Modellen algemeen tot +48 uur, geldig tot maandag 13 april 2026 24.00 locale tijd
Guidance modelbeoordeling voor Nederland, de Nederlandse kustwateren en de Noordzee, gebaseerd op de HARMONIE run van 12 UTC en de overige genoemde modellen en gidsen met bijbehorende runtijd.Modelbeoordeling door meteoroloog
Aan de zuidoostflank van een lagedrukgebied ten noordwesten van de Britse Eilanden voert een zuid- tot zuidwestelijke stroming maritiem polaire lucht aan. Het lagedrukgebied trekt opvullend noordwaarts. Op hoogte is de stroming zuidelijk tussen een oostwaarts trekkende hoogtetrog boven de Britse Eilanden en een hoogterug boven Polen. Vanwege drukstijgingen boven de noordelijke Noordzee (uitloper van hoog boven Scandinaviƫ) en de vorming van een lij-laag boven Beieren wordt de stroming maandag aan de grond (noord)oostelijk. Vanuit het lij-laag vormt zich maandagmiddag en -avond een ZZO-NNW georienteerde vore naar de Duitse Bocht, met aan de westflank daarvan een frontale zone. Het front wordt in de loop van maandagmiddag en -avond geactiveerd door versterkte warmte-advectie aan de noordwestzijde van het lij-laag en mogelijk ook nog wat PVA. Het grondfront blijft waarschijnlijk net buiten onze landsgrenzen. In de nacht van maandag op dinsdag passeert de hoogtetrog ons aandachtsgebied. De frontale vore trekt oostwaarts en vanuit het Azorenhoog bouwt een zuid-noord georiƫnteerde rug op boven onze omgeving. Deze trekt dinsdagoverdag over Nederland oostwaarts
De uitvoer is op synoptische schaal consistent. De details van de patronen van de neerslag bij het front van maandag boven Duitsland schuiven wel wat. De kans op meer dan 0,3 mm/uur in het oosten is volgens de HarmonEps-uitvoer klein. In de HarmonEps-uitvoer is er maandagmiddag vooral boven het oosten en midden een vrij consistent signaal voor convectieve neerslag. Het is ondiepe convectie, tot ongeveer FL100, getriggerd door lokale convergentie en versterkt door enige inzaaiing uit de hogere bewolking. Voorwaarde voor deze convectie is uiteraard de convectietemperatuur bereikt wordt, de temperatuur is afhankelijk van de dikte van de hogere bewolking. Vanaf de nacht naar dinsdag zit er in de Harmonie-uitvoer in de rug boven de Noordzee en tot en met de vroege ochtend ook boven het noorden een vrij sterk signaal voor stratus. Deze stratus lijkt te ontstaan op oude convergentiezones. Deze zijn ook in de EC-uitvoer wel min of meer herkenbaar aan een hogere RV, maar in de EC-uitvoer ontstaat alleen in het zuidoosten stratus. Vooralsnog is het een onzekerheid. Dinsdag in de vroege ochtend is er in de rug kans op mistbanken. Dit signaal is ook duidelijk in de HarmonEps-uitvoer zichtbaar, in de TAF-MOS is de kans meestal niet meer dan 40%, maar met wat sterkere afkoeling dan in de zowel EC- als Harmonie-uitvoer zijn mistbanken wel realistisch
Zie modeluitvoerbeoordeling. In de nacht naar dinsdag wordt het waarschijnlijk wel kouder dan in de uitvoer (sterkere ontkoppeling).
Komende dagen wordt de wind vooral bepaald door thermische effecten.
Hoeveelheid en dikte van de hogere bewolking maandag is een onzekerheid. Maandagmiddag ontwikkeling van Cu/Tcu. In de nacht naar dinsdag boven de Noordzee en in het zuidoosten toenemende kans op stratus, wel is er nog onzekerheid, vooral boven de Noordzee.
Maandag wat onzekerheid voor wat betreft de neerslagverwachting. De frontale neerslag in het (uiterste) oosten lijkt weinig voor te stellen. Maandag overdag ten westen van het front kans enkele buien t.g.v. inzaaiing (zie modelbeoordeling).
In de nacht naar maandag in het noord(west)en bij weinig wind een kleine kans op grondmist, elders is er te weinig uitstraling door toenemende hoge- en middelbare bewolking. In de nacht naar dinsdag mistbanken, overdag lossen deze snel weer op.
Paraaf meteoroloog: HuiskamP