Modellen algemeen tot +48 uur, geldig tot dinsdag 05 mei 2026 24.00 locale tijd
Guidance modelbeoordeling voor Nederland, de Nederlandse kustwateren en de Noordzee, gebaseerd op de HARMONIE run van 18 UTC en de overige genoemde modellen en gidsen met bijbehorende runtijd.Modelbeoordeling door meteoroloog
Een NO-ZW georienteerde vore ligt vannacht net ten noorden van ons land. In een zwakke zuidwestelijke stroming bevinden we ons in een (valse) warme sector met vochtige lucht. Overdag trekt de vore geleidelijk zuidwaarts over ons land en komt in de middag en avond boven het zuidoosten min of meer tot stilstand. Tegelijkertijd vormt zich boven het noorden van de FIR een kleinschalig hogedrukgebied. Het polaire front ligt vannacht boven het uiterste noorden van de FIR, beweegt geleidelijk zuidwaarts en bereikt het noorden van ons land later in de nacht naar dinsdag. Een diffuus NO-ZW georienteerd koufront (ThetaW925 ~ 13°C) dat vannacht en vanochtend min of meer stationair boven het uiterste zuidoosten ligt wordt door lagedrukvorming boven Frankrijk vanmiddag als warmtefront weer wat noordwaarts geduwd tot over de zuidoostelijke helft. Dinsdag vormt zich ten zuidoosten van ons land een langgerekt ONO-WZW georienteerde vore met een lagedrukkern boven het noorden van Frankrijk. De frontale zone blijft daardoor nog geruime tijd boven De vrij warme en vochtige lucht blijft daardoor nog de hele dinsdag boven het zuidoosten aanwezig en lijkt door opglijding nog wat te activeren. Het polaire front zal in eerste instantie niet verder komen dan het noorden van het land, boven zee beweegt het wel verder zuidwaarts. Pas als de lagedrukkern dinsdagavond ten zuidoosten van ons richting Duitsland beweegt zal het polaire front weer zuidwaarts terrein gaan winnen. Aan het einde van dinsdagavond zal de frontale zone met de vrij warme en vochtige lucht alleen nog boven Limburg en het zuidoosten van Brabant liggen, wel zien we dan nog een activering van de frontale zone omdat
Belangrijkste aandachtspunt zijn de zicht- en wolkencondities tot aan de uiteindelijke koufrontpassage. Ha43 als EC geven beiden lage St- en mistsignalen, het zal voor een belangrijk deel ook nowcasten worden en het is raadzaam niet teveel te detailleren. In beide modellen worden de condities in de loop van maandag van het noorden uit beter wanneer de polaire lucht terrein wint. De convectie op in de zuidoostelijke helft van het land vanwege de nog vrij warme vochtige lucht aldaar is in beide modellen aanwezig, Ha43 is daar zoals gebruikelijk wat explicieter in, maar schuift nog enigszins. De buien bewegen maar langzaam, wat betekent dat ze plaatselijk veel regen op kunnen leveren. Het is nog onzeker hoeveel regen er precies maximaal gaat vallen. Uursommen van plaatselijk 10-20 mm zijn zeker mogelijk en de 24 uurs sommen gaan plaatselijk naar 20-40 mm. Ook voor de dinsdag wordt de neerslaghoeveelheid een belangrijk aandachtspunt, ook dan 24-uurs sommen van 10-20 mm, plaatselijk 20-30 mm. Vooral dinsdagmiddag en de -avond zien we de neerslag activeren, waarbij dan opvalt dat Ha43 een stuk noordwestelijker zit dan EC. In 48 uur tijd zou maandag en dinsdag er plaatselijk dus 30-50 mm kunnen vallen, op een heel enkele plek misschien nog wel wat meer.
Overdag in het zuidoosten plaatselijk nog 21°C mits de zon voldoende doorbreekt, in het noordelijk kustgebied blijft de temperatuur met 12°C al duidelijk achter. Dinsdag zien we grote verschillen tussen Ha43 en EC. Ha43 is overdag ongeveer 5 graden kouder dan EC. Van Ha43 is bekend dat de diffuse straling door de stratiforme bewolking heen vaak niet goed gemodelleerd wordt, derhalve volgen we voor de temperatuur meer op EC.
Geen bijzonderheden.
Vannacht nog een enkele Cb op enige hoogte, verder zien we momenteel vooral veel lage bewolking in de vore, op sommig plaatsen ook stratus aan dek (mist). Overdag boven land weer vorming van convectieve bewolking, in de (ruime) zuidoostelijke helft ook weer geïsoleerde Cb's met toppen tot ca. FL250-FL300, maar meestal FL200-FL250. Convergentie in de vore lijkt een belangrijke trigger te zijn voor het ontstaan van de convectie, vooral aan de noordzijde van de vore is deze forcering vrij sterk. In de loop van de middag en avond van het zuiden ook meer stratiforme frontale bewolking die zich over de zuidoostelijke helft uitbreidt, deze lijkt zich te gaan vermengen met de convectieve bewolking die eerder op de dag ontstaan is. In de nacht naar dinsdag zien we in het zuidoosten boven land dan ook veel stratus. Boven de noordelijke helft van de FIR in de droge polaire lucht geen significante bewolking en ook het noorden van het land zien we dag alleen Sc-bewolking. De frontale bewolking blijft dinsdag overdag boven de zuidoostelijke helft aanwezig, door de activering van de frontale zone wordt de frontale bewolking vooral in de avond ook massiever.
Vannacht nog een enkel geïsoleerde bui. Overdag in de zuidoostelijke helft opnieuw buien, wel meer geïsoleerde buien dan vandaag. Aangezien de schering kleiner wordt (10-20 kn) wordt de convectiemodus dan waarschijnlijk meer single cell. Kans op onweer en hagel is nog steeds aanwezig maar heel veel onweersactiviteit wordt er niet verwacht vanwege de beperkte CAPE en de licht "voorover hellende" progtemps. Doordat de buien langzaam bewegen kan er plaatselijk veel neerslag in korte tijd vallen. Dinsdag zal de neerslag grotendeels stratiform zijn, door opglijding zien we de neerslag dan vooral later in de middag en in de avond activeren. Voor de opmerkingen over de 24- en 48-uurs accumulatie zie ook, modelbeoordeling.
Vannacht in de vore matige tot slechte zichten en op diverse plaatsen ook mist. Boven land gaat het dan ook om stralingsmist die op sommige plaatsen ook verkeersbelemmerend kan zijn. Voor de rest van de periode geldt dat de zichten ook in neerslag zal teruglopen naar matig, in zwaardere neerslag ook slecht.
Paraaf meteoroloog: homan