Modellen algemeen tot +48 uur, geldig tot maandag 28 september 2026 24.00 locale tijd
Guidance modelbeoordeling voor Nederland, de Nederlandse kustwateren en de Noordzee, gebaseerd op de HARMONIE run van 18 UTC en de overige genoemde modellen en gidsen met bijbehorende runtijd.Modelbeoordeling door meteoroloog
De stroming is zuidwestelijk. Een koufront met een dubbelconstructie (herkenbaar in de wolkenbanden en theta-w 925 hPa) trekt in de nacht naar maandag over Nederland zuidoostwaarts. Maandag overdag trekt een hogedrukgebied van het zuiden van Engeland via de Noordzee naar het zuiden van Scandinaviƫ. De stroming in de grenslaag wordt dan noordoostelijk tot oostelijk. Het koufront trekt maandagmiddag na passage van het hoog als warmtefront weer westwaarts en verlaat dinsdagochtend het noordwesten. Dinsdag overdag draait de stroming in de grenslaag naar zuid en wordt steeds warmere en drogere lucht aangevoerd.
De uitvoer schuift sterk ten aanzien van de neerslag vanaf maandagmiddag en -avond. In de EC uitvoer komt de neerslag veel eerder (al rond 13 UTC) dan in de Harmonie-uitvoer. De EC Eps-uitvoer laat ook hoge neerslagkansen zien voor dinsdag overdag. In tijd en ruimte schuift de Harmonie-uitvoer sterk ten aanzien van de timing en locatie van de buien die bij het koufront moeten ontstaan. In de ruwe HarmonEps-uitvoer is de kans op neerslag landinwaarts klein, 20-30%, het gebied met de hoge kansen trekt voornamelijk over de Noordzee. In de gecalibreerde (SpEns) HarmonEps-uitvoer is de hoogste kans op neerslag in de noordwestelijke helft met de hoogste kansen maandagavond en in de nacht naar dinsdag. We noemen maandagmiddag een kans op een bui met onweer, maandagavond en in de nacht naar dinsdag enkele buien, mogelijk met onweer. Zie verder neerslag.
In de nacht sterkere ontkoppeling dan in de uitvoer, daardoor lagere Tmin. Tmax was zondag in de uitvoer juist wat te hoog.
Boven de Duitse Bocht maandag oost 6 Bft. Er is geen enkel signaal voor uitschieters bij buien, dit is realistisch omdat ze boven een stabiele grenslaag moeten ontstaan.
Bij het westelijke van de koufronten is er een duidelijk signaal voor St, overdag lost de St uiteraard op. In de nacht naar dinsdag blijft een vore boven Nederland liggen waarbij door convergentie St moet ontstaan, deze trekt dinsdagochtend noordwestwaarts. De buien die vanaf maandagmiddag moeten ontstaan, ontstaan vanaf 5000 vt of hoger. Toppen FL350-400.
Ten aanzien van de buien vanaf maandagmiddag een grote onzekerheid. We gaan uit van een voorkeur voor de noordwestelijke helft. De buien ontstaan door destabilisatie als gevolg van sterke warmte-advectie tussen 3000 en 10000 vt. De onzekerheid wordt waarschijnlijk veroorzaakt door het ontbreken van een duidelijke forcering. Er is ongeveer 200-700 J/kg CAPE (laagste in het westen, hoogste in het oosten) en de effectieve schering is ongeveer 25 kn. Onweer is waarschijnlijk. Omdat de treksnelheid relatief hoog is zijn grote neerslagsommen niet te verwachten, bij een actieve bui zou maximaal 20 mm kunnen vallen.
In de nacht naar maandag in het oosten eerst een mistbank, lost op als gevolg van een toename van de bewolking en wind. In de nacht naar dinsdag kans op mistbanken, vooral daar waar neerslag gevallen is.
Paraaf meteoroloog: HuisKamP