| |
Klimatologie: Weerbeschrijving
September 1999
Tijdvak 1 – 6 september In dit tijdvak handhaafde zich een stationair hogedrukgebied boven West-Rusland. Met een rug van hoge druk, die zich uitstrekte over Denemarken en Zuid-Engeland kreeg dit hogedrukgebied verbinding met het Azoren-hoog. Aan de zuidflank van de aldus ontstane gordel van hoge druk werd met een naar oost- tot zuidoost draaiende stroming warme en droge lucht naar onze omgeving gevoerd. 1 september was nog een sombere dag veel bewolking en van tijd tot tijd lichte regen. In de nacht van 1 op 2 september vormde zich op veel plaatsen bij vrijwel onbewolkte hemel en weinig wind, dichte tot zeer dichte mist. Nadat de mist in de ochtend was opgetrokken waren de 2e en de volgende dagen van dit tijdvak zonnig en warm. Vooral 3 en 5 september was zeer zonnig met landelijk gemiddeld 11 à 12 uren zon. De temperatuur ging geleidelijk omhoog: op de 5e werd het op veel plaatsen 26 tot 28 C. Op 6 september trok een kleine storing via ons land naar het noordoosten. Lokaal ging dit vergezeld van onweersbuien, waarbij ook hagel werd waargenomen. In Oosterhout veroorzaakten wolkbreuken, waarbij in enkele uren ca. 95 mm neerslag viel, veel wateroverlast.Tijdvak 7 – 13 september Voor een koufront, dat op de 7e via Engeland naar het oosten trok draaide de wind tijdelijk naar het zuidwesten. Er was veel bewolking, waardoor het met 23 tot 25 C minder warm was. Inmiddels was diezelfde dag uit de restanten van de orkaan “Cindy” en een golfvormige storing in het polaire front boven de oceaan een zeer actieve depressie tot ontwikkeling gekomen. Op 8 september om 00.00 UT bevond deze depressie zich nabij 54N 20W en volgde daarna een noordelijke koers. Een etmaal later lag de depressie even ten zuiden van IJsland met een kerndruk van ca. 958 hPa. Een tweede eveneens zeer actieve depressie volgde vrijwel dezelfde baan en trok op de 11e over IJsland naar het noorden. Door deze beide depressies werd zeer zachte lucht naar onze omgeving gevoerd, waardoor boven de Oostzee en de Noordzee een krachtig hogedrukgebied werd opgebouwd. Onder invloed van dit hogedrukgebied was dit tijdvak bij ons verder zeer zonnig en warm. Op 11, 12 en 13 september werd in het zuidoosten van het land de 30 C overschreden. In de avond van de 12e nam vanuit het westen de bewolking toe en begon het te regenen op de nadering van een frontale zone. Deze zone stagneerde boven ons land. Hierdoor vertoonden de temperaturen in de middag van de 13e grote verschillen: terwijl het in het oosten 30 C of warmer werd, bleef aan de kust het kwik steken bij 17 à 18C. Zeer plaatselijk kwam onweer voor.Tijdvak 14 – 16 sepember Op deze dagen werd het weer bij ons bepaald door een volgende frontale zone, die eerst boven ons land bleef liggen en pas op de 16e naar het oosten wegtrok. Hierdoor waren de 14e en de 15e sombere dagen: in De Bilt liet de zon zelfs geheel verstek gaan. In de nacht van 14 op 15 september vormde zich op veel plaatsen dichte tot zeer dichte mist. In de loop van de 15e trok een storing langs de frontale zone over ons land naar het noorden. In de middag en avond kwamen onweersbuien tot ontwikkeling. Landelijk gemiddeld viel 11 mm neerslag: Twenthe noteerde met 32 mm de grootste etmaalsom. Op de 16e viel alleen in het noorden nog neerslag van betekenis bij temperaturen van 18 C. In het zuiden was het zeer zonnig, maar het werd er niet warmer dan ca. 21 C.Tijdvak 17 – 22 september In dit tijdvak werden de weerkaarten in grote lijnen gekenmerkt door een krachtig hogedrukgebied, dat zich van Scandinavië naar de Balkan verplaatste en opeenvolgende diepe depressies boven of even ten westen van de Britse Eilanden. Op de 17e trok een koufront langzaam oostwaarts over ons land. Deze frontpassage ging vergezeld van veel bewolking, waaruit geruime tijd regen viel. Plaatselijk werd 15 tot 20 mm afgetapt. De maxima liepen uiteen van 20 C aan de kust tot 17 C in het oosten van het land. Met een naar zuidoost krimpende wind was 18 september een droge dag met gemiddeld 9 uren zonneschijn en maxima tot 22 C. Ook op de 19e was het aanvankelijk zonnig, ondanks hoge sluierbewolking. In de loop van de dag nam de bewolking echter toe op de nadering van een frontale zone, gevolgd door regen in de avond. Met maxima tot 23 à 24 C had het weer een drukkend karakter. Op de laatste dagen van dit tijdvak werd met een zuid- tot zuidweststroming warme en vochtige lucht met veel bewolking naar ons land gevoerd. Door de nabijheid van een koude put boven de Britse Eilanden bleef de atmosfeer onstabiel en kwamen dagelijks buien tot ontwikkeling. De maxima liepen uiteen van 18 tot 21 C.Tijdvak 23 – 30 september Op 23 september om 00.00 UT bevond zich nabij Zuidwest-Ierland een depressie, waarin de restanten van de orkaan “Floyd” waren opgenomen. Deze depressie trok zeer langzaam in noordnoordoostelijke richting. Daarna trokken opeenvolgende depressies via Zuid-Engeland en de Noordzee naar Scandinavië, terwijl zich boven de Middellandse Zee een gordel van hoge luchtdruk handhaafde. Hierdoor werd boven onze omgeving voortdurend een zuid- tot zuidweststroming in stand gehouden, waarmee warme en vochtige lucht werd aangevoerd. Mede door de hoge zeewatertemperatuur en de koude put boven de Britse Eilanden had het weer een wisselvallig en sterk buiiig karakter. Met uitzondering van de 28e kwamen dagelijks onweersbuien tot ontwikkeling, waaruit plaatselijk grote hoeveelheden neerslag vielen. Schiphol meldde op de 26e een etmaalsom van 30 mm, Terschelling op de 27e 27 mm en Valkenburg op de 29e 22 mm. Op de laatste dag van de maand kwam er gemiddeld over het land nog 11 mm bij. De maximumtemperaturen gingen aanvankelijk omlaag van 22 naar 17 C op de 27e, daarna was het met maxima van 17 tot 22 C warm voor de tijd van het jaar.
Dick Heijboer
|
|
|