Historische klimaatdata

Wat verstaan we onder Historische klimaatdata?

Onder historische klimaatdata verstaan we oppervlaktewaarnemingen boven land en zee die terug gaan tot ongeveer 1600 en die doorgaan tot het moment waarop ze hun actuele waarde verloren hebben (ongeveer vijf jaar voor heden). De recente waarnemingen (de laatste vijf jaar) sluiten hierop aan. De waarnemingen gedaan voor de oprichting van het KNMI (1854) worden als antieke waarnemingen aangeduid en vormen een onderdeel van de historische waarnemingen.

De historische waarnemingen bieden de mogelijkheid te komen tot zeer lange reeksen van klimaat parameters. Naast deze directe waarnemingen van het klimaat beschouwen we ook waarnemingen uit documentaire bronnen. Een voorbeeld daarvan is de zogenaamde 'Trekvaartreeks'. Deze reeks geeft voor de winterperiode informatie over de bevaarbaarheid (i.v.m. ijsgroei) van een aantal Nederlandse kanalen in West-Nederland. Dergelijke informatie kan worden gebruikt om op indirecte wijze de wintertemperaturen af te leiden (van den Dool et al., 1978).

Historische klimaatdata moeten onderscheiden worden van andere categorieën van data zoals paleowaarnemingen, gegevens van de bovenlucht (radiosonde), remote sensing beelden (satelliet, radar) en modelgegevens (ECMWF, UKMO). De laatste drie categorieën van data zijn pas na WOII beschikbaar gekomen.

Hoewel HISKLIM zich in principe beperkt tot historische waarnemingen, is het vanzelfsprekend dat ook de recente waarnemingen aandacht behoeven. Daarbij moet bijvoorbeeld gedacht worden aan de continuïteit van bestaande lange klimaatreeksen naar de toekomst toe, het homogeniseren van de Zwanenburg/De Bilt reeks en het archiveren van digitale en niet-digitale waarnemingen.
 

Wat is het belang van historische klimaatdata?

Historische klimaatdata, en de daarmee verbonden lange klimaatreeksen of databases, zijn van groot belang voor het post-Kyoto proces. Met het oog op emissiebeperkingen hebben FCCC (Framework Convention on Climate Change) en SBSTA (Subsidiary Body for Scientific and Technological Advice) een grote behoefte aan meer duidelijkheid over anthropogene klimaatveranderingen. Kennis van de natuurlijke variabiliteit van klimaat is daarbij onontbeerlijk. Daarvoor zijn lange homogene meetreeksen nodig.

Wereldwijd wordt de vraag naar lange en kwalitatief goede historische klimaatreeksen steeds groter. Zo zijn grote onderzoeksprogramma's als CLIVAR en de makers van bijvoorbeeld de Europese klimaatrapportage (ECSN) en de KNMI klimaatrapportage van Nederland voor een groot deel afhankelijk van de beschikbaarheid van die reeksen. De druk vanuit deze onderzoeksprogramma's  en andere klimaatprogramma's (WCRP, IPCC, GCOS) om tot goed toegankelijke databases te komen voor klimaatonderzoek neemt toe. Ook is er vanuit verschillende invalshoeken (IPCC-TAR, GSN, EUMETNET) vraag naar een steeds hogere tijdsresolutie van klimaatreeksen (bijvoorbeeld dagwaarden i.p.v. maandwaarden).

Bovenstaande programma's en de wereldwijde inspanning om tot land- en zeedatabases te komen (COADS, CRU), zijn belangrijke triggers voor het beter toegankelijk maken van historische klimaatdata. Maar ook zonder dergelijke triggers wil het KNMI zorgen voor een goede toegankelijkheid van de historische data, simpelweg omdat het tot haar taak behoort.
 

intro-ne HISKLIM: programmabeschrijving | projecten | maritieme data | landdata | publikaties | datalinks | vacature

 


Theo Brandsma