Maandoverzichten
December 2009
3-2-2010
Op deze pagina worden kaarten getoond met maandoverzichten van de gemiddelde temperatuur, de minimumtemperatuur, de maximumtemperatuur en de neerslaghoeveelheid in Nederland. De kaarten zijn gemaakt met behulp van data van KNMI-stations (links) en met data van weeramateurstations (rechts), zodat deze zijn te vergelijken. Zie onderaan deze pagina voor een toelichting op de verschillen zichtbaar in deze kaarten.
Wat deze maand opvalt is dat op de weeramateurstations meestal veel minder neerslag is gemeten dan op de KNMI-stations. Dit wordt waarschijnlijk veroorzaakt door de neerslagvorm (voor een groot deel sneeuw). De automatische stations gebruikt door de weeramateurs zijn niet gemaakt voor het meten van sneeuwval.
|
Gemiddelde temperatuur December 2009 KNMI-stations
|
|
Gemiddelde temperatuur December 2009 Weeramateurstations |
|
|
|
|
Laagste temperatuur December 2009 KNMI-stations
|
|
Laagste temperatuur December 2009 Weeramateurstations |
|
|
|
De kaartjes gemaakt op basis van data van weeramateurs (rechts) verschillen van de kaartjes gemaakt op basis van KNMI-meetlocaties (links). Onderaan deze pagina worden de mogelijke oorzaken van deze verschillen toegelicht.
|
Hoogste temperatuur December 2009 KNMI-stations
|
|
Hoogste temperatuur December 2009 Weeramateurstations |
|
|
|
|
Neerslagsom December 2009 KNMI-stations
|
|
Neerslagsom December 2009 Weeramateurstations |
|
|
|
Toelichting op de verschillen
De kaartjes op basis van de weeramateurdata verschillen van die op basis van de data van de KNMI-stations. Deze verschillen worden o.a. veroorzaakt door:
Het aantal stations: er zijn minder KNMI-meetpunten voor temperatuur (35) dan er weeramateurstations zijn (op dit moment ongeveer 170). Er zijn juist meer KNMI-neerslagstations (ongeveer 325) dan weeramateurstations. Zie de pagina 'ligging stations' voor kaarten met de lokaties van de weeramateurstations, KNMI-hoofdstations en neerslagstations.
De ruimtelijke verdeling: de dichtheid van de KNMI-(neerslag)stations is voor heel Nederland min of meer gelijk. Dit is niet het geval voor de weeramateurstations. Zie de pagina 'ligging stations' voor kaarten met de lokaties van de weeramateurstations, KNMI-hoofdstations en neerslagstations.
Meetlocatie: de meetlocaties van het KNMI zijn gestandaardiseerd om de onderlinge vergelijking te vergemakkelijken. Zo staan alle stations buiten de stad, en op een grasveld van bepaalde afmetingen. Meetlocaties van weeramateurs verschillen onderling. Veel stations staan in de tuin, sommige op het dak, en de ondergrond verschilt. Ook staan veel weeramateurstations in stedelijk gebied. Voor het onderzoek naar stadsklimaat zijn de data van de weeramateurs daarom zeer welkom.
Meetapparatuur: Het KNMI meet overal met dezelfde apparatuur. Apparatuur van weeramateurs verschilt onderling.
Tijdstip van meten: op de KNMI-neerslagstations wordt elke ochtend de hoeveelheid neerslag om 8:00 UTC (Universal Time) van de afgelopen 24 uur bepaald. De dagneerslaggegevens van de laatste dag van de maand, bevatten daarom ook altijd de neerslag die in de uren 0:00 UTC tot 8:00 UTC op de eerste dag van de nieuwe maand is gevallen. De dagsommen van de weeramateurdata worden voor de periode van 0:00 tot 0:00 UTC bepaald.
Validatie: De KNMI-gegevens worden waar nodig gecorrigeerd en aangevuld. Dat gebeurt volgens strikte procedures en richtlijnen. Dit gebeurt op dit moment niet met de gegevens van de weeramateurs.