Modellen algemeen tot +48 uur, geldig tot zondag 08 november 2026 24.00 locale tijd
Guidance modelbeoordeling voor Nederland, de Nederlandse kustwateren en de Noordzee, gebaseerd op de HARMONIE run van 12 UTC en de overige genoemde modellen en gidsen met bijbehorende runtijd.Modelbeoordeling door meteoroloog
Een vlak lagedrukgebied, om 15 UTC boven het zuiden van Engeland, trekt uitdiepend noordoost- en zondag noordwaarts en ligt maandag boven de Doggersbank. Het lagedrukgebied is in de bovenlucht goed ontwikkeld, het hoogtelaag ligt ten zuidoosten van het laag aan de grond. Door deze ontwikkeling draait de stroming in de grenslaag van zuidoost naar zuidwest. De bijbehorende occlusie, herkenbaar aan ongeveer Td 9 °C lag om 15 UTC boven Zeeland en trekt in de nacht naar zondag over Nederland noordoostwaarts. De grenslaag is stabiel van opbouw en vochtig. Ook na passage van de occlusie blijft de opbouw onderin de grenslaag stabiel.
Het (hoogte)laag en het front zitten consistent in de uitvoer. De beschrijving van de grenslaag is zowel in de Harmonie- als EC-uitvoer matig tot slecht. Het gebied met stratus en mist in het zuidwesten, bij de occlusie, in de uitvoer zit in werkelijkheid 75 km noordoostelijker. Ook de stratus ten zuiden van de occlusie, boven Frankrijk en België, zit slecht in de Harmonie-uitvoer. Bovendien schuift de Harmonie-uitvoer sterkt ten aanzien van de stratus ten zuidwesten van de occlusie. In de HarmonEps-uitvoer is de kans op stratus ten zuidwesten van de occlusie in het westen 50-90% waarbij de kans zondag overdag geleidelijk afneemt.
Temperatuurverloop ten noordoosten van de occlusie zit matig tot slecht in de uitvoer vanwege de matige weergave van de bewolking, vooral in het oosten en noorden is de temperatuur veel te laag. We gaan voor de nacht naar zondag uit van Tmin van 3 °C in het noordoosten tot 9 °C in het zuidwesten. Zondag overdag en daarna is de uitvoer grotendeels bruikbaar.
Geen bijzonderheden.
Bij en ten noordoosten van de occlusie stratus. Ten zuidwesten ervan in het westen kans op stratus. Ten zuidwesten van de occlusie boven de Noordzee en aan de kust enkele CB's, toppen tot FL240.
Neerslag bij de occlusie schuift in de uitvoer. De hoeveelheden zijn gering. Ten zuidwesten van de occlusie boven de Noordzee en aan de noordwestkust enkele buien. Boven zee ook met onweer. CAPE ongeveer 400 J/kg. Een belangrijke forcering wordt gevormd door kustconvergentie. De buien blijven beperkt tot de kuststrook, aan de kust kan plaatselijk 10-20 mm vallen, verder landinwaarts neemt de neerslagsom snel af.
In het midden plaatselijk mist, ten zuidwesten van het koufront geen mist meer.
Paraaf meteoroloog: HûisKamP