koufront met regen van west naar oost over ons land. Hoewel ons land zich op de 27e midden in een vlak lagedrukgebied bevond met kernen boven Zuid-Noorwegen, Bretagne en de Golf van Genua was het een droge dag met gemiddeld 8 uren zon. Met een naar noordwest draaiende wind werd het niet warmer dan ca. 11 C.
Tijdvak 28 – 31 maart
Na een koude nacht met op veel plaatsen lichte vorst en plaatselijk dichte tot zeer dichte mist scheen de zon op de 28e opnieuw uitbundig. Op de laatste dagen van de maand bevond ons land zich tussen een vore van lage druk ten westen van de Britse Eilanden en een rug van hoge druk, die zich uitstrekte van West-Rusland via Zuid-Duitsland naar Spanje. Met een zuid- tot zuidooststroming werd zeer zachte lucht aangevoerd. De 29e was zeer zonnig met gemiddeld 11 uren zon. Door de aanwezigheid van een frontensysteem boven de Noordzee was de 30e een tamelijk sombere dag met vooral aan de kust enige tijd regen. De laatste dag van de maand was opnieuw zeer zonnig. Met een zwakke zuidoosten wind werd in Hoek van Holland met 19.9 C de hoogste temperatuur van de maand gemeten.

Dick Heijboer