Foto: R.Sluiter
Achtergrond

De Weersverwachting

Op deze pagina vindt u informatie over de meerdaagse tabel met weersverwachtingen van het KNMI en de lange termijn vooruitzichten.

Verwachting vanaf dag 1 tot en met dag 6

De verwachting vanaf dag 1 tot en met dag 6 bestaat uit een tekstverwachting voor vandaag (dag 0) en morgen (dag 1), een tekstverwachting over de vooruitzichten tot en met dag 6 en uit een tabel met de weerinformatie over dag 1 tot en met 6. De verwachting vanaf dag 1 tot en met dag 6 wordt op een aantal momenten tijdens de dag ververst. Dit proces verloopt zowel automatisch via modeloutput als handmatig via de meteoroloog. Dit heeft als gevolg dat tussen 24.00 en 4.00 uur de tekstverwachting over de vooruitzichten tot en met dag 6 nog niet beschikbaar is. De tabel met de weerinformatie over dag 1 tot en met 6 geeft voor elke dag een verwachting voor zeven weerelementen. Dat zijn de volgende elementen:


Zonneschijnpercentage: 
Dit getal geeft aan hoe lang de zon schijnt als percentage (%) van de tijd tussen zonsopkomst en zonsondergang. Voorbeeld: als de dag 8 uur duurt en het zonneschijnpercentage bedraagt 50%, dan zal de zon die dag gemiddeld 4 uur schijnen. Bij een daglengte van 14 uur en een zonneschijnpercentage van 10% zal de zon gemiddeld anderhalf uur schijnen.

Neerslagkans: 
Dit getal geeft de kans als percentage (%)aan dat iemand die zich op een willekeurige vaste plek in Nederland bevindt, op een dag (00-24 uur) neerslag krijgt. Die neerslag is meestal regen, maar kan ook sneeuw of hagel zijn. Het getal zegt dus niets over de duur van de regen: dat kan 10 minuten zijn of 24 uur. Wel is vereist dat er ten minste 0,3 mm neerslag valt, wat overeenkomt met 0,3 liter per vierkante meter. Voorbeeld: als het neerslagpercentage die dag 10% is, verloopt zo’n dag meestal droog. Bij een neerslagpercentage van 30% is er 'mogelijk’ sprake van neerslag. Een neerslagpercentage van 90% betekent ‘een zeer grote kans’ op neerslag.

Neerslaghoeveelheid: 
Dit getal geeft aan hoeveel neerslag er naar verwachting op een dag (00-24 uur) gemiddeld in Nederland zal vallen. De hoeveelheid neerslag wordt uitgedrukt in millimeters (mm). Eén millimeter neerslag komt overeen met een hoeveelheid van 1 liter water per vierkante meter grondoppervlak. Als de neerslag in bevroren vorm valt (sneeuw, hagel) dan bepaalt het smeltwater de hoeveelheid. Voorbeeld: een sneeuwlaagje van ongeveer 10 millimeter dikte komt overeen met 1 millimeter neerslag. De verwachte hoeveelheid neerslag is onafhankelijk van de neerslagkans (zie vorige bullit). 
Voorbeeld: op een bepaalde dag is de kans op neerslag 50% en de verwachte hoeveelheid 10 millimeter. Dat betekent dat er in ruwweg de helft van het aantal gevallen waarin zo’n verwachting gegeven wordt, neerslag zal vallen op een willekeurige vaste plek in Nederland. De meest waarschijnlijke hoeveelheid neerslag gemiddeld over Nederland bedraagt 10 millimeter. Lokaal kan dus aanzienlijk meer neerslag worden gemeten.

Minimumtemperatuur: 
Dit getal geeft aan wat de laagste waarde is in graden Celsius (°C) die de temperatuur aanneemt in de nanacht of vroege ochtend (rond zonsopkomst). De temperatuur wordt gemeten op 1,5 meter hoogte. Vlak bij de grond kan het namelijk enkele graden kouder zijn, vooral bij helder en windstil weer. 
De minimumtemperatuur van dinsdag heeft betrekking op de nacht van maandag op dinsdag. Deze minimumtemperatuur wordt gewoonlijk gemeten op dinsdag rond zonsopkomst, dus aan het begin van de in de tabel genoemde dag. 

Middagtemperatuur:
Dit getal geeft aan wat de hoogste waarde in graden Celsius (°C) is die de temperatuur 's middags bereikt. De temperatuur wordt gemeten op 1,5 meter hoogte. Vlak bij de grond is de maximumtemperatuur gewoonlijk hoger, vooral bij zonnig en windstil weer. De maximumtemperatuur wordt gewoonlijk gemeten om 15 uur wintertijd en om 16 of 17 uur zomertijd.

Windrichting:
Deze letter(s) geven de richting aan van waaruit de wind waait. Hierbij staat N voor Noord, O voor Oost, Z voor Zuid en W voor West. Ook combinaties zijn mogelijk, waarbij NW staat voor Noordwest. In de tabel wordt de windrichting weergegeven die de grootste kans van optreden heeft. Is er geen overheersende richting aan te geven, dan wordt dit aangegeven met VAR. Wanneer er in de loop van de dag belangrijke veranderingen in windrichting worden verwacht, of wanneer er in delen van het land een afwijkende windrichting wordt verwacht, dan wordt de windrichting gegeven die in ruimte en/of tijd het meest voorkomt. Voorbeeld: bij een westenwind beweegt de lucht van west naar oost. De lucht stroomt dan van de Noordzee over de Hollandse en Zeeuwse kust het land binnen.

Windkracht: 
Dit getal geeft de maat aan voor de windsnelheid. De gebruikte schaal is de zogeheten Beaufortschaal van 1 tot 12 (afkorting Bft.). De opgegeven waarden gelden voor de windsnelheid overdag en op open terrein. Vermelding van bijvoorbeeld windkracht 5 laat de mogelijkheid open dat het korte of zelfs langere tijd minder hard waait. Voorbeeld: staat er in de tabel windkracht 5, dan kan aan zee in veel gevallen windkracht 7 worden gemeten, terwijl op beschut terrein windkracht 4 gemeten kan worden. 

Elke beaufortschaal (Bft) kent ook een geschreven windaanduiding:

1 + 2 Bft. = zwakke wind, 3 + 4 Bft. = matige wind, 5 Bft. = vrij krachtige wind,  6 Bft. = krachtige wind7 Bft. = harde wind, 8 Bft. = stormachtige wind, 9 Bft. = storm, 10 Bft. = zware storm, 11 Bft. = zeer zware storm, 12 Bft. = orkaan
 
Voor alle in de tabel gegeven waarden voor weerelementen geldt dat ze de situatie aangeven gemiddeld over Nederland.

Voor de verwachtingen neerslaghoeveelheid, minimumtemperatuur en middagtemperatuur is een marge weergegeven die zo is gekozen dat er een 50% kans is dat de landelijke gemiddelden ervan binnen de aangegeven waarden zullen liggen. De marge zegt alleen iets over de onzekerheid en heeft dus geen betrekking op de geografische spreiding. 

Vooral in gevallen waarin het weer binnen Nederland sterk uiteenloopt, kunnen plaatselijk afwijkingen optreden van de in de tabel gegeven waarden.
Verwachting 7 tot en met 14 dagen vooruit Hoe verder vooruit de uitspraken over het verwachte weer gedaan worden, hoe groter de onzekerheid in de verwachting wordt. De uiterste termijn om gedetailleerde uitspraken te doen, is gemiddeld genomen ongeveer zes dagen. In de verwachting van het KNMI voor de periode van 7 tot en met 14 dagen vooruit wordt daarom slechts in algemene bewoordingen een verwachte trend aangegeven. De prognoses zijn gebaseerd op de wereldwijd verzamelde gegevens van 12.00 UT (Universal Time) van de voorgaande dag.
 

Verwachting 7 tot en met 14 dagen vooruit

Hoe verder vooruit de uitspraken over het verwachte weer gedaan worden, hoe groter de onzekerheid in de verwachting wordt. De uiterste termijn om gedetailleerde uitspraken te doen, is gemiddeld genomen ongeveer zes dagen. In de verwachting van het KNMI voor de periode van 7 tot en met 14 dagen vooruit wordt daarom slechts in algemene bewoordingen een verwachte trend aangegeven. De prognoses zijn gebaseerd op de wereldwijd verzamelde gegevens van 12.00 UT (Universal Time) van de voorgaande dag.

Disclaimer

Het KNMI aanvaardt geen aansprakelijkheid voor het niet of slechts ten dele uitkomen van de verstrekte verwachtingen. De levering van de weergegevens door het KNMI geschiedt onder de voorwaarden als bekend gemaakt in de Staatscourant nr. 226 van maandag 21 november 1988.

 

Niet gevonden wat u zocht? Zoek meer achtergrond artikelen