Verdere professionalisering in de zeilsport; een experiment met een meteoroloog
KNMI-meteoroloog Frits Koek actiever betrokken bij zeilsport
13 oktober 1999
Doordat in de topsport de lat steeds hoger wordt gelegd, vindt er een professionalisering plaats die zijn weerga
niet kent. De druk die de sponsoren opleggen wordt steeds groter en de prestaties moeten steeds beter. We merken
dat natuurlijk het duidelijkst bij het voetbal, maar ook bij andere sporten is dit al jaren het geval. Een goed
voorbeeld van professionalisering is onlangs bij de top zeilsport te constateren geweest.
Om zo veel mogelijk factoren te vinden die de prestaties positief kunnen beïnvloeden wordt van alles
geprobeerd. Enkele van deze factoren zijn: materiaal, trainingsfaciliteiten, fysieke en psychische begeleiding en
ook financiële bijdragen. Om nog meer onzekerheden uit te sluiten wordt steeds meer gekeken of men het weer
beter in de vingers kan krijgen. In de zeilsport, waar de wind een bepalende factor is, wordt steeds vaker de hulp
ingeroepen van een meteoroloog.
In het zeilen bestaan globaal twee verschillende categorieën wedstrijden. Deze kunnen, zoals voor de
Olympische Spelen, kort duren. Denk hierbij aan enkele uren. Er zijn ook andere soorten wedstrijden, die langer (of
zelfs veel langer) duren. Dit kan liggen tussen een dag en meerdere dage, soms weken of maanden. Een bekende race
van deze categorie is de "Whitbread Round The World Race", of, zoals hij tegenwoordig heet, de
"Volvo Ocean Race".
Beide soorten wedstrijden hebben een andere aanpak van een meteoroloog nodig. Bij de lange wedstrijden wordt
vooral gekeken naar de lange termijn verwachting. "Waar willen we zijn over twee of drie dagen om zo veel mogelijk
profijt van de wind te hebben?", is de vraag die dan gesteld wordt. "En hoe komen we daar zo snel mogelijk?. De
korte wedstrijden vergen daarentegen een hoge nauwkeurigheid van de korte termijn weersverwachting, in zowel plaats
als tijd. In het jargon heet dit "now-casting". Doordat de wedstrijden zo kort duren, mag er niet veel mis gaan,
want tijd voor herstel is er niet. De zeilers zelf kunnen ook op het weerkundige vlak een belangrijke bijdrage
leveren. Het belangrijkste is dat de meteoroloog duidelijk maakt aan de zeilers wat de onzekerheden in de
verwachting zijn. Hij moet anticiperen op een aantal mogelijke scenario’s, die voor de zeilers, vanaf het water
weer te herkennen zijn. Als zich dan, vlak voor, of tijdens een wedstrijd, afwijkingen vertonen van de
weersverwachting, kunnen de zeilers zelf een onderbouwde beslissing nemen ten aanzien van de te volgen tactiek.
In het verleden zijn al meerdere malen meteorologen betrokken geweest bij het zeilen. In de laatste
Whitbread was het KNMI hier sterk bij betrokken. Zelf ben ik toen een etappe meegevaren aan boord van het
Nederlandse schip, de BrunelSunergy. Het werd de enige etappe die door de Nederlanders werd gewonnen. In het
voorjaar van dit jaar heb ik Hans Bouscholte en Gérard Navarin begeleid. Zij werden door mij voor en tijdens
hun recordpoging (met een open catamaran van 6 meter lengte, de Atlantische Oceaan over steken) van weersinformatie
voorzien. Het werd ruimschoots een nieuw wereldrecord.
In de Admirals Cup, die afgelopen zomer werd gevaren, werd het Nederlandse team bijgestaan door de
Amerikaanse meteo-specialist Ken Campell. Het Nederlandse Team werd eerste, voor het eerst in de geschiedenis van
de Admirals Cup.
Niet alleen de Nederlandse zeiltop beseft de toegevoegde waarde van de meteoroloog, in het buitenland, met
name in Frankrijk, de Verenigde Staten van Amerika en in het Verenigd Koninkrijk, is dit al jaren het geval.
Volgend jaar wordt in Nieuw Zeeland de America’s Cup gezeild. De meest prestigieuze Cup die er in deze sport is te
behalen. Al reeds enkele jaren zijn teams van meteorologen van verschillende landen bezig met het analyseren van
dit zeilgebied. De kennis die vooraf wordt opgebouwd, moet uiteindelijk culmineren in een overwinning voor hun land.
De Olympische Spelen in 2000 worden in Sydney gehouden. De zeilwedstrijden worden daar in een van de mooiste,
maar ook moeilijkste zeilgebieden ter wereld gevaren: de Baai van Sydney. Een vaarwater met grillige vormen,
omsloten door heuvels en Sydney zelf, open aan de oostzijde naar de Tasman Zee.
Afgelopen september heb ik een aantal weken gekeken in Sydney. Er waren toen wedstrijden, de "IBM Sydney
Harbour Regatta", ook wel Pré-Olympische spelen genoemd, voor alle Olympische zeilklassen. Nederland zeilde
mee in de Soling, Finn, Tornado, Europe, Mistral, Laser en 470. Mijn opdracht was om de zeilers zoveel mogelijk
bewust te maken van het weer in de baai. Ik maakte ‘s ochtends een weersverwachting voor de zeilers en ging het water
op om ter plekke metingen te verrichten. Na de wedstrijden probeerde ik zo veel mogelijk informatie van de zeilers
los te krijgen, zodat ik voor die dag een goed beeld kreeg van de verschillen van de wind (zowel richting als sterkte)
in de baai. Het Australische Bureau of Meteorology (BoM) heeft voor de spelen alvast een aantal extra automatische
weerstations in en rond de baai geplaatst. Die geven een mooi beeld van de grilligheid.
Het Koninklijk Nederlands Watersport Verbond (KNWV) is zich terdege bewust van het belang van een
meteoroloog voor de zeilers. Voor deze proefperiode in Sydney was ik in dienst van het KNWV. De gegevens die ik
voor het maken van mijn verwachtingen nodig had betrok ik enerzijds van Weerbureau HWS uit Soest en anderzijds van
het Australische BoM. Hoe, na de wedstrijden in Sydney, de toekomst van een meteoroloog bij de wedstrijden er
uitziet is nog niet duidelijk. De verschillende meningen en ervaringen worden nu geëvalueerd en ik hoop u
spoedig daarover meer te kunnen vertellen.