Modellen algemeen tot +48 uur, geldig tot woensdag 15 april 2026 24.00 locale tijd
Guidance modelbeoordeling voor Nederland, de Nederlandse kustwateren en de Noordzee, gebaseerd op de HARMONIE run van 18 UTC en de overige genoemde modellen en gidsen met bijbehorende runtijd.Modelbeoordeling door meteoroloog
We bevinden ons in een zadelgebied tussen een hogedrukgebied boven Finland, een uitloper van het Azorenhoog en lagedrukgebieden boven Centraal-Europa en nabij IJsland. Een zwakke NW-ZO georienteerde occlusie ligt op de lijn EHAK - EHGR (herkenbaar aan Theta-W 925 hPa van 5°C en wolkenvelden) en beweegt verder in betekenis afnemend oostwaarts over ons land. De uitloper van het Azorenhoog bouwt vanuit het zuiden verder op en vormt vanmiddag een hogedrukgebied boven ons land. Dit hoog trekt oostwaarts en komt woensdagnacht boven Duitsland te liggen. De stroming wordt dan zuidelijk op nadering van een laag ten westen van Ierland. De bijbehorende occluderende frontale zone trekt woensdagavond van zuidwesten naar noordoost over het land. Tegelijkertijd schampt een kortgolvige hoogtetrog het noordwesten van de FIR.
De modellen pakken de momenteel aanwezige mist redelijk goed op. De dichtste mist bevindt zich in het noorden en zuidwest-Brabant en dit is ook min of meer wat de modellen laten zien. Het oplossen van de mist kan tijdelijk gepaard gaan met St, dit laten beide modellen zien. Eventuele mist boven zee (nog niet waargenomen) wordt wel door Ha43 berekend en niet door EC. De vorming van mist in het noord(west)en van de FIR is zeker niet uitgesloten daar waar de zwakke occlusie zich bevindt.
Ha43 geeft de minimumtemperaturen (op het noordoosten na) prima weer. Ook voor de maximumtemperaturen geeft Ha43 zeer waarschijnlijk een betere leidraad dan EC.
Voor vanmiddag zijn in de modeluitvoer (convergentievelden op 175m) op diverse plekken zeewindgedreven convergentielijntjes te vinden. De meest markante in het noorden. Kan een aandachtspunt zijn voor de kleine luchtvaart, al blijft de windsnelheid gering.
Bij de zwakke occlusie velden Sc (vooral boven zee) en af en toe wat flarden St, in betekenis afnemend. Boven zee kunnen aanvankelijk boven het noordwesten van de FIR bij deze occlusie eerst nog enkele Cb's (toppen max FL150) voorkomen. Tijdens het optrekken van eventueel dikkere mist kans op tijdelijke St. Bij de occluderende frontale zone lijkt pas in de nacht naar donderdag de kans op St toe te nemen. Bovendien zijn boven het noordwesten van de FIR dan enkele ingebedde Cb's met toppen FL100-150 mogelijk.
Boven het noordwesten van de FIR aanvankelijk nog een enkele lichte tot matige bui. Overdag is op een zeewindconvergentielijn in het westen bij EC een klein neerslagsignaal te zien uit waarschijnlijk een wat dikkere (T)Cu. Stelt nauwelijks wat voor. We noemen het droog in de verwachtingen. Bij de occluderende frontale zone woensdagavond lichte regen, boven het noordwesten van de FIR mogelijk buiig van karakter (onder invloed van de hoogtetrog). Cape is marginaal.
Vanochtend met name in het noorden dichte mist, vanaf 07 UTC snel oplossend, maar tijdelijk nog even optrekkend tot St. In het noord(west)en van de FIR vandaag voorlopig nog kans op mist. In de nacht naar woensdag nauwelijks zichtreductie onder invloed van de zuidelijke stroming die drogere lucht aanvoert.
Paraaf meteoroloog: aberson